In de prehistorie had je al speelgoed. Niet alleen bestonden er poppen gemaakt van klei, bot, hout en vacht, maar in het oude Egypte – bijvoorbeeld – speelden ze ook al met ballen. Er zijn daar in ieder geval knikkers gevonden van halfedelsteen afkomstig uit de periode tussen 3000 en 4000 v. Chr. Speelgoed is dus al heel lang kinderlijk gewoon zou je kunnen zeggen. Maar speelgoed blijft altijd relevant en leuk. Ook als je wat ouder wordt, geef toe. Speelgoed is divers: je hebt ballen, actiefiguren, ballonnen, blokken en bordspellen. En Nintendo. Het is net als muziek, er is dus voor elk wat wils. En verhip, er zijn ook speelgoedinstrumenten. Wie is er niet groot geworden met een rammelaar, een trommel, of met een speelgoed-tamboerijn? Vast en zeker ook de artiesten waar we over schrijven in deze battle. Althans, met die gedachte spelen we dan toch. 

Keuze Der Webmeister: Bob Bouber – Ik Wil Me Donaldukkie (1969)

De liefdesbaby van Snollebollekes en Spinvis

Volwassen mannen en hun speelgoed, daar kan een complete psychologische faculteit op afstuderen. Tegenwoordig hebben we hiervoor het eufemisme Gadget, dat klinkt als iets minder kinderachtig, maar het blijft natuurlijk speelgoed. Nou zal er waarschijnlijk niks mis zijn met af en toe weer kind willen zijn, maar sommigen mannen kunnen dan gelijk weer helemaal doorslaan. Vooral mannen en autootjes lijkt een onafscheidelijke, obsessieve combi. Mannen, speelgoed en obsessie: Bob Bouber heeft daar ooit een prachtig nummer over gemaakt.

Wie is nou weer Bob Bouber? De naam zal de meesten waarschijnlijk weinig zeggen, maar de band waarvan Bob zanger en boegbeeld was, ZZ & de Maskers, waarschijnlijk des te meer. Overigens geen familie van ZZ Top, dat u dat weet. ZZ & de Maskers pionierden al in 1962 met beatmuziek en lang haar, en hun muziek klinkt nu, 60 jaar later, op een charmante manier nogal gedateerd. Het zijn veeleer cabareteske chansons, erg braaf, met keurige teksten vol geestigheden, en voor zover je dit al beatmuziek kunt noemen is ook erg braafjes. Het is alsof je naar een zingende Seth Gaaikema zit te luisteren. Maar niettemin, ze waren in 1962 hun tijd erg vooruit, en baanden de weg voor vele andere Nederlandse bands die na hen ouden komen in de Sixties.

Al in 1965 zette de band er een punt achter, en Boubers solocarrière was geen succes, met uitzondering van dit absolute wangedrocht uit 1976. Godallemachtig. Alsof je naar een zingende Youp van ‘t Hek zit te luisteren. Dit is gewoon voor niemand leuk. Beter klikt u niet. Als voor wie toch gaat kijken een waarschuwing vooraf, maar dat soort broeken was nou eenmaal de mode in die tijd.

“Ik wil me Donaldukkie
Ik wil me Donaldukkie
Ik wil me Donaldukkie
van ze terug”

Des te opmerkelijker is dan ook dat Bob tussendoor, in 1969, een hoogst opmerkelijk nummer Ik Wil Me Donaldukkie uitbracht dat zo grappig vervreemdend is dat je je direct gaat afvragen welke psychedelica de beste man genomen heeft, want dat moet heel goed spul geweest zijn. Dit klinkt opmerkelijk fris, als de liefdesbaby van Snollebollekes en Spinvis. Heerlijk! Vooral van het piepkleine woordje ‘ze’ in de laatste regel van de quote hierboven kan ik als taalliefhebber enorm genieten. Het geeft de luisteraar de vrijheid om er helemaal op los te fantaseren wie dat zijn. Ouders? Leraren? Verplegers? Je kunt het zo gek maken als je zelf wilt.

