Social
  • RSS feed
  • Twitter
  • Facebook
 

Ondergewaardeerde Liedjes


Hiphop-battle

Ben je nutteloze-feiten-verzamelaar, pophistoricus of wil je een keer indruk maken op een feestje met je kennis van het ontstaan van hiphop? Check dan eens deze blog eens over vijf liedjes die de hiphop hebben vormgegeven tot wat het nu is: van de eerste hiphop-beat, de meest gebruikte sample (volgens WhoSampled), de eerste drumbreak, tot de Woo! Yeah!-sample.

En natuurlijk deze hiphop-battle vol met ondergewaardeerde hiphop-shizzle. Stemmen kan onderaan, y’all!

Keuze Eric van den Kieboom: Grandmaster Flash – The Adventures of Grandmaster Flash on the Wheels of Steel (1981)

Vergeet Rapper’s Delight en The Message: hier werd voor het eerst scratchen op plaat gezet

‘Een hiphop-battle? Hmm, wat moeten we daar nou mee’, was mijn eerste gedachte, al snel gevolgd door de gedachte aan Sylvia Robinson, toch wel een van de belangrijkste pioniers van het genre.

Kijk, Rapper’s Delight mag (en wil) ik niet kiezen, het reikte tot nummer 1 in 1980 met zeer veel credits naar Sylvia, en ook The Message uit 1982 kan natuurlijk ook niet ondergewaardeerd worden genoemd. Ik kies juist voor wat precies daar tussen gebeurde: in 1981 kwam The Adventures of Grandmaster Flash on the Wheels of Steel uit.

Het belangrijkste basismateriaal voor deze track is natuurlijk Chic’s Good Times, een song die de basis was voor een hoop hitsingles. Maar de voornaamste reden voor mijn keuze is toch wel dat dit de plaat was waar dus voor het eerst het scratchen op plaat gezet werd: een paar jaar later scratchen we de 42,19 minuten Thriller tot ruim drie kwartier.

Herbie Hancock bracht het scratchen bij het grote publiek, maar dit is toch echt de grondlegger geweest.

Keuze Frank Meeuwsen: Digital Underground – Doowutchyalike (1990)

Tjokvol cameo’s van beroemde rappers uit die tijd (en een Nicki Minaj-lookalike)

De jaren tachtig en begin jaren negentig waren de gouden jaren voor hiphop. Uit de achterbuurten van New York en andere grote steden ontstonden allerlei richtingen waarin rapmuziek zich ontwikkelde. Ik groeide op met deze muziek en achteraf gezien ben ik daar zo verschrikkelijk blij mee.

Als ik de oude hiphop uit de jaren tachtig terugluister zie ik me weer op mijn slaapkamertje zitten, gekluisterd aan mijn draaitafel. De naald steeds een stukje terugzetten om goed te luisteren naar de teksten. Of het nu de militante politieke speeches waren van Public Enemy of de vredelievende en bijna moraliserende teksten van de Native Tongues, ik vond het allemaal prachtig. Ik kon me moeilijk identificeren met deze helden. Opgroeiend in een slaperige nieuwbouw wijk in Breda had ik geen aansluiting met de black power van veel rappers. Maar het was anders, het was iets wat ze zelf deden. Het DIY-gevoel van hiphop heeft me altijd getrokken.

Begin jaren negentig was het wel wat verstikkend. Steeds meer politiek geörienteerde rappers, steeds militanter en we zagen eveneens de opkomst van de gangstarap met NWA en Eazy E.

Digital Underground was daarom een verademing. De bizarre verkleedpartijen van de bandleden, met feestneuzen en vreemde pakken, stonden in schril contrast met de stoere bomberjacks en zelfbewuste blikken van menig gangstarapper. Vaandeldrager en blikvanger van de band is Humpty Hump, het alter ego van bandleider Shock G, die als een malloot met een feestneus en dikke sigaren zichzelf en de wereld constant belachelijk maakt. Als Digital Underground in de middeleeuwen had bestaan, dan was Humpty de hofnar. De band is duidelijk geïnspireerd door George Clinton en Parliament Funkadelic, grootheden uit de funk-geschiedenis. Ze trokken zich van niemand iets aan en gingen volledig hun eigen weg. Nu hebben meer rappers al gestoeid met het oeuvre van Clinton en Funkadelic, maar geen hiphop-band komt muzikaal, conceptueel en stijltechnisch zo dicht in de buurt als Digital Underground.

