Ondergewaardeerde Liedjes


Een regenbattle

Na regen komt zonneschijn zegt het spreekwoord. Met andere woorden er breken betere en vrolijke tijden aan. Leuk natuurlijk, maar vandaag zoeken we naar de diepe emotie van slechte tijden wanneer het water met bakken uit de hemel valt en we als een verzopen hond rondlopen.

Open de paraplu, want het gaat regenen!

Keuze Martijn Janssen: The Temptations – I Wish It Would Rain (1967)

Het leed droogt niet op

Het weer was dit weekend om te huilen. Wind, veel wind werd afgewisseld met forse regenbuien. Maar, als het aan The Temptations ligt mag het niet beter worden. Sunshine, blue skies / Please go away. Zanger David Ruffin weet het wel, zijn misère kan niet verlicht worden met zonneschijn.

Dit Motown nummer heeft zijn grappige en minder leuke eigenaardigheden. Bij Motown werden nummers soms geschreven en opgenomen met bepaalde artiesten in het achterhoofd. Maar net zo vaak was het een resultaat van een jam van de muzikanten, The Funk Brothers, en werd er later een tekst bij gecomponeerd en het aan een artiest gegeven. Zoals gezegd is David Ruffin de hoofdzanger op dit nummer. Maar oorspronkelijk was het bedoeld voor zijn broer, Jimmy Ruffin (bekend van onder andere What Becomes Of The Brokenhearted). Om wat voor reden dan ook heeft hij het nooit ingezongen, waardoor The Temptations de zang verzorgden, zo’n 4 maanden nadat de hele muziek al was opgenomen.

Sunshine, blue skies
Please go away
My girl has found another
And gone away

Ze heeft hem verlaten; de zon kan hij even niet meer zien. De regen past beter bij zijn gemoedstoestand. Vlak na het verschijnen van dit nummer werd ook duidelijk hoezeer dit paste bij een van de schrijvers van het nummer, Rodger Penzabene. Zijn huwelijk was stukgelopen en hij zag helaas geen andere uitweg dan zelfmoord. De regendruppels werden zo dus tranen om het verlies.

Keuze Alex van der Meer: Mickey Newbury – T. Total Tommy (1969)

Warm bad in de regen

Het album heet Looks Like Rain, en bijna elk nummer heeft een regen-geluidseffect toegevoegd gekregen. Ook het nummer T. Total Tommy, het meest uptempo en – op eerste gehoor – het meest toegankelijke nummer van dit album. Country-artiest Mickey Newbury heeft met het album een meesterproef afgelegd. Bijna elk nummer wordt beschouwd als een hoogtepunt uit zijn carrière. Lang heb ik dan ook getwijfeld tijdens het herbeluisteren van het hele album. Welk nummer zou ik nou kiezen voor deze battle? Bij elke luisterbeurt veranderde ik weer van gedachten. Poehee, best wel frustrerend eigenlijk.

En over frustratie gesproken. Dit kan ook wel ontstaan als je dit album gaat beluisteren met de gedachte dat je een gewoon country-album gaat horen. Je moet er wel van houden. Ik geef toe, de muziek van Mickey Newbury is hier erg delicaat. Hij neemt regelmatig de tijd om even lekker te fluiten, er komen zweverige vrouwenkoortjes voorbij, het is zeer rustig, en dan die vele regenbuien tussendoor. Als je er niet voor in de stemming bent is het album een lange zit. Als je echter de subtiele verschillen en effecten begint te kennen en de teksten meer begint te doorgronden dan wordt de muziek als vanzelf een vertrouwd warm bad, ondanks de koude regen en de storm-geluiden.

Total Tommy is zogezegd wat vlotter dan de rest. Maar dat maakt het niet expliciet beter of slechter. Als je kijkt naar welke nummers er door andere artiesten zijn gecoverd, dan kom ik echter tot nu toe geen andere versie tegen van T. Total Tommy. Terwijl van andere albumtracks er meerdere hoogstaande covers zijn gemaakt. Dus wat dat betreft is T. Total Tommy op zich een ondergewaardeerd Newbury liedje.

Keuze Freek Janssen: Melanie – Lay Down (Candles In The Rain) (1970)

Een ontroerend gevoel van saamhorigheid op Woodstock

Iedereen die weleens op een festival is geweest, weet wat regen kan doen met de sfeer: hem totaal verpesten of juist iets heel bijzonders creëren. Het is maar net hoe je er als publiek mee omgaat.