Keuze Quint Kik: Visage – Mind Of A Toy (1980)

Pierrot

Pop pioneer, shoplifter, legend and liability, zo vermeldde zijn necrologie in 2015. Een arrestatie voor winkeldiefstal was het laatste dat ik begin deze eeuw van hem had meegekregen: zwaar onder de antidepressiva had hij geprobeerd om onder zijn jas een Teletubby de speelgoedwinkel uit te smokkelen. De clubpionier, stijlicoon en zanger van Visage gold begin jaren ’80 als het ultieme boegbeeld van de New Romantics-stroming. Die dagen lagen echter ver achter hem en na menige verslaving was hij voor zakenrelaties een bedrijfsrisico geworden. Net toen hij bezig was Visage nieuw leven in te blazen, overleed hij in Egypte aan een hartaanval. Onder zijn kistdragers bevonden zich Boy George en Martin Kemp van Spandau Ballet, graag geziene gasten op zijn feestavonden.

Laten we in plaats van shoplifter en liability eens focussen op die pop pioneer; in Nederland kennen we Stephen Harrington oftewel Steve Strange als het gezicht van die ene new romantics-hit Fade To Grey. ‘Gezicht’ moet je hier vrij letterlijk nemen; op de geflopte single Tar na schreef hij zelf geen noot aan het album. Dat was ook niet nodig, de verdienste van Strange lag in het image van de band: de kleding, de make up en de promotie. De videoclip – een van de eerste van Godley & Creme – staat op mijn netvlies gebrand, al heeft dat ook iets te maken met het moment waarop ik hem op TopPop zag, nadat eerder die middag mijn vriendinnetje uit de eerste klas het met me had uitgemaakt; begeleidt door ijskoude synthesizer-klanken stroomden er hete tranen over mijn zevenjarige wangen.

In Visage kwam nogal wat talent samen: leden van de Rich Kids, Ultravox en Magazine speelden de plaat vol in de studio van Martin Rushent, die goed oplette en een jaar later binnenliep als producer van Dare van de Human League. Drummer en club-DJ Rusty Egan en de latere Ultravox-zanger Midge Ure bedachten het concept samen met Rich Kids-fanboy Steve Strange: Visage was bedoeld als de ultieme soundtrack van de feestavonden die zij organiseerden in de Blitz club. Als gastheer bepaalde Strange wie zich  buitenissig genoeg had uitgedost om naar binnen te mogen en op de dansvloer te poseren, begeleidt door Egan’s DJ-set: een mix van elektronische muziek uit Duitsland en Japan en Bowie. Mick Jagger werd aan de deur geweigerd, voor de Starman zelf werd de rode loper uitgerold.

Behalve met clubavonden en Fade To Grey maakte Strange zich legendarisch met een cameo in de video bij Ashes to Ashes. Hij speelt een van die priesterfiguren, die telkens lijken te buigen voor Pierrot-Bowie. In werkelijkheid moest Strange iedere keer net op tijd zijn jurk wegtrekken, om niet onder die graafmachine te belanden. In het creepy maar catchy Mind Of A Toy – geen carbon copy van Fade To Grey – heeft dit keer hij het Pierrotpak aan en speelt hij met een marionet van zichzelf. Aan het einde van de clip zijn de rollen omgedraaid en speelt een reuzenmarionet met mini-Strange.

When a child throws out a toy
When I was new you wanted me
Now I’m old you no longer see

Uitgespuugd als het speeltje waar een kind op uitgekeken is; de tekst luistert haast als een ongemakkelijke vooruitwijzing naar zijn fall from grace. In Nederland reikte Mind Of A Toy niet verder dan de tipparade; Steve Strange verdiende wat mij betreft beter dan dit voortijdig grafschrift.

Keuze Willem Kamps: Toy Dolls – Nellie The Elephant (1983)

Trumpety trump

The Tubes zongen niet voor niks I was a punk before you were. De punk zoals wij die kennen ontstond midden jaren zeventig, maar de garagerock van de sixties kreeg met terugwerkende kracht ook de naam punk of eigenlijk proto-punk. In de nineties was het punkrock en inmiddels zitten we al weer enkele jaren middenin de post-punk. Benieuwd hoelang we dat gaan volhouden en vooral welke punk er daarna komt. Voor nu richt ik me op de pretpunk, ook seventies. Hier hadden we de Boegies en Kobus Gaat Naar Appelscha. In Engeland hadden en hebben ze Toy Dolls, want ze bestaan nog steeds.

