Ondergewaardeerde Liedjes


B.B.B.: de Beach Boys Battle

Het kon niet uitblijven natuurlijk. We hadden al een Beatles en Stones-battle gehad, maar die andere – ietwat ondergewaardeerde – band uit de jaren zestig komt er zelfs bij ons karig van af: slechts één blog! Daar moet verandering in komen, want wanneer je één van de meest iconische albums uit de jaren zestig gemaakt hebt is minimaal een battle op z’n plaats.

Bovendien is oktober een belangrijke maand geweest voor de Beach Boys. Hun allereerste single Surfin’ is toen opgenomen. en de albums Surfin’ Safari, Little Deuce Coupe en Beach Boys Concert werden uitgegeven. En tevens kwam in deze maand het  historische album The Smile Sessions uit: in 1965 startte Brian Wilson met Smile en deze werd 46 jaar later alsnog uitgebracht. Natuurlijk kunnen we niet om Pet Sounds heen, maar er is zoveel meer! Luister en huiver!

Keuze Annemarie Broek: Fun, Fun, Fun (1964)

Keuringscommissie

Ik liet een foto van de Beach Boys aan mijn ouders zien. Ze vonden het wel nette jongens, dus er was geen bezwaar om Fun, Fun, Fun van de Beach Boys aan te schaffen. Want al die andere artiesten in 1964 vielen onder de noemer ‘langharig werkschuw tuig’. Echt waar.

Ook kon het plaatje hun waardering wegdragen. Dat was pas muzikaal! Desondanks bleef ik het een heel goed nummer vinden. Was toen al van de close harmony, die in mijn ogen in Nederland geen waardige vertegenwoordigers had. Toen niet en nu nog steeds niet.

Het mooiste aan dit nummer was de absoluut cryptische tekst over een daddy die de piepers threw away. Pas toen ik de echte tekst onder ogen kreeg besloot ik dat dit mijn favoriete nummer was. Een meisje krijgt onder valse voorwendselen de sleutels van haar vaders T-bird (Ford Thunderbird) waarmee ze dolle streken uithaalt, tot groot verdriet van haar vriendinnetjes.

Echt een macho meisje, en dat in 1964. Als ze na een hoop schade te hebben berokkend de sleutels moet inleveren, wordt het pas echt leuk want dan gaat ze een ander soort avonturen beleven met haar vriendje now that daddy took the T-bird away. Dat had ik toen moeten weten! En anders mijn ouders wel …

Van de B-kant Why Do Fools Fall In Love herinner ik me niks meer. Misschien had het in ons landje een andere flipside?

Keuze Joop Broekman: That’s Not Me (1966)

Mooi spiegelbeeld, eh

In 2016 bestond het album Pet Sounds 50 jaar. En ik had dit album nog niet in de kast. Er kwam een leuke jubileumeditie uit. Meteen ook een goede voorbereiding op de tribute in het Concertgebouw, in de zomer van hetzelfde jaar. Dat werd een erg mooie avond. Pop-professor Leo Blokhuis vertelde die avond over de band (die in 1969 op dezelfde plek optrad) en diverse bekende en minder bekende Nederlandse artiesten speelden nummers van de Californische band. In de tweede helft van de avond stond natuurlijk Pet Sounds centraal. Alle artiesten deden zichtbaar (en natuurlijk ook hoorbaar, duh) hun best. Het publiek genoot, en een knaller als Good Vibrations werd nou ook weer niet zo heel erg hard gemist tussen al die mooie songs

Al Jardine, Mike Love en de broers Wilson waren verschillende persoonlijkheden, en dat moest op een of andere manier goed in de blender. Voor de vocalen waren ze goed genoeg, maar de meeste instrumenten zijn hier bespeeld door Brian Wilson en studiomuzikanten (zoek The Wrecking Crew maar eens op). Op Sloop John B. na waren alle nummers door Brian (vaak met hulp van Tony Asher voor de teksten) gecomponeerd, en hij produceerde het album ook. Een jaar eerder raakte hij geïnspireerd door de Beatles, het laatste aanzetje tot het bedenken van Pet Sounds. Hij was ondertussen wel klaar met liedjes over surfen en auto’s, en toe aan wat moeilijkere onderwerpen. Daarnaast zat hij zó vaak in de studio, dat geen enkel knopje voor hem nog onbekend was. Hij experimenteerde met klassieke instrumenten en geluidseffecten. En dat is op Pet Sounds goed te horen. Ga er maar eens goed voor zitten, mocht je de plaat nog niet kennen.