Het nummer Doowutchyalike is online in drie versies te vinden. Ik wil er twee uitlichten.
Allereerst is er de originele track van het album Sex Packets (Spotify). Met 8:53 een behoorlijk lange track, met een break op 5 minuten die ze speciaal voor radiostations hebben gemaakt. Inclusief korte stilte voor de radio station identification en de ingelaste fade-out om het de radiostation nog makkelijker te maken. Daarna gaat het nummer nog vrolijk drie minuten door op de ingeslagen weg. Inclusief een quote uit Eric B & Rakim’s ‘I know you got soul’ en muzikale ode aan The Bridge is Over van Boogie Down Productions, kun je ze vinden?

De video van de kortere radio edit kun je op YouTube in twee versies vinden. Ik licht graag de versie er uit die tjokvol cameo’s zit van andere befaamde rappers uit die tijd. Het lijkt een soort director’s cut van de originele video, waarin beelden van een groot feest zijn verwerkt. Op dat feest zie je onder andere 2Pac, wiens carrière trouwens begon als danser bij Digital Underground. Je ziet eveneens MC Lyte, Craig G., Too $hort, LL Cool J, Eazy E, 2 Bigg MC, D-Nice, Biz Markie en Kid’n Play. Die laatste zijn een soort Mental Theo en Charly Lownoise van de hiphop, maar dat terzijde. Let goed op 2:09. Dan zie je een snelle cameo van een jonge Nicki Minaj. En zo zijn we terug bij de hiphop van nu.

Just have fun y’all, and if you think that it’s wrong
You got to admit, it’s a new type of song
Doowutchyalike

Keuze Robert Arnold: Ice-T – Midnight (1991)

Ik ben geen gangsta: mijn drugs is een glas wijn en ik word alleen seksistisch als ik drugs op heb

Het feit dat er een battle is over hiphop geeft eigenlijk al aan hoe ondergewaardeerd deze stroming is op onze blog. Als onder hiphop alles wordt verstaan waar in wordt gerapt dan is het spectrum zeer breed en zouden er veel meer battles gehouden moeten worden.  Je hoort ook relatief maar weinig hiphop op de radio, dus we worden er ook niet vaak mee geconfronteerd.

Ik ben een liefhebber, wel een Vanilla Ice onder de liefhebbers, maar ik kan een goede hiphoptrack wel waarderen. Richard houdt er duidelijk niet van en dat mag. Maar ik kan juist de muziek (geleende beats) van hiphop zo waarderen. Dankzij de samples heb ik heel veel nieuwe oude muziek ontdekt. En hoe origineel is alle andere muziek? De tracks die Richard wel leuk vindt zijn grappig genoeg allemaal op rock gebaseerde nummers. Misschien de OST Judgement Night, waar gitaaracts als Pearl Jam Jam, Sonic Youth en Slayer het doen met hiphop-acts als Cypress Hill, Run DMC en De La Soul, eens luisteren? (of anders de Linkin Park/Jay -Z mash up, is de enige manier waarop ik Linkin Park kan luisteren)

Het verst van mij af staat de gangsterrap (of gangsta rap): ik zit niet in een bende, ik ben niet gewelddadig en de heftigste drugs die ik gebruik is een glas rode wijn, en die ene keer dat ik me seksistisch of gewelddadig uitdruk ben ik of dom, of heb ik teveel aan mijn drugs gezeten (twee glazen rode wijn), of zit ik voetbal te kijken. Ice-T, was voordat hij een keurige politieman ging spelen in Law & Order en een gigantische villa bezat in Beverly Hills, één van de eerste gangsta rappers. In Midnight van het album O.G. Original Gangster vertelt Ice-T een echt ‘6 in the morning’-verhaal. En dat met samples van onder meer Led Zeppelin en Black Sabbath (ook al wordt die Led Zeppelin- sample door echt bijna iedereen gebruikt, ook buiten de hiphop).

Keuze Martijn Vet: Digable Planets – La Femme Fetal (1993)

Wordt een muziekstijl volwassen zodra hij zich ontdoet van alle clichés?

Aanhaken op het moment waarop de die-hards afhaakten, zo ging het met mij en hiphop. Zoals meer battlegenoten had ik niet zo veel op met de militante gangsterrap en het kijk-mij-eens-geweldig-zijn-machismo.

Konden die rappers het niet eens ergens anders over hebben? Over huiswerk bijvoorbeeld?

