Social
  • RSS feed
  • Twitter
  • Facebook
 

Ondergewaardeerde Liedjes


The Rolling Stones – Child Of The Moon

Conny, één van de trouwe lezers van mijn blogs, kwam vanwege mijn verhaaltje over Small Faces met de vraag of ik ook niet eens iets over Child Of The Moon van The Rolling Stones zou kunnen schrijven, want het is minstens zo ondergewaardeerd. Ik moet toegeven dat ik het lied niet kende, maar het bleek de flipzijde van de single Jumping Jack Flash te zijn geweest. Je bent nooit te oud om te leren. Nooit op een album verschenen en een uitstekende track; misschien wel beter dan de voorzijde. De zoveelste parel van de Stones die eigenlijk in de vergetelheid blijven, zoals

Sad Day (1965) van het nooit uitgebrachte album Can You Walk On Water? Mede doordat de platenmaatschappij bang was voor dreigementen vanwege de titel door bijvoorbeeld de Klu Klux Klan. John Lennon was het levende voorbeeld van alle consternatie vanwege zijn beruchte Jezus-uitspraak.

Schoolboy Blues (1970), beter bekend als Cocksucker Blues. Het laatste lied dat de Stones opnamen voor Decca. Ze moesten nog één lied voor hen maken voordat ze mochten vertrekken en de Stones wisten een heel nieuw niveau met deze contractuele verplichting te bereiken.

Oh, where can I get my cock sucked?
Where can I get my ass fucked?
I may have no money
But I know where to put it every time
Well, I asked a young policeman
If he’d only lock me up for the night
Well, I’ve had pigs in the farmyard
Some of them, some of them, they’re alright
Well, he fucked me with his truncheon
And his helmet was way too tight

Het gaat over een jonge mannelijke hoer en het kon de goedkeuring van Decca niet wegdragen en werd dus niet uitgebracht. Flauw. In your face, platenmaatschappij.

Let It Rock (1971, live). Persoonlijk vind ik Brown Sugar (1971) steengoed, maar weinigen weten dat het al in 1969 was opgenomen onder de titel Black Pussy (en de reden voor hun tonglogo). In 1970 werd er een nieuwe versie van Brown Sugar met Eric Clapton op de gitaar gemaakt. Niet verkeerd, maar het mist het dreigende en pompende geweld van de single hit een jaar later. Desalniettemin vind ik de flipzijde met een live uitvoering van Let It Rock beter (Engelse persing). Ik heb er eerder al een blog aan gewaagd.

Through The Lonely Nights (1972) werd tijdens de Goat Head’s Soup-sessie opgenomen, maar haalde jammerlijk het album niet. Uiteindelijk werd het de achterkant van de single It’s Only Rock ‘n ‘ Roll.

Terug naar de reden van deze blog: Child Of The Moon (1968). Het is hun laatste psychedelisch track waarna ze terug gingen naar hun roots. De hoes van de single liet de vijf Stones in vreemde poses zien; op de achterkant van de hoes stonden ze met de rug op de foto. Het lied lijkt een soort liefdesbrief van Mick Jagger aan Marianne Faithfull, vermengd met raadsels in een droom die in een nachtmerrie veranderd.

In de clip komt een jonge vrouw al struikelend aangelopen om vijf starende mannen tegen het lijf te lopen. In eerste instantie denk je dat zij de vrouw willen lastigvallen (of meer), maar in de verhaallijn zijn ze voortekenen van potentieel gevaar indien ze door loopt. Is dit de toekomst? Tot hier en niet verder. Ga terug, nu het nog kan.

Child Of The Moon is één van de meest griezelige exemplaren van de Stones’ mystiek eind jaren zestig en een voorbeeld van het latente geweld van die generatie.

 
 

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.