Hoewel punk vooral stond voor autonomie en opstandigheid – schoppen tegen de gevestigde orde en de steeds meer gekunstelde en van spontaniteit gespeende muziek – ging en gaat het bij Toy Dolls nog steeds om de lol. In 1982 hadden zij hun grootste en eenmalige Britse nummer 1 hit: Nellie The Elephant. Oorspronkelijk was het een kinderliedje uit 1956, gezongen door ene Mandy Miller en geproduceerd door niemand minder dan George Martin. Het lied verhaalt over een ontsnapte circusolifant. Nellie is trots om bij de parade voorop te lopen, maar is het zat om elke keer infantiele trucjes te doen; Nellie pakt haar koffer en gaat terug naar de jungle.

Nellie the elephant packed her trunk and said goodbye to the circus
Off she went with a trumpety trump
Trump trump trump

Toy Dolls maakt een feestje van Nellies ontsnapping. Een feestje dat ik nu alvast tip voor de komende jaargang van de Snob 2000, want er staat jaarlijks eigenlijk veel te weinig proto-punk/punk/punkrock/post-punk in de Snob. Deze klassieker van Toy Dolls mag dan ook niet langer ontbreken. Ik verheug me nu al op hun entree; als een klein kind dat verlangend uitkijkt naar zijn verjaardag vanwege de bijbehorende cadeaus: een bal, een step, een trapauto. Of een speelgoedolifant. Ook goed. Trumpety trump, trump trump trump.

Keuze Jeroen Mirck: Renaud – Morgane De Toi (1983)

Ezeltje prik

Stel je voor dat een klein huftertje jouw schepje en emmertje probeert af te pakken, verdedig dan jezelf en prik met je harkje in zijn rug. Die wijze raad gaf vader Renaud begin jaren tachtig aan zijn dochtertje Lolita in de Franse klassieker Morgane De Toi. Een wat onbehouwen maar enorme lieve ode aan zijn kind, die heel Frankrijk ontroerde.

Hier in Nederland is de inmiddels 70-jarige Renaud relatief onbekend, zo bleek eens te meer toen Matthijs van Nieuwkerk en Rob Kemps aandacht aan hem besteedden in het muziekprogramma Chansons. Om bij te dragen aan de aandacht voor deze muzikale rebel, breek ik graag een lans voor Morgane De Toi. Al was het maar vanwege de zelfverdediging met dat harkje in het allereerst couplet. Op YouTube is er een door Renaud’s goede vriend Serge Gainsbourg gemaakte clip te vinden: die nam de voornaam van het meisje wel heel letterlijk en maakte een misplaatste sexy clip met halfnaakte kinderen en daardoor wegens een (misplaatste) leeftijdsbeperking uitsluitend via YouTube te bekijken.

Keuze Jan-Dick den Das: U2 – Kite (2000)

De wind

Een vlieger is een prachtig stuk speelgoed, een lapje stof bijeengehouden door twee baleinen en dun touwtje. De wind doet de rest en kan de vlieger tot grote hoogte brengen. Vaak is de vlieger het onderwerp van menig liedje, kijk eens op het internet en het je zult zien dat het er nogal wat zijn. Hetzelfde geldt voor boeken schijnbaar spreken vliegers tot grote verbeelding. Een bron van inspiratie om woorden te geven aan iets wat hem of haar bezig houdt. In Nederland hebben we natuurlijk onze eigen klassieker die nagenoeg iedereen mee kan zingen; de Vlieger van Hazes.

Who’s to say where the wind will take you
Who’s to say what it is will break you
I don’t know which way the wind will blow
Who’s to know when the time’s come around
Don’t want to see you cry
I know that this is not goodbye

Bono van U2 schreef deze woorden voor zijn vader nadat deze was overleden. Een prachtig mooi liedje van U2, die ook de ondergewaarde playlist heeft gehaald.

De vlieger hoog in de lucht je kijkt er naar en het blijft fascineren. Een metafoor voor het leven, je weet nooit hoe de wind waait en welke kant het op zal gaan, terwijl je toch de touwtjes in handen hebt. Feitelijk heel simpel speelgoed, wat dus een prachtige metafoor voor het leven is, hou het simpel maar wees er zuinig op en laat je leiden door de wind. En soms kan je het zelf een beetje bijsturen door aan het touwtje te trekken.