Een nummer uitkiezen is lastig, maar mijn gehoor viel op That’s Not Me. Dit nummer valt eigenlijk een beetje uit de toon op Pet Sounds. Het klinkt, vergeleken bij de rest, meer als een rechttoe rechtaan song. Wel met een zware tekst. Psychedelische drugs deden Brian eens goed naar zichzelf kijken (toen nog wel). En daarbij kwam het nodige naar boven.

I’m a little bit scared
Cause I haven’t been home in a long time
You needed my love
And I know that I left at the wrong time
My folks when I wrote them
Told ’em what I was up to said that’s not meI went through all kinds of changes
Took a look at myself and said that’s not me
I miss my pad and the places I’ve known
And every night as I lay there alone I will dream

Met wat we nu weten, bleek het een nogal enge metafoor voor later. Pet Sounds deed het in de Verenigde Staten niet echt geweldig, maar werd een succes in Europa. Dus de volgende plaat moest nóg beter worden. In een notendop: dat mislukte. En in Brian’s hoofd kwam het definitief niet meer goed.

Keuze Danny den Boef: I’m Waiting For The Day (1966)

Enorme zee aan slaginstrumenten

Van veel grote artiesten is het een enorme schok als ze al dan niet vrij onverwachts komen te overlijden. De laatste jaren lijkt de stroom haast eindeloos. Ik zou dit schrijfsel kunnen vullen met enkel een lijst van ontvallen namen. Tragisch, maar helaas een onvermijdbaar onderdeel van het leven. Niet alleen wij worden ouder, ook de muzikale pioniers die al een jaar of 40/50/60 jaar meegaan worden dat.

Toch is het tegenovergestelde ook het geval. Je vraagt je af hoe het in godsnaam mogelijk is dat deze personen nog rondlopen. Iggy Pop, Keith Richards, Ozzy Osbourne en nog een aantal generatiegenoten. Wellicht één van de meest tot de verbeelding sprekende personen in dit laatste rijtje is Brian Wilson. De inmiddels 77-jarige Beach Boy beweegt zich nog steeds voort.

De man die vanaf de jaren ’60 tot één van de meest vernieuwende, baanbrekende, revolutionaire en unieke creatieve muzikale geesten gerekend kan worden én die als eerste als schrijver, arrangeur, producer en zanger de credits kreeg, is al vele jaren eigenlijk niet meer echt op stem. Als je hem op zit treden de laatste laten we zeggen 15 jaar, is het eigenlijk ronduit treurig. Vele jaren van psychische problemen, zeer overmatig gebruik van ‘middelen’ en nog een hele batterij aan zaken hebben er zichtbaar ingehakt. Maar toch. Het is en blijft Brain Wilson. Het Chupa Chups logo, hoe uitgekauwd en wellicht afzichtelijk ook, is en blijft ook nog steeds een Salvador Dalí (echt waar, Google maar).

Laten we ons focussen op de periode waarin de haast obsessieve creativiteit een hoogtepunt bereikte, de jaren ’60. Na angst- en paniekaanvallen, gecombineerd met drugs en psychische problemen, besloot Wilson halverwege het decennium een punt te zetten achter zijn liveoptredens. Het gaf hem de ademruimte om zich volledig te storten op het creëren van albums. Als een bezetene ging hij terwijl de rest van de band aan het optreden was aan het werk met het album Pet Sounds. Het moest het grootste Rock ’n Roll album aller tijden worden. Alle technieken werden uit de kast getrokken en haast dag en nacht ging Wilson los op in de productie. Met de meest uiteenlopende instrumenten creëerde hij achter een enorme Wall of Sound zijn eigen universum. Een groot deel van zijn inspiratie deed hij op onder invloed van LSD en marihuana. Hij kreeg zelfs muzikale hallucinaties die op hun beurt ook weer bijdroegen.

Het leverde uiteindelijk een baanbrekend album op, dat destijds niet bepaald enthousiast ontvangen werd. Het had even nodig zullen we maar zeggen. Toch staan er nummers op het album als Wouldn’t It Be Nice, Sloop John B en natuurlijk de tijdloze classic God Only Knows.