Maar serieus, ik vond het een verademing, rap die eens uit een ander vaatje tapte. Hiphoptracks met jazz-samples, albums zónder die oervervelende hoorspel-achtige intro’s en interludes, teksten die eens wat minder boos of zelfingenomen waren.

La Femme Fetal van Digable Planets kwam op een woensdagmiddag voorbij tijdens een uitzending van VPRO’s Moordlijst. Ondanks het bloedserieuze onderwerp, het recht op abortus, klinkt het nummer zowel muzikaal als qua tekst uiterst relaxed. Wat te denken van een poëtisch hoogstandje als:

I was laying prone in my catbeat home
Listening to fine nappy Jackie and his jazzcat’s horn

of:

Slip on some duds, comb out your fro and slide on down to my pad

Je kunt zeggen dat een muziekstijl pas volwassen is geworden zodra hij zich van al zijn clichés heeft ontdaan. Al zullen veel hiphopfans dat niet met me eens zijn.

Keuze Dimitri Lambermont: Cypress Hill – Illusions (1995)

 4.28 minuten zweet, malende gedachten, paranoia, misselijkheid. Laat me met rust!

Some people tell me that I need help
Some people can fuck off and go to hell

Een ode aan een bad trip. Wie kan dat nou beter dan de altijd stoned gasten van Cypress Hill? Illusions van hun album Temples of Boom. Soundtrack van de jaren negentig.

They don’t understand my logic
To my gat, to my money and I’m hooked on chronic

Alles gaat lekker. Het is een gezellige avond. Je hebt net iets te veel op. Je bent een beetje wazig. Misschien dat die laatste haal niet zo slim was. En opeens slaat het toe! Zweet. Een vreemd gevoel in je maag. Malende gedachten. Je moet even naar buiten voor wat frisse lucht. Het is hier te druk. Mensen kijken je raar aan. Waarom kijken ze zo raar naar je? Paranoia!

Je gaat buiten even zitten in een hoekje. Geluid komt hard binnen. De wereld draait. Je zweeft tussen wakker zijn en bewusteloos omvallen. Je hoort lachen. Ergens blaft een hond. Kan iemand die hond even zijn bek laten houden? De bas van de muziek dreunt door. Je hebt het warm en koud tegelijk. Iemand praat tegen je. Je probeert omhoog te kijken, maar de beweging maakt je misselijk. De woorden komen door een dikke laag watten binnen. Laat me met rust.

Je moet weg. Je wilt thuis rustig in je bed liggen. Je ogen dicht houden. Maar daar ben je nog lang niet. Je maag draait. Je hoopt dat het voorbij gaat. Je oren suizen. Je hebt een droge mond. Kan iemand even wat te drinken voor me halen? Je wilt spreken, maar het gaat niet. Het is koud buiten. Je gaat weer naar binnen. Je strompelt naar de wc. Struikelt door de mensenmassa heen. Iemand zegt iets in het voorbij gaan. Je probeert niet naar de mensen te kijken. De muziek gaat alle kanten op. Droge mond. Zweet.

Even naar de wc. Even rust. Alleen zijn. Niet te veel mensen om je heen. Geen vragen moeten beantwoorden. Het geluid van de disco dreunt door in de felverlichte ruimte. Je ademt voorzichtig in door je neus en uit door je mond. Het stinkt hier. Gewoon adem blijven halen. Niet over je nek gaan! Wat je ook doet! Niet over je nek gaan! Je leunt even met je hoofd tegen de koude tegels. Lekker koel.

Iemand bonst op de deur! Lawaai. Een schreeuw: hey schiet eens op! Doe eens open! Niet nu. Je zat net zo lekker. Het gebons dringt aan. Je hoort mensen aan de andere kant van de deur boos tegen elkaar praten. Iemand trapt tegen de deur. Dit gaat niet goed. Oh shit!

I’m havin illusions I’m havin illusions drivin me mad inside
I’m havin illusions I’m havin illusions fuckin me up in my mind

En daar dan een rap over schrijven. 4.28 minuten bad trip. Maar wat is Illusions een lekker nummer.

Keuze Martijn Janssen: Urban Dance Squad – Dresscode (1996)

Cryptogram op onweerstaanbare hiphop-beats

Als het op muziekstijlen aankomt dan prijs ik me gelukkig als groot fan van Urban Dance Squad. Er is haast geen stijl die ze niet hebben aangeraakt. En met de mix daarvan, de crossover, waren ze een van de pioniers. Dus voor haast elk genre kan ik wel een nummer van de band aandragen als ondergewaardeerd liedje.