Keuze Marco Groen: Rammstein – Spieluhr (2001)

Till’s morbide fascinatie

In de tijd voordat online games de de ziel van de jeugd had overgenomen hadden we fysiek speelgoed. Een ding dat vooral de stokoude lieden onder ons bekend zal voorkomen is het vernuftige mechanisme dat speeldoos heet. Zo kan ik mij herinneren dat ik urenlang gebiologeerd kon staren naar een cilinder waar kleine pinnetje op zaten. Wanneer je die met de hand in beweging bracht, dan raakten die puntjes een soort kam met metalen reepjes, die dan een toon voortbrachten. Zet drie tonen op een rij en je hebt al snel iets dat op muziek lijkt. Zo kon het cilinder een kort liedje ten gehore brengen. Varianten hiervan waren ook in de omloop, zo waren er muziekdozen met verwisselbare schijven, zodat je af en toe een ander liedje kon horen. Redelijk bekend zijn de exemplaren met een soort trekveer, zodat je zelf helemaal niets meer hoefde te doen. Ook waren er versies in omloop waarin een soort uurwerk ingebouwd zat. Over dat laatste schreef Till Lindemann van Rammstein een nummer.

Het helemaal opgaan in zo’n speeldoos (niet als seksueel woordgrapje bedoeld) was blijkbaar gemeengoed, als we de teksten van Lindemann luisteren. Het nummer Spieluhr gaat namelijk over een kind dat dusdanig in de ban raakt van een speeldoosje, dat hij in een soort cataleptische toestand terecht komt. Elk contact met de buitenwereld wordt verbroken en er is geen zichtbare lichaamsactiviteit. Die is dood dacht dat onwetende buitenwereld, waarop het jongetje samen met zijn speeldoos ter aarde werd besteld. Luguber? Ja, Rammstein heeft nogal een patent op teksten die je wat ongemakkelijk laten voelen. Het vrolijk klinkende Spieluhr, waarop Khira Lindemann te horen valt, is daar geen uitzondering op. Khira is het resultaat van een kortstondige relatie tussen de ex-vrouw van Till Lindemann met Richard Kruspe, de gitarist van de band. Het ongemakkelijke element zit wat dat betreft meerdere malen in het nummer verwerkt.

Op een bepaald moment komen zowel de muziekdoos als het jongetje weer tot leven. De speeldoos speelt; het jongetje zingt. Dit heeft tot gevolg dat mensen tijdens Dodenzondag (ook wel Eeuwigheidszondag genoemd) op de begraafplaats muziek uit de grond horen komen. Na wat verbazing wordt het jongetje weer opgegraven, waarbij uit de tekst niet helemaal duidelijk wordt of het ventje wel of niet meer leeft. Overigens is Dodenzondag een Lutherse traditie, wat in het teken staat van het herinneren van de overledenen. Dit was ooit een initiatief van de Pruisische koning Frederik Willem III, een warhoofd die waarschijnlijk vergeten was dat er zoiets als Allerzielen bestaat.

Spieluhr is te vinden op het album Mutter, het doorbraakalbum van Rammstein in Nederland.

Keuze Alex van der Meer: Iamamiwhoami – Chasing Kites (2014)

De vlieger gaat op

Als ik terugdenk aan mijn jeugd, dan was er speelgoed waar ik veel plezier aan had. Maar er was ook speelgoed waar ik niet veel mee kon. Van vliegers moet ik meerdere exemplaren hebben gehad in de loop van de tijd, maar of ik er ooit één daarvan goed de lucht in heb gekregen? Volgens mij was het vooral de frustratie wat een grote hoogte wist te bereiken. Teleurstellend speelgoed dus. De vlieger ging niet op. Voor iamamiwhoami staat de vlieger ook voor teleurstelling. Althans, dat denk ik vanwege de tekst van het nummer Chasing Kites. Hierin lijken namelijk vliegers symbool te staan voor iets wat – tegen beter weten in – niet beheersbaar is. Het voelt voor mij herkenbaar.

Waste my youth chasing kites
I know will blow out of my hands

Jonna Emily Lee (ionnalee) is een Zweedse singer-songwriter. Samen met producer/multi instrumentalist Claes Björklund startte ze in 2009 het project Iamamiwhoami. In 2017 was er een einde, maar dit jaar is er gelukkig sprake van een doorstart. Dat is voor zeker heel goed nieuws. Iamamiwhoami maakt niet alleen heel toffe Electro-popmuziek, maar doet er meer mee. Deze Zweedse artistiekelingen gaan een stap verder en maken uiteindelijk prachtige audiovisuele series (te volgen via YouTube). Elk nummer is binnen zo’n serie een eigen episode.