Op Woodstock gebeurde dat laatste. Stel je voor, je bent een meisje van 22 dat nog nooit voor meer dan 500 mensen heeft opgetreden. En dan mag je op het podium van Woodstock staan voor 100.000 uitzinnige bezoekers. Het heeft die vrijdag al veel geregend en een groot aantal bezoekers heeft een kaarsje aangestoken, to psychically beat back the rain that had been falling, volgens deze bron (als je onder invloed bent, dan denk je weer eens vreemdere dingen).

Melanie stapte het podium op als een onbekende en ging er weer af als een superster, zou ze later verklaren. Het gevoel van saamhorigheid dat het publiek opriep met de kaarsen in de wind zou haar meteen inspireren om een nieuwe song te schrijven, die haar eerste hit zou worden in de VS.

In Nederland heeft Lay Down één keer de Top 2000 gehaald.

Keuze Peter van Cappelle: Love Unlimited – Walking In The Rain With The One I Love (1972)

Mierzoet en zwoel

Ze zijn een beetje in de vergetelheid geraakt: de damesgroep Love Unlimited. Bestaande uit Goldean James, haar zus Linda James en hun nichtje Diane Taylor. Goldean had een relatie met Barry White, en ze zouden in 1974 ook trouwen. Barry White nam de dames op sleeptouw en schreef en produceerde een aantal nummers voor hun. Waaronder Walking In The Rain With The One I Love. Hun grootste hit, maar inmiddels in de vergetelheid te geraakt. Het heeft slechts één editie genoteerd gestaan in de Top 2000, maar dat is inmiddels alweer 20 jaar geleden.

Het nummer zelf is mierzoet. Het überromantische beeld van samen met je geliefde door de regen wandelen; ook nog eens heel zwoel gezongen. Iets waar Barry White zelf ook niet bepaald vies van was. Het mag dan mierzoet zijn, maar het valt niet in de categorie van guilty pleasures. Daarvoor is het muzikaal te mooi gearrangeerd en zit het te perfect in elkaar.

Keuze Hans Dautzenberg: The Comsat Angels – After The Rain (1982)

Klare lijn

De grote golf van Kanagawa is een wereldberoemde houtsnede van de 19de eeuwse Japanse kunstenaar Katsushika Hokusai. Het werk oogt heel strak. Maar de eenvoud bedriegt. Bij nadere beschouwing ontdek je allerlei details en is het heel complex, ook heel natuurlijk. Met minimale middelen wordt een rijk geschakeerd verhaal verbeeld, vol sfeer. Ando Hiroshige was een tijdgenoot van Hokusai en werd als kunstenaar door hem beïnvloed. Hij geldt als de laatste grote meester van de houtsnijkunst ukiyo-e. Zijn prenten hadden vervolgens invloed op kunstenaars uit het fin de siècle, zoals Van Gogh. Ook wordt de stijl van de Japanse kunstenaars gezien als de voorloper van de ‘klare lijn’, de tekenstijl die vooral bekendheid geniet als kenmerk van Kuifje’s schepper Hergé.

De term ‘klare lijn’ is ook wat mij te binnen schiet bij After the Rain van The Comsat Angels. Zoals Hiroshige met slechts enkele kleuren en scherpe lijnen in de prent de Regenbui bij de Nihonbashi Brug je de regen bijna tastbaar maakt, zo creëert de band met spaarzame middelen een betoverend etherisch ‘nat’ geluid. Tikkende cimbaalgeluidjes vinden hun weg door de ijle lucht in de opening. Ze krijgen gezelschap van zuinige heldere akkoorden. Drums vallen in, synth erbij en, na enkele minuten pas, ook basgitaar. Elk hun eigen geluid, afgebakend. Samen voeren ze je mee in een bijna aan te raken breekbaar liedje.

Niet verder vertellen, maar post-punk groep Comsat Angels heeft echt een stel uitstekende albums gemaakt. Origineel en intelligent. Het is bijna niet te begrijpen, dat de band – ooit nog in het voorprogramma van U2 – nooit is doorgebroken. Voor de moderne luisteraar: de albums staan niet op Spotify, dus ben je aangewezen op andere bronnen. In een voorzienende bui heb ik op 18 april 1985 het 3dalbum Fiction gekocht. Daarmee ben ik gezegend met een prachtig album en wederom een sterk bewijs dat in de jaren 1980 wel degelijk goede muziek werd gemaakt.