Ik heb zelf altijd een bijzondere fascinatie gehad voor nummer 5 van het album, I’m Waiting For The Day. Het nummer is vrij letterlijk een klap op de neus door het welkom van een enorme zee aan slaginstrumenten. Daarna bouwt zich een muur aan geluid op waar Trump jaloers van wordt. Het geheel overdonderd nogal. Tekstueel niet heel spannend, maar muzikaal groots, overdonderend, krachtig en ‘in your face’. De briljante creatieve geest van Brian Wilson op volle oorlogssterkte. En dat is een genot.

Het zal nooit het grootste, beste, of bekendste nummer van het album worden. Ik bedoel, kom maar eens over God Only Knows heen. Precies. Toch is het wel één van mijn favorieten en die deel ik uiteraard graag met jullie. Bij deze.

Keuze Remco Smith: I Know There’s An Answer (1966)

Bert

Als tiener is het lastig zat om je eigen koers te varen. Laveren tussen wat je zelf mooi vindt en wat je volgens de massa mooi zou moeten vinden. Ik had daar als vierde-vijfdeklasser middelbare school last van in ieder geval. Met een schuin oog kijkend naar het stoere deel van de klas (M/V) maar daar geen aansluiting vinden. En zo laveerde ik door de klas zonder met iemand echt contact te hebben. Ik meen dat ik in de vierde klas naast Bert zat, maar dat weet ik niet eens zeker eigenlijk. Bert hoorde zeker niet tot het stoere deel van de klas. Beetje iel. Rossig. Niet echt uitgesproken of opvallend. Maar naarmate ik hem beter kende kon ik hem zeer waarderen.

Op een dag vertelde hij opeens over zijn muzikale voorkeur. Queen en de Beach Boys. Toen heb ik hem toch hard uitgelachen. De Beach Boys? Met dat surfgedoe? Die jaren ’60 kneuterigheid? Hou op joh. Luister nou gewoon eens, zei Bert, want het is geweldig. Ja ja, zal ik hebben geantwoord.

Jaren heb ik niet aan de Beach Boys gedacht. Ook niet aan Bert trouwens. Tot ik in maart 2003 mijn favo-platenzaak binnen stapte: Kroeze in Nijmegen. En daar stond Pet Sounds. Voor nog geen € 6 meen ik. Ik dacht aan Bert en heb Pet Sounds meegenomen en thuis zonder al te veel verwachtingen aangezet. Ik werd toen overvallen door de schoonheid van de Beach Boys. Het precieze in de liedjes. De melancholie. En vooral de samenzang. De koortjes. Ongeëvenaard. I Know There’s An Answer viel mij meteen al op. Brian Wilson klinkt daarin verbeten, alsof hij weet dat er een antwoord is, maar waar o waar? Later heb ik de verhalen gelezen over het verval van Wilson, die Paul McCartney (die hem met Pet Sounds wilde complimenteren) niet te woord durfde te staan. Die jarenlang niet buiten kwam en zichzelf verwaarloosde. En toen dacht ik aan I Know There’s An Answer en hoopte voor hem dat hij dat antwoord ooit nog zou vinden.

Tussen Queen en mij is het nooit goed gekomen. De eerste kennismaking was met het vreselijke Radio GaGa en daar ben ik niet overheen gekomen. Maar Pet Sounds heb ik in mijn hart gesloten. En Bert, die in het jaar van Soul II Soul, Neneh Cherry en Milli Vanilli, vol voor de Beach Boys ging, zonder zich druk te maken over de smaak van de massa, bleek aanzienlijk stoerder dan destijds gedacht.

Dat I Know There’s An Answer ook nog een curieuze bijvangst had is dan weer niet meer dan een voetnoot in de muziekgeschiedenis.