Chasing Kites is onderdeel van de serie uit 2014 met de naam Blue. Het is de zevende episode daarvan. De combinatie van Electropop met de verhalende beelden is bijzonder. Je kunt er echter ook prima voor kiezen alleen al te luisteren naar de muziek. De songs zijn meer dan uitstekend en van een consistent hoog tot zeer hoog niveau. Chasing Kites is één van die vele hoogvliegers. De vlieger gaat hier dus wél op, dat is duidelijk.

Keuze Joop Broekman: Rammstein – Puppe (2019)

De waanzin

Mijn liefde voor Rammstein is er al vanaf 1995. Toen ik bij Kink FM voor het eerst Wolt Ihr Das Bett In Flammen Sehen? hoorde was ik meteen verkocht. En natuurlijk werd de liefde wel eens op de proef gesteld, zoals bijvoorbeeld met het album Rosenrot uit 2005. Hierop is duidelijk te horen dat de zes heren aan een lange vakantie toe zijn. Vier jaar later waren ze weer helemaal terug met Liebe Ist Für Alle Da, waarbij de bombast en wansmaak elkaar flink bevochten over wie er als eerste over het randje mocht gaan. Er volgen dan nog bijzondere live- en verzamelwerken, maar een nieuwe schijf blijft uit.

In 2019 wordt de stilte bruut verstoord. Rammstein lanceert de single (en video) Deutschland, dat door velen verkeerd begrepen wordt. Tsja, dat krijg je er van als je in hokjes denkt. Ook komt er een nieuw album aan. Een half jaar eerder heb ik al een kaart gescoord voor hun concert in De Kuip, zonder dat ik wist wat me te wachten stond. En daar krijg ik geen spijt van. Het is behoorlijk warm in het stadion van mijn favoriete Nederlandse club, maar ik beleef vrijwel vooraan bij het podium een meer dan prima avond. En ik niet alleen.

Het nieuwe album heb ik dan uiteraard al in huis en grijs gedraaid. De mannen klinken in topvorm en de gitaren overheersen. Wel duurt het even voordat het nummer Puppe in mijn systeem zit. Dat lijkt aanvankelijk een vreemde eend in de bijt. Eigenlijk is het meer een verhaal dan een liedje. Een jongen wordt ’s morgens alleen gelaten door zijn zus die naar haar werk (het oudste beroep ter wereld) moet. Om de eenzaamheid tegen te gaan heeft hij van haar een pop gekregen. Haar werkplaats is in de kamer ernaast en op een dag ziet de jongen door het sleutelgat hoe het leven uit zijn zus geslagen wordt. Of het nu door de moord of zijn toestand komt, de waanzin is compleet in het refrein en barst dan helemaal los. Op dit album kreeg de wansmaak er een nieuwe dimensie bij. Wat is liefde toch geduldig.

Keuze Tricky Dicky: Mecano Un-Ltd – Noble Bliss (2020)

Wederopstanding

In mijn jeugd waren er geen computers voor consumenten, geen GSM en behalve op woensdag- en zaterdagmiddag geen (kinder)televisie-uitzending. Tegenwoordig nauwelijks meer voor te stellen, maar tegelijkertijd moesten we ons zelf vermaken door gebruik van fantasie, boeken (en strips) en speelgoed. Of je kon natuurlijk gewoon lekker buiten spelen, want het aantal auto’s door de straat waren vaak op een hand te tellen. Obesitas was zoiets als de verkeerd gespelde naam van het neefje van Obelix.

Ik vond het heerlijk buiten te spelen. Bovendien hadden ouders nog niet de angst voor vreemde mannen of voortrazend verkeer. Stoepranden, voetballen, knikkeren, tikkertje of gewoon gek doen met vriendjes. Tegelijkertijd kon ik mij heel goed binnen vermaken, want ik was in de gelukkige omstandigheid genoeg speelgoed en leesvoer te hebben. Mijn favorieten waren mijn trein, lego en mecano. De laatste is een set van ijzerwaren met schroeven, moertjes en bouten om (soms technische) dingen mee te bouwen. Hoe leuk ik het toen ook vond, de liefde is niet lang blijven hangen want vandaag de dag is dingen in elkaar zetten meer een ergernis geworden (met dank aan Ikea). Op de Middelbare school werden voetballen en muziek zo wie zo mijn favorieten. De eerste kan ik helaas niet meer, maar de laatste is min of meer een obsessie.