Keuze Joop Broekman: R.E.M. – So. Central Rain (I’m Sorry) (1984)

Toen regen ook al voor problemen zorgde, en er nog geen internet was

Midden jaren ‘80. Bij de VARA hebben ze de Verrukkelijke 15. Een prachtige lijst (totdat ook Michael Jackson er in verscheen….) en Can Get There From Here van R.E.M. intrigeert me vanaf de eerste noot. Ik word verliefd op deze band, wil alles van ze weten. Heerlijke gitaarpopliedjes met vreemde, haast dromerige teksten. De groep is dan alleen nog maar bij de echte liefhebbers bekend. Een van mijn eerste cd-singles (met adapter, zo’n ring waarmee de kleine schijfjes in cd-spelers paste, tenzij je een Sony had, net als ik) was Finest Worksong (daarover straks meer), van het album Document. Een wereld van verschil met de platen die
ze eerder maakten. Veel minder ingetogen, en een opstap naar wat ging komen. R.E.M. stond op het punt de wereld te gaan veroveren, of om in ieder geval de arena’s in de Verenigde Staten plat te gaan spelen. En dat gebeurt ook. Een fijne deal bij een groot label (Warner), een intensieve tour om het volgende album Green te promoten (de hoes heeft niet de bijbehorende
kleur), de band krijgt vrijwel overal voet aan de grond, maar is nog lang niet overal te horen.

En ik vind dat fijn. Beschouw de band als mijn liefde. Van mij alleen. Bijna niemand in mijn omgeving kent de band, eigenlijk. Ze waren in Nederland nog niet echt Top-40 materiaal. Maar de paar keren dat ze in Nederland waren, was kaarten kopen een kansloos verhaal. Toen moest je er nog voor in de rij staan (of liggen). En ik woonde net op mezelf, met een exploderende muzieksmaak, dus tapete me suf (met geleende platen en cd’s). Albums die ik echt mooi vond, kocht ik uiteindelijk. Het leven was goed.

Maar dan. Het is 1991. Een paar jongens uit mijn voetbalelftal. Heb je de nieuwe R.E.M. al gehoord, zegt de een tegen de ander. Precies de types die ik anders nooit over muziek hoorde. Maar dan ook echt nooit. Het begin van het einde. Zelf ben ik niet heel erg kapot van Losing My Religion, maar iedereen zingt of fluit het mee. Ik raak de grip op mijn liefde kwijt. Ze is niet meer van mij alleen. Volgende single Shiny Happy People komt uit op het moment dat Ingrid mij na anderhalf jaar verkering de bons geeft. Ik háát het nummer. En het heeft daarom even geduurd voordat ik Out Of Time op de juiste waarde schatte.

De liefde voor R.E.M. werd gestaag minder, maar ik bleef trouw de albums kopen. Michael Stipe en kompanen sloeg aan het experimenteren met Monster, op New Adventures In Hi-Fi, en dat Up in de kast staat, was meer om de boel compleet te houden. Toen was de band echt creatief op een dieptepunt (of collectief aan de valium). Kwam dat door het vertrek van drummer Bill Berry? Around The Sun en Reveal waren maar een fractie beter. Gelukkig hervonden de mannen zich op Accelerate en Collapse Into Now. Bij dat laatste album kwam mijn voorgevoel uit. Alsof ze nog een keer alles gaven, om er daarna mee te stoppen. Het was mooi geweest. En ik kon daar wel mee leven.

Gek genoeg raakte So. Central Rain (I’m Sorry) me niet vanaf het begin. Je luistert er eigenlijk op een prettige manier langs, was mijn ervaring toen ik het album Reckoning voor het eerst in z’n geheel beluisterde in de platenzaak. Maar een mooie track op die cd-single van Finest Worksong waar ik het al over had, was een medley van 3 songs, te weten Time After Time, Red Rain (van Peter Gabriel) en So. Central rain (I’m Sorry). Opgenomen tijdens een concert in een erg bekend muziekcentrum, in het midden van het land, 1987. Ik hoor een klik in mijn hoofd.

De videoclip voor het nummer stamt uit 1984, maar de song is dan al bijna een jaar oud. De band is bezig als voorprogramma voor The Human League, als ze horen dat het zuiden van de staat Georgia (ze komen uit Athens, in diezelfde regio) te maken met overvloedige regenval. Ze proberen de familieleden en kennissen te bereiken, maar het slechte weer heeft er intussen voor gezorgd dat er alle telefoonverbindingen er uit liggen. Het levert genoeg inspiratie op voor een van hun beste songs.

