Er zijn van die albums die met de jaren beter worden. Kontiki, het tweede album van de Texaanse band Cotton Mather, is zo’n album. Het kwam uit in 1997, en het leek er een tijd op dat ondanks goede kritieken het niet meer dan een obscuur album zou worden. Dat viel uiteindelijk mee. Maar een millionseller is het ook nooit geworden. Veel van de huidige liefhebbers zouden het wellicht echter gemist hebben als het in 1999 niet was opgepikt door een paar muzikale beroemdheden. En daarom zal elk verhaal over de band Cotton Mather ook altijd een beetje zal gaan over een andere band, Oasis in dit geval.

Frontman en liedjesschrijver Robert Harrison richtte Cotton Mather op in 1990. Het begon als een avant-garde project, maar werd uiteindelijk een band met een meer traditioneel rockgeluid. Het debuutalbum Cotton Is King uit 1994 was een redelijke flop, maar toen de band begon te werken aan de opvolger begon het heilige vuur zich te ontbranden. Het was haast magisch. Harrison heeft eens gezegd: Everything we did on Kontiki, there was something going on with that record. I couldn’t not do it right. I’ve never had that experience before or since. It’s like someone else was making the record. Helaas werd de magie niet uitgedrukt in de verkoopcijfers. Het album werd uitgebracht bij een heel klein label. Er waren maar vijfhonderd exemplaren beschikbaar. Mensen die het album wilden kopen konden gewoonweg nergens een exemplaar vinden. Gelukkig was er nog wel wat airplay en werd een ander label enthousiast. Het album kreeg een doorstart, nu ook in Engeland. En juist daar leek de sound van de band heel erg veel los te maken.

Het begon op een feestje bij Ron Wood van The Rolling Stones, ergens in de winter. Eén van de gasten had Kontiki meegenomen. Het werd gedraaid, en Wood heeft naar verluid steeds maar weer opnieuw gezegd: It sounds like the fookin’ Beatles. Sounds like the fookin’ Beatles. Noel Gallagher van Oasis was er ook en zo begon het balletje verder te rollen. De broers Noel en Liam Gallagher lijken heden ten dagen nauwelijks eensgezind. Toch was er dus een tijd dat ze het over bepaalde dingen roerend eens konden zijn. Beiden waren fan van het album. Noel: Bastards! It was like The Beatles. I thought if that isn’t the best record I’ve heard in ten years, then I don’t know what is. It’s one of my all time favourites. En Liam was niet minder complimenteus: I fucking wish it was ours. I play it all day at home. En zo kwam het dat terwijl Cotton Mather in eigen land buiten Texas amper een deuk in een pakje boter sloeg, de band in Engeland in het voorprogramma van Oasis stond.

De aanbevelingen van de Gallagher-broers waren niet aan dovemansoren gericht. De buzz bereikte uiteindelijk ook Nederland. Oasis wist donders goed waar je de mosterd kon gaan halen. Bij de eerste kennismaking was de conclusie snel getrokken: alsof een snotverkouden John Lennon onbekende parels van Guided By Voices, Pavement, The Byrds, The Who, en – jawel – The Beatles aan het vertolken was. Het was bij vlagen briljant. En dat is het nu nog steeds. Sterker nog, het album – vijfentwintig jaar oud inmiddels – lijkt alleen maar beter te worden. In Engeland verschenen er drie singles van het album. She’s Only Cool was de eerste. Het is bij lange na niet het enige hoogtepunt, maar wel een nummer dat direct weet aan te spreken als je het voor het eerst hoort. En oké, het klinkt ook een beetje als the fookin’ Beatles. 

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.