Goed, terug naar het speelgoed; het onderwerp van deze battle. Mecano, want vorig jaar ontdekte ik de nieuwe single van Mecano Un-ltd. Oorspronkelijk heette de in 1977 opgerichte band Mecano. Eerst Punk en toen New Wave. Sindsdien zijn er drie reïncarnaties geweest, maar kunstschilder en zanger Dirk Polak is de constante factor. Sinds 2013 is Un-Ltd aan de naam toegevoegd. Het lied Noble Bliss heeft niet alleen een hele mooie blikvanger (de YouTube clip), maar is ook een fantastisch nummer dat steeds weer uitnodigt om gedraaid te worden. Een tikje donker, maar dat voegt juist de charme toe. Elk moertje en boutje klopt aan deze intrigerende track. Wederom wordt aangetoond dat er heel veel goede muziek in de Nederlandse klei te vinden is. Dankzij de mediakanalen van vandaag de dag allemaal terug te vinden. Ik adviseer je dit ook te doen, want op de radio draaien ze alleen maar banale mainstream van jongens en meisjes die allemaal hetzelfde klinken.

Keuze Remco Smith: Mavis Staples – Move Along Train (2022)

Treintjes

Move Along Train van Mavis Staples gaat natuurlijk niet over speelgoed. Maar dat kan me niet schelen. Ik heb vroeger veel met treintjes gespeeld (Marklin met name) dus dan mag dit liedje.

Belangrijker nog: Move Along Train staat op Carry Me Home, dat vorige week is uitgekomen. Als op deze plaat niets had gestaan over een trein maar wel over een paard, had ik iets over een speelgoedpaard verzonnen. Als vandaag de battle ging over de zee, dan had ik iets verzonnen waarom ik toch over deze plaat zou kunnen schrijven (Wide River To Cross bijvoorbeeld, want rivieren komen uiteindelijk uit in de zee). Was het een battle over posters boven mijn bed, dan had ik verzonnen dat Mavis Staples boven mijn bed hing. Werkelijk alles had ik aangegrepen om over Carry Me Home te schrijven. Want wat een ongemeen mooie gospelplaat hebben Mavis Staples en Levon Helms zo’n tien jaar geleden gemaakt.

Even wat achtergrondinformatie. Staples is de Soul- maar vooral Gospelzangeres van de legendarische Staple Singers. Inmiddels 82 (net als ik geboren op 10 juli!) en ze treedt nog steeds op, deze juni bijvoorbeeld op Best Kept Secret. Levon Helm was de legendarische zanger en drummer van The Band. In 2012 was Helms herstellende van keelkanker. Helm had Staples uitgenodigd voor de door hem georganiseerde Midnight Ramble concerten (bron: OOR). Liedjes van The Band en van Staples Singers. Een tijdje later was de kanker weer terug en een jaar na de opnamen was Helm overleden. Al die tijd heeft de muziek op de plank gelegen.

Wat de aanleiding is om de muziek nu weer uit te brengen weet ik niet. Het doet er niet toe. Staples zingt geweldig. De arrangementen zijn spot-on, met blazers, passende backing vocals. Het is zo onwaarschijnlijk mooi. Een plaat die je blijft draaien en draaien. Doe jezelf een plezier en dompel je onder in deze muzikale pracht. Ontroerend mooi.

2 comments

  1. 2x Rammstein! Ook wat mij betreft top, jawel.

    Spiehluhr vind ik een fascinerend nummer. Als iemand het album waar het op staat vooral waardeert om de singles (nummers 1-6) dan zou ik dat best kunnen begrijpen, maar Spieluhr zit nog meer “in mijn systeem”;).

    En meer nog bij het Rammstein-album uit 2019: Puppe is geweldig (wan)smakelijk inderdaad!

  2. Oh jongens, wat een gemiste kans.Het ultieme speelgoedlied is toch gewoon Vlieger van Andre Manuel/Fratsen:
    Daar hoog in de bomen, gejaagd door de wind
    Hangt stil en verlaten een vlieger en kind
    Ik had nog gezegd laat die vlieger nou los
    Maar ‘t kind wou nie luisteren
    en nu hangt ie in ‘t bos…

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.