Did you never call? I waited for your call
These rivers of suggestion are driving me away
The trees will bend, the cities wash away
The city on the river there is a girl without a dream

Toen ik aan dit stukje begon, moest ik natuurlijk weer even die cd-single opdiepen en draaien. Heel lang niet gedaan. Die medley is trouwens gewoon op YouTube te vinden. Ik krijg er nog steeds kippenvel van. Zelfs na al die jaren.

Keuze Marco Groen: The Pogues – Rainy Night In Soho (1986)

Lik m’n reet

Het kan niet anders of veel mannen zijn zeer content met het bestaan van Shane MacGowan, de leadzanger van The Pogues. Zolang deze zelfverklaarde Ier nog steeds in leven is, kunnen de wat minder genetisch geslaagde exemplaren van het mannelijke ras zich er altijd op beroepen dat zij niet de lelijkste man ter wereld zijn. Het gebit van de punker is namelijk de natte droom van elke tandarts, zijn oor werd ooit deels afgekloven tijdens een concert van The Clash (de dader was Jane Crockford, die zelf later lid werd van de Mo-dettes). Zijn enthousiaste en ongeëvenaarde gebruik van alcohol en drugs maken het plaatje compleet.

Toch kent het grootste deel van de bekende wereld MacGowan niet vanwege zijn onvergetelijk gezicht, maar beter staat hij bekend als zanger van de Ierse punk/folkband The Pogues. Een eigenzinnige, soms provocerende groep die oorspronkelijk begon onder de naam Pogue Mahone (een Engelse transcriptie van het Ierse póg mo Thóin, wat ‘lik m’n reet’ betekent). Internationaal brak de band eind jaren ’80, begin ’90 door met het album If I Should Fall From Grace With God. Op het derde album zijn pareltjes te vinden zoals de titelsong, maar ook het magnifieke en tijdens kers grijsgedraaide Fairytale of New York (in een duet met Kirsty MacColl) is nog steeds razend populair. Om maar te zwijgen over het nummer waarmee de band in Nederland doorbrak, het knotsgekke Fiesta.

Het door Elvis Costello geproduceerde Rainy Night in Soho kwam ooit uit op een EP  genaamd Poguetry in Motion waarop ook The Body Of An American te vinden is. Geen punk of echte folk, maar een ode aan de liefde voor een vrouw, zo lijkt het, Maar omdat Shane MacGowan nu eenmaal Shane MacGowan is en zijn fans teksten met een dionysostisch oog bekijken, bestaat het vermoeden dat de bezongen muze gewoon drank is. In plaats van een vrouw die een eerste zoen krijgt tijdens een regenachtige avond in Soho, zou het zomaar kunnen zijn dat MacGowan zijn liefde voor alcohol bevestigd ziet in deze uitgaanswijk van Londen. Gelukkig regende het en zag niemand zijn vreugdetranen.

Het nummer werd later op de cd-uitgave van het album Hells Ditch als extra nummer bijgevoegd. Een saillant detail is dat -na het uitkomen van eerdergenoemde Hells Ditch- MacGowan het spoor volkomen bijster raakte. Shaneymac kwam vaak niet opdagen voor concerten tijdens de Amerikaanse en Japanse tour en was zo onhandelbaar als R. Kelly in een kinderdisco. De band zette hem dan ook op straat. De zang zou worden overgenomen door de producer van Hells Ditch; Joe Strummer, de gitarist en zanger van The Clash. De band waarbij tijdens een concert  – zoals eerder vermeld – een stukje oor van MacGowan werd afgesnoept. Dit gebaar van Strummer werd zeer gewaardeerd. Na de dood van de frontman van de Clash werd bij de aanvang van een optreden van The Pogues steevast Straight to Hell van deze legendarische punkband afgespeeld.

Tussen 2001 en 2014 hebben The Pogues weer een aantal keer getourd mét levende legende Shane MacGowan. Een belevenis op zich. Regelmatig moest de stomdronken leadzanger namelijk door een beveiligingsgorilla naar zijn microfoon begeleid worden, waarbij opvalt dat zijn gewauwel tussen de nummers door onverstaanbaar is, maar hij de ingewikkelde lyrics zonder enige zichtbare moeite vlekkeloos eruit knalt. Zo nu en dan loopt hij het podium af (vaak al aangekondigd met obscene gebaren naar het publiek), waarna na een paar Shane-loze nummers MacGowan weer keurig naar zijn microfoon gedirigeerd werd. Pluspunt: hij kwam tenminste opdagen.