Grillig is de band altijd geweest. Met een rock-opstelling van drums, gitaar en bas, plus een rapper en plus een DJ was het welhaast logisch dat de muziek piepte en schuurde, als ware het een scratchende plaat. Met vijf sterk verschillende persoonlijkheden, met even verschillende achtergronden, was het op persoonlijk vlak ook een band waar veel wrijving in zat. En ook het succes van de band kende een grillig verloop.

Bij hun debuut werd de band bejubeld. Eindelijk was er een band die Nederland als muziekland echt op de kaart zou zetten. Mental Floss For The Globe wordt nog steeds regelmatig aangewezen als beste plaat van Nederlandse bodem ooit. Maar daarna ging het op en neer. Na een iets mindere periode werd derde album Persona Non Grata beschouwd als een triomfantelijke terugkeer, ditmaal met harde rap-rock (want DJ DNA had de band verlaten).

Opvolger Planet Ultra kreeg vervolgens een gemengde ontvangst. Het crossover geluid was uiteengevallen in een veelheid aan muziekstijlen. In die hoedanigheid was de band ook geen voorloper meer in het genre. Maar zeker ook dit album kent vele ijzersterke nummers.

Dresscode is een van de meer op hiphop gestoeide nummers. Waar voorheen de hiphop-invloeden, afgezien van Rudeboy’s raps, altijd moesten vechten met andere muziekstijlen voor een plekje in het crossover geluid krijgen ze hier alle ruimte. Met bijdragen van Seda (toen ook beats-leverancier van Osdorp Posse) en het geweldige drumwerk van Magic Stick, die live ook altijd zeer goed ‘hiphop beats’ kon brengen, doet het nummer claustrofobisch aan. Tekstueel is het een lastig te ontcijferen cryptogram. Rudeboy refereert aan striphelden, record labels, sporters, etc. Gedeeltelijk borduurt het voort op de hiphop-traditie van zichzelf op de borst slaan, maar het bevat zeker ook de bekentenis dat Rudeboy zelf niet de makkelijkste is en voortdurend met zichzelf in gevecht is.

Duik je dus dieper in het nummer dan blijkt het moeilijk te doorgronden te zijn. Maar daardoor blijft het fascineren. Met de beschikbare hints blijf je proberen die cryptogram op te lossen. En die hiphop-beats? Die blijven onweerstaanbaar.

Keuze Sander van Buuren: Gang Starr – Words I Manifest (1999)

Al had ik ‘Vanilla Ice’ op mijn boekentas staan – later kwam het goed me me

Ik zal eerlijk zijn: de liefde tussen mij en hiphop kende een enigszins valse start. Mijn eerste rapheld luisterde namelijk naar de naam… Vanilla Ice. Na een licht fysieke (en volkomen terechte) terechtwijzing voor het uitdragen van zijn naam op mijn veel te zware boekentas in de brugklas, kwam het gelukkig langzaamaan enigszins goed met me.

Mijn eerste festivals brachten me in contact met de energie en poëtische teksten van Osdorp Posse, gevolgd door optredens van meer obscure namen als White Wolf, Ouderkerk Kaffers en West Klan. Van de Nederhop ging mijn interesse halverwege de jaren negentig weer terug naar de VS met namen als Cypress Hill, Beastie Boys, Wu-Tang Clan en KRS-One.

Meest aansprekend voor mij in die tijd was echter Gang Starr, in de meest bekende (en succesvolle) formatie gevormd door grondlegger MC Guru (Gifted Unlimited Rhymes Universal) en DJ/Producer DJ Premier. Het duo uit Boston maakte eind jaren tachtig een indrukwekkende entree met Words I Manifest. Ik leerde Gang Starr (helaas) pas een paar jaartjes later op waarde te schatten. Met kneiters als Full Clip, Step in the Arena en You Know my Steez heeft Gang Starr het pad geëffend voor veel hedendaagse hiphop-formaties.

Waar veel collega’s het – in tegenstelling tot het positivisme van Gang Starr – moesten hebben van stoere teksten, wonnen Guru en DJ Premier het voor mij vooral ook muzikaal. Onderscheidende jazzy beats, goed in het gehoor liggende samples en de scratch-kwaliteiten van DJ Premier maken Gang Starr uniek. Hoewel het ontzettend moeilijk kiezen is, zet ik mijn geld voor deze battle op Words I Manifest. Dit nummer heeft alles wat Gang Starr zo goed en onderscheidend maakt in zich en vormde de opmaat naar nog veel meer moois.

Keuze Frans Kraaikamp: Orishas – O Lo Cubano (2000)

Het zal wel aan ons gematigde zeeklimaat liggen

Hiphop. Ik geef het maar meteen toe: ik ben geen hiphopper. Toch mag ik er graag naar luisteren. Zeker als er andere muziekstijlen mee gecombineerd worden, is mijn interesse snel gewekt. Ik vind het mooi hoe hiphoppers de gewone dingen van het leven bespreken en veelal behoorlijk politiek geëngageerd zijn. Ze draaien niet om de hete brij heen.

De eerste plaat Home van Spearhead mag ik bijvoorbeeld graag draaien. Ik breek in deze blog een lans voor Orishas. Een Cubaans/Frans hiphop-gezelschap dat tussen 2000 en 2010 vier albums maakte en diverse soundtrack nummers verzorgde; waaronder een track voor de film The Fast and the FuriousMijn keuze is de titeltrack van de debuutplaat O Lo Cubano.

Waarom deze keuze? Nou Orishas swingt simpelweg de pan uit! De flow is goed, de ritmes zijn opzwepend en je gaat er als vanzelf van bewegen. Het is energiek en positief. O Lo Cubano is een van de lekkere songs die het album rijk is. Zag ze in 2008 op een bijpodium op Parkpop. Was een erg tof optreden. Al miste ik een band die de live-ervaring van deze drie Rapper’s compleet zou maken.

Blij toe dat ik ze gezien heb; want de groep ging kort daarna uit elkaar. De plaat O Lo Cubano is in zijn geheel een lekkere plaat die in Nederland veel te weinig erkenning heeft gekregen. Het zal wel aan ons gematigde zeeklimaat liggen.. Nu zijn ze er alsnog bij in deze hiphop-hommage.

Keuze Jaap Bartelds: Missy Elliott – Work It (2002)

Platenmaatschappijen zagen haar aanvankelijk niet zitten: dik en niet te vangen in een behapbaar marketingconcept

Hiphop. Het achtervolgt me al mijn hele leven en de eerste helft daarvan dacht ik dat ik er niets mee had. Intussen hadden klassiekers als Fight the Power van Public Enemy zich in mijn hoofd genesteld, net als het kazige Go See the Doctor van Kool Moe Dee, waar we als pubers om gniffelden. Door de jaren voegden zich daar steeds meer acts bij, zoals De La Soul en Neneh Cherry (de teksten van Me Myself & I en Buffalo Stance ken ik uit mijn hoofd, zei het ietwat fonetisch bij gebrek aan voldoende kennis van de Engelse taal), A Tribe Called Quest (Bonita Applebum! Bonita Applebum!), Busta Rhymes (WOO HA) en Gang Starr (zie elders in deze battle).

Dus zeggen dat ik niks met hiphop had, was best een beetje gek. De liefde voor rap en vooral voor oorspronkelijke beats nam ook alleen maar toe. Hoogtepunten op dat gebied zijn Nicki Minaj’ Beez In The Trap en Stupid Hoe, de Ying Yang Twins met Wait (The Whisper Song) en Die Antwoord met Evil Boy. En waar ik Kanye West aanvankelijk een irritant mannetje vond, was ik zwaar onder de indruk van zijn raploze autotune-album 808 & Heartbreaks en nog meer van de 34 minuten lange film die zijn hit Runaway begeleidde.

Vlak voor en in de beginjaren nul was daar ineens Missy Elliott. Al jaren probeerde ze door te breken, maar platenmaatschappijen zagen een deal met haar niet zitten, want: dik en niet te vangen in een behapbaar marketingconcept. Missy kon maar beter achter de schermen blijv waar ze liedjes schreef voor Raven Simone (een kindsterretje bekend van de Cosby Show) en Jodeci. Gelukkig waren daar Timbaland en Aaliyah en met z’n drieën produceerden ze negen tracks voor het tweede album van de jonggestorven zangeres.

Zo speelde Missy Elliott zich in de kijker. Met Hype Williams aan boord creëerde ze een futuristisch imago rond zichzelf in nog altijd modern ogende video’s. The Rain, Sock it 2 Me en She’s a Bitch werden grote Amerikaanse hits . Maar het rijtje leadsingles van de daarop volgende albums: Get Your Freak On, Work It, Pass That Dutch en Lose Control vormen gevieren de absolute top van Missy’s kunnen. Als ik per se moet kiezen, wordt het Work It, met z’n onmeezingbare, achterstevoren gezongen refrein, de Hally Berry-poster en Missy’s opmerkelijke nep-Thais. Of was het echt? Het is in ieder geval fenomenaal bedacht, geniaal uitgevoerd en ook nog eens ontzettend grappig.

Helaas is Missy alweer een tijdje uit de running omdat ze is geveld door de ziekte van Graves. Af en toe duikt ze op tijdens een awardceremonie of als gastvocalist op de plaat van een bevriende collega. Volgens de laatste berichten gaat het beter met Missy. Met smart wachten we dan ook op een glorieuze comeback van de enige echte koningin van de hiphop.

Keuze Stefan Koopmanschap: Winne – Lotgenoot (2009)

Lotgenoot brengt een prachtig verhaal over liefde, vriendschap

Bitches, guns, snelle auto’s en geld. Dat is waar (Engelstalige) hiphop toch een beetje om draait, tenminste, als je de populaire hiphop moet geloven. Elkaar dissen, opscheppen over hoe goed je bent, over hoe goed je het hebt. Er zijn wel uitzonderingen, er is hiphop met een boodschap, maar in de regel zal je veel van de engelstalige hiphop niet betrappen op veel inhoud.

In de Nederhop lijkt dit anders. Hoewel er natuurlijk uitzonderingen zijn is het merendeel van de Nederhop-battle toch vol van inhoud. Hoewel ik eigenlijk over goede Engelstalige hiphop met een boodschap had willen schrijven heb ik het afgelopen jaar een enorme ontdekkingsreis door de Nederlandstalige hiphop gemaakt dat ik uiteindelijk besloot om toch over één van de toppers van die reis te schrijven.

Ik leerde Winne (Wee Ie Dubbel En Ee!) kennen door zijn deelname aan Great Minds, maar al snel was ik verknocht aan zijn solowerk. Als ‘muziekman’ in plaats van ‘tekstenman’, ik luister vooral naar hoe muziek klinkt en iets minder naar de tekst, sprak de muziek van Winne me direct aan. Hij heeft een bijzonder fijne stijl van rappen die precies past in de muziek. Daarnaast klopt zijn stemgeluid ook precies bij wat hij rapt (ja, mijn ontdekkingsreis door Nederlandstalige hiphop heeft van mij meer ‘tekstenman’ gemaakt).

Het is lastig om één track te kiezen van Winne. In Binnenvetter herken ik mezelf heel erg, Crime Passionel vertelt op een zeer bijzondere manier het verhaal van een familiedrama en W.I.N.N.E. is gewoon de knaller van Winne. Uiteindelijk besloot ik te gaan voor Lotgenoot. Lotgenoot brengt een prachtig verhaal over liefde, vriendschap. Met teksten als

als je roept dan ben ik daar
en als je belt dan sta ik klaar
(me-me broers we delen vreugde en verdriet)
ik meen het..dit gaat verder dan rappen
(dit is het antwoord op je vraag
jij bent veel meer waard dan een 2e plaats)

of

dus ik leid naar het licht
en ik blijf in je zicht volg
als we daar arriveren zullen we schijnen
en tot die tijd
zijn al jou zorgen ook de mijne

is het een prachtig document van steun en liefde. En soms heb je dat nodig. Soms komt zo’n tekst even keihard binnen. Alleen al luisteren naar Lotgenoot kan een enorme steun zijn.

En dat hij ook echt vriendelijk is merkte ik op Smeerboel. Zoonlief is enorm fan van Great Minds en de gerelateerde artiesten. Via mijn zwager konden we bij Smeerboel backstage tijdens het optreden van de Fakkelbrigade. Zoonlief had zijn Great Minds CD bij zich maar durfde na het optreden niet richting de kleedkamer. M’n zwager, die bij Smeerboel werkt, nam de CD richting de kleedkamer, maar kwam terug met Winne. In seconden was m’n zoon door Winne overtuigd van het feit dat even mee naar de kleedkamer een goed idee was. Zo aardig, zo overtuigend en vol empathie.

Mijn ontdekkingsreis door Nederlandstalige hiphop is nog lang niet klaar, maar Winne heeft in zeer korte tijd een zeer permanente plek gekregen in mijn muziekhart.

Afbeelding: Digital Underground

 
 

2 Comments

  1. Arno

    wow, coole battle. Ik zou gaan voor Bad van LL Cool J. Of Viervoeters van Extince.

  2. Had ik tóch mee moeten doen. Hoe kan Guru nou ontbreken? 😉

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.