Keuze Jeroen Mirck: Caroline, No (1966)

Voor een Beach Boys-battle kan ik niet om Pet Sounds heen. Dat is onmiskenbaar het beste album dat Brian Wilson en zijn strandjongens ooit hebben gemaakt. Misschien ook wel het allereerste conceptalbum en daarmee ongetwijfeld een inspiratiebron voor Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band, het meesterwerk dat The Beatles een jaar later uitbrachten. Als ik dan toch ga putten uit Pet Sounds, zou ik het eigenlijk willen hebben over God Only Knows, dat misschien wel het beste popliedje aller tijden is. Maar ja, dat vindt Paul McCartney ook en in de Top 2000 staat deze geniale, tijdloze compositie op plek 46 (veel te laag, potverdrie!), dus wordt het iets anders. Dat is op zich geen probleem bij de muzikale grabbelton die Pet Sounds is.

Laten we dan inzoomen op het slotnummer: Caroline, No. Brian Wilson schreef het samen met Tony Asher. Door een onderling misverstand verstond Wilson de oorspronkelijke titel Carol, I Know verkeerd, maar het duo handhaafde de verspreking omdat die beter paste bij de verdrietige toon van de compositie. Los van de tekst (over het meisje Caroline dat haar onschuld heeft verloren) wordt de toon ook gezet door de instrumentkeuze: fluit, klavecimbel en tamboerijn. Oorspronkelijk nam Wilson het nummer op als solo-productie, maar het werd uiteindelijk de afsluiting van het toch al goeddeels door hemzelf gemaakte Beach Boys-album Pet Sounds. Speciaal voor die afsluiting voegde Wilson extra slotgeluid toe na de fade van het nummer: een passerende trein en twee blaffende honden. Dat zijn trouwens Wilsons eigen honden Banana en Louie.

Wat Caroline, No zo onweerstaanbaar maakt, is de spannende ingetogenheid. De zanglijn en het instrumentarium lijken te zweven door de ruimte, alsof Wilson vergeefs op zoek is naar deze fictieve Caroline. Zo wordt de sfeer fraai neergezet met beperkte middelen. Pet Sounds eindigt dus niet met een grote knal, maar prachtig in mineur. Zoals alleen Brian Wilson dat kan.

Keuze Willem Kamps: Vegetables (1967)

Kasplantje

Ik ben opgegroeid met een voorkeur voor Britse en Nederlandse popmuziek. Kinks, Stones, Small Faces, Beatles uiteraard – al was dat vooral door een buurjongen – en natuurlijk Golden Earrings en Q65. Mijn eerste plaatje was Bald Headed Woman van de Haagse Jay Jays (voorheen Jumping Jewels). Popmuziek uit de V.S. werd wel gehoord, maar veel minder aangeschaft. Zo waren de Beach Boys een soort van not done. De zang, de klankkleur van hun stemmen, het cleane gitaargeluid of, beter, de weinig nadrukkelijk aanwezige gitaar – het was allemaal te netjes.

God weet waarom ik pas veel later in zwijm viel bij God Only Knows, Pet Sounds kocht en geïntrigeerd raakte door het Smile-verhaal. Beatles en Beach Boys (lees: Paul McCartney en Brian Wilson) inspireerden elkaar en trachtten elkaar te overtroeven; Rubber Soul leidde tot Pet Sounds en na Revolver werkte Wilson aan Smile. Nadat hij Strawberry Fields Forever had gehoord, gooide Wilson de handdoek in de ring en stopte met Smile. They did it already, zou hij hebben gezegd. Smile was overbodig. De rest is geschiedenis. Pas in 2004, 37 jaar later, bracht hij het album alsnog uit. Wel verschenen er meerdere songs van Smile op Smiley Smile, wat in feite een letterlijk uitgeklede versie was van het beoogde Smile, ook in de lo-fi productie.

Smiley Smile was geen groots succes. Later, mede door alle mysteries rondom het nog niet uitgebracht Smile, werd het meer en meer op waarde geschat. Een van mijn favorieten is Vegetables. Brian Wilson was zijn tijd ver vooruit met zijn obsessie voor een gezond lijf en wilde iedereen ervan doordringen hoe goed het was om groenten te eten. Overigens was zijn vegetatieve staat door het gebruik van marihuana een bijkomstige, maar geheel andere inspiratiebron voor het nummer. Bijzonder: het geluid van kauwen op verse groenten gaf het ritme aan, waarbij het verhaal gaat dat de in de studio aanwezige Beach Boys-fan Paul McCartney (wat later door hem is bevestigd) de selderij deed.