In 2014 viel het doek definitief voor The Pogues, nadat MacGowan had aangegeven dat hij helemaal ‘klaar’ was met de overige bandleden. Af en toe treedt het markante baasje nog op met zijn eigen band, The Shane Gang. Het publiek kon inmiddels zonder afgrijzen naar de zanger kijken; in 2009 was zijn gebit volledig gerenoveerd.

Keuze Marcel Klein: Eris Pluvia – Rings Of Earthly Light (1991)

Italiaanse regen

 Er zijn natuurlijk verschrikkelijk veel liedjes over regen en in mijn collectie van mooie (en vaak ondergewaardeerde) liedjes zitten er ook een aantal. Bij het zoeken naar de juiste voor deze battle, bleef echter steeds iets anders in mijn hoofd zitten.

In 1991 verraste een Italiaanse band de symfonische rockwereld. Een onconventionele plaat die anders was dan wat er in die tijd op dit gebied uitkwam. 1991 was de opkomst van de grunge, en binnen de symfo kwam progmetal als stroming stevig naar voren.  Midden van al dit geweld ging de band Eris Pluvia juist terug naar de retroprog met akoestische gitaar en dwarsfluit. Pluvia is de Latijnse naam voor regen en die naam deed de groep ook eer aan. Op elk van hun uitgebrachte albums stond een nummer met in de titel het woord Rain. Pas op hun vierde album (in 2019 uitgekomen) is dit losgelaten.

Ondanks dat op hun eerste album in 1991 het nummer You’ll Become Rain staat, wil ik het hier toch over het titelnummer van dit album hebben: Rings Of Earthly Light. Qua opbouw wellicht een typische symfonische rock track, maar alhoewel het de muziek en stem iets van Camel weghebben, zit er ook een stevige dosis akoestische folk in. Dat maakt de band, maar zeker het nummer apart en vernieuwend.

Alessandro Serri is de schrijver van dit stuk muziek en hij zegt er zelf over: “Deze 17 minuten durende suite bestaat eigenlijk uit 5 kleine liedjes die ik gecomponeerd heb in verschillende fases van mijn leven. Het eerste deel schreef ik al toen 17 was en het laatste deel toen ik 20 was. Deze suite is ook mijn favoriete deel van het album en elke keer als ik het speel of er naar luister geeft het mij veel plezier.  Het brengt mij terug naar mooie momenten in mijn jeugd. 

Het nummer zelf is rijk aan verschillende stijlen, van rustig akoestisch, gecombineerde zang van Serri en zangeres Valeria Caucino. Steeds weer een nieuwe melodie, maar heel herkenbaar met als laatste een mooie slepende gitaarsolo. Symfo folk.

De oplettende lezer zal het alvast opgevallen zijn. 4 albums in 28 jaar? Is dat niet een beetje weinig? De oorspronkelijke band viel al na dit debuutalbum uit elkaar. Drijvende kracht Alessandro Serri verliet de band en begon zijn eigen carrière onder de naam Ancient Veil. Eris Pluvia kwam in gewijzigde bezetting weer bij elkaar in 2010 en bracht vervolgens nog een aantal albums uit. Serri en een ander oud-lid van Eris Pluvia, Edmondo Romano, kwamen in 2016 ook weer bij elkaar en namen naast hun eigen album voor Ancient Veil ook in 2018 een live album op, waarbij zij  het album Rings Of Earthly Light integraal uitvoerden. Zo bestaan er nu dus 2 bands, waarbij de band met een andere naam wellicht het dichtst bij het oorspronkelijke debuutalbum staat. Bijzonder.

Keuze Willem Kamps: Sparklehorse – Rainmaker (1995)

Fonkeling

Met één van Shakespeare’s beroemdste citaten opent de debuutplaat van Sparklehorse, Vivadixiesubmarinetransmissionplot: A horse, a horse. My kingdom for a horse. Richard III roept dit op het slagveld voordat hij door Richmond in een persoonlijk duel met het zwaard wordt gedood. Voor multi-instrumentalist en zanger Mark Linkous van Sparklehorse gaat het niet om hét paard, maar om dé horse: heroïne. Een heel andere strijd, evenzo vaak met een dodelijke afloop. Ook de bandnaam is erop gebaseerd. Hier niet de strijd maar de flikkering die de drug bij hem teