Het is, pak ‘m beet, zo’n vijftig jaar geleden dat ik de band zag. Gewoon in Leidschendam, in OJC De Sater. De plek waar ik uitging en lange tijd medewerker ben geweest. Daar stond tot twee keer toe Decennium op het podium. De band kwam dan ’s middags helemaal uit het verre Venlo gereden voor een optreden van een paar uur. Opbouwen, soundchecken, happie eten en dan twee sets spelen van zo’n drie kwartier, wat toen gebruikelijk was in jongerencentra. Daarna alles weer afbreken, naar het busje sjouwen en het hele pokkeneind weer naar huis. En dat voor een paar honderd gulden. Bewonderenswaardig.

Decennium maakte wat nu Americana zou worden genoemd, maar wat toentertijd werd vergeleken met de Westcoastsound van The Grateful Dead, Poco en Quicksilver Messenger Service; wat lome rock met country-invloeden, mooie samenzang en veel ruimte voor gitaar- en toetsenwerk. In 1974 maakte de band indruk bij Muziekkrant OOR’s Groepenpresentatie in Paradiso, wat kan worden gezien als voorloper van de Grote prijs van Nederland. Bij dat optreden zal een afvaardiging zijn geweest van de VARA, want de band mocht vervolgens een uur spelen, op tv bij Nederpopzien.

Ook speelde Decennium toen veel bij onze zuider- en oosterburen, op vele andere podia hier in het land en dus in Leidschendam, een zaal met een capaciteit van circa 200 bezoekers. Een LP kwam er ook: Song Of The Sad Times. Het album werd uitgebracht door Pandora (Negram). Daarop zeven liedjes, allemaal geschreven door gitarist, pianist en zanger Pieter Koster. Ik zie Pieter nog zitten, licht gebogen over zijn toetsen of staand met zijn Stratocaster, linkshandig. Pieter deed later veel productie en engineering, onder andere voor en met Armand, Dimitri van Toren, Gerard van Maasakkers en Rowwen Hèze, waarvoor hij Bestel Mar produceerde.

Er volgt nog een tweede album van Decennium, Highway Son (1980) en in 1983 een derde in eigenbeheer. Een jaar later is de pijp leeg. Het zou zomaar kunnen omdat de punk en new wave dan al meerdere jaren hoogtij vieren en de electropop opkomt. Maar, het Limburgse rockbloed kruipt waar het niet gaan kan en in 2000 gaan de mannen weer verder met waar zij zo goed in waren en nog steeds zijn: mid tempo countryrock, dan zelfs uitgebreid met een blazerssectie. Het leidt tot een vierde album, al ga ik toch voor hun geweldige debuut met opener Oriental Weeping Woman. Ik zal niet zeggen dat ik net als die vrouw tot tranen ben geroerd, maar wat klinkt dit on-Nederlands goed zeg. Sluit je ogen en waan je aan de Limburgse Westcoast van vijf decennia geleden.

On-Nederlands Goed is een vreselijke term. Misplaatst calvinisme. En daarmee typisch Nederlands. On-Nederlands Goed impliceert dat er normaal gesproken weinig soeps uit Nederland komt en dat de uitzondering die regel bevestigt. Wat een flauwekul. Er komt al decennia fantastische, schitterende, geweldige, toffe muziek uit Nederland. Aandacht voor vergeten parels en nooit ontdekte muzikale schatten. Uit Nederland.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.