Juli 2004 ben ik getuige van een integrale uitvoering van Smile (en dus ook Vegetables) in de Haagse Prins Willem-Alexanderzaal. Brian Wilson zit vooraan op het podium, achter zijn piano. Hij is dan 62 maar toont ouder, komt kwetsbaar en onzeker over en zijn stem is breekbaar, maar wat wil je na decennia van psychische wankelmoedigheid, drugsgebruik en totale apathie? Wat een geweldige muziek en wat maakt het uit dat hij niet meer het bereik heeft van de jaren zestig? Met een ietwat onbeholpen motoriek is hij de hele avond het stralend middelpunt en lijkt daar net zo verbaasd over te zijn als het publiek, dat nooit meer had verwacht dat Brian uit zijn vegetatieve toestand zou ontwaken.

Keuze Alex van der Meer: Friends (1968)

Wij zijn twee vrienden, jij en ik

Het album Friends is welhaast een vergeten klassieker. Ik snap dat het lastig kan zijn als album om je uit de schaduw van een album als Pet Sounds te worstelen, daarom wil ik hierbij Friends even flink in het zonnetje zetten. En dan met name ook het titelnummer.

Ik kan wel goed trouwens met de Beach Boys. Al vele jaren. In goede tijden, en wanneer ik moet huilen, ik kan altijd op de muziek van ze rekenen. Er zijn meer dan genoeg mooie albums. Friends is één van hun beste. Het is een kort album, twaalf nummers in een tijdsbestek van 25 minuten, gevuld met vriendelijke liedjes. Het is wat mij betreft zelfs mijn favoriete The Beach Boys album ná Pet Sounds. Waarom? Ik denk dat het met name ook komt – naast de prachtliedjes – door de consistentie. Het is een echt groepsalbum.

Het nummer Friends was de enige single van het album en is geschreven door Brian, Carl en Dennis Wilson, samen met Al Jardine. Het werd geen grote hit, en dat snap ik ook wel een beetje. Is het niet wat te lief, te vriendelijk?

Let’s be friends
Let’s be friends

Niet wereldschokkend, zou je denken, maar wellicht is het juist de geborgenheid en de vriendelijke boodschap die ook nu in deze bizarre en hectische wereld iets moois tot stand weet te brengen. Dat gevoel van: wij blijven altijd bij elkaar, al worden we meer dan honderd jaar. Dit nummer is dus juist prachtig, tot de laatste snik.

Keuze Marcel Klein: Time To Get Alone (1969)

Top Pop

In 1982, toen Top Pop nog op de tv was, stond er begin van het jaar een liedje in de top 40, waarvan mijn moeder zei toen ze het hoorde: Hee, dat is een origineel van The Beach Boys, volgens mij heeft je vader hier nog een plaat van. Het nummer wat ze hoorde was The Lion Sleeps Tonight van Tight Fit en alhoewel ze het natuurlijk niet goed had (het nummer werd bekend gemaakt door The Tokens, kroop ik na de uitzending van Top Pop in de platenkast van mijn vader en vond inderdaad een LP van The Beach Boys. Live In London was daarna te vinden bij mijn LP’s en heb ik die jaren veel gedraaid. Toen ik in voorbereiding op deze battle via Spotify dit album nog eens luisterde, kon ik zelfs na al die jaren de aankondigingen van die nummers nog voor de geest halen.

Nu ben ik verder nooit groot liefhebber van de band geweest, maar er zitten we een aantal mooie albums en nummers tussen. Voor deze battle heb ik weer een aantal van hun albums beluisterd en ben uiteindelijk uitgekomen bij 20/20. Het is een verrassend album. Niet alleen staan er een aantal bekende tracks op die ook op de Live in London elpee stonden (Do It Again en Bluebirds Over The Mountain, maar het blijkt ook een album te zijn wat eigenlijk alleen tot stand is gekomen doordat er contractuele verplichtingen waren. Het is opgebouwd uit allerlei song ideetjes, covers, zodat je zou verwachten dat het een samenraapsel is, toch is het een verrassend goed geheel.

Brian Wilson is hier al bijna afgehaakt en staat niet op de hoesfoto, maar levert nog wel een belangrijk deel van de teksten af. Maar eigenlijk was de situatie al onhoudbaar. Het nummer Time To Get Alone  is een klein miniatuurtje op dit album. Brian Wilson had dit oorspronkelijk geschreven voor de band Redwood (later Three Dog Night) en zij namen het ook als eerste op, maar op dit album deden The Beach Boys het ook. En eerlijk gezegd: een stuk beter ook.

Het nummer is (zo lijkt het) perfect voor de band. Positieve teksten, rustige en mooie meerstemmige samenzang, waarbij de muziek haast een ondergeschoven kindje lijkt maar wanneer je goed luistert, juist een extra dimensie aan het nummer mee geeft. Vaak heeft een verplicht album als dit een negatieve ondertoon, maar daar is hier niet iets van te merken. De structuur van het nummer zou er voor kunnen zorgen dat het een mierzoet werkje wordt, maar juist door het geheel is dat het niet. Een typisch Beach Boys nummer op een album wat eigenlijk het einde van Brian Wilson bij de band in luidde. Op het album Live In London is hij al niet meer te horen.

Uiteraard heb ik ook nog eens rondgeneusd op het internet. Mijn moeder was niet de enige die de Beach Boys herkende in The Lion Sleeps Tonight, maar de Beach Boys hebben het nooit gespeeld of opgenomen. Vaak wordt de band toch genoemd bij de versie van The Tokens.

Keuze Carlo Deuten: Add Some Music To Your Day (1970)

Muzikaal advies! – Op recept!

Met het verkeerde of goede been uit bed?
In de stemming  of gevalletje het is uit met de pret?

Een prachtige mooie dag of a bad day?
Een duidelijke ja of juist nee?

Ziek, zwak en misselijk of  fris, fruitig en fit?
Zwart of wit?

Zaterdagavond laat of zondagochtend vroeg?
Begin van het weekend of nog een volle werkweek voor de boeg?

Ontslag of een nieuwe baan?
Een lach of een traan?

Thuis of onderweg?
Klavertje 4 of dikke pech?

Feestje of thuis onderuit gezakt op de bank?
Een compliment of stank voor dank?

Moe of vol energie?
Werkelijkheid of fantasie?

Verliezer of winnaar?
Muziekliefhebber of cultuurbarbaar?

Zit het tegen? Of zit het mee?
In alle gevallen heb ik een welgemeend advies: Add Some Music To Your Day!!!

Keuze Tricky Dicky: Student Demonstration Time (1971)

Onrust

In 1971 kende ik de Beach Boys alleen van de meerstemmige mooie zang en viel van verbazing van mijn stoel toen ik Student Demonstration Time hoorde met hard gitaarwerk, een sirene en een rare stem. Het was de vreemde eend in de bijt op het album Surf’s Up. Het klonk wel bekend, maar anno 2019 weet ik dat een aanpassing op Riot In Cell Block Number 9 uit 1954 is. Het stemgeluid was vervormd, omdat door een megafoon gezongen werd en op deze manier de indruk wilde wekken dat een toehoorder de menigte toeschreeuwt.

Het werd in Nederland een mager hitje: slechts vijf weken in de Top 40 met de 21ste plek als hoogste positie. In Engeland draaiden ze uitsluitend de flipzijde Don’t Go Near The Water en in de V.S. werd Student Demonstration Time (niet geheel verbazingwekkend) niet als single uitgebracht.

Surf’s Up was ook het eerste album waar de Beach Boys het lieve imago loslieten en hun sociale bewogen kant laten horen, want Student Demonstration Time was een reactie op de nodeloze dood van vier studenten aan Kent State door de Ohio National Guard toen zij tegen de oorlog in Cambodia protesteerden. De zestiger jaren waren zo wie zo een onrustig decennium. De anti-oorlogprotesten, de oorlogen in Cambodia en Vietnam met de dood van vele soldaten overzee, de moord op president J.F. Kennedy en in 1968 zijn broer Robert toen hij een campagne bijeenkomst bijwoonde voor de presidentsverkiezingen. De binnenlandse raciale onrust waardoor activisten als Malcolm X, Stokely Carmichael en de Black Panthers de oude strategie van geweldloos verzet vervingen door de gewapende strijd mede door het optreden van de Klu Klux Klan. Vanaf 1965 waren rassenrellen een frequent verschijnsel in veel Amerikaanse steden.

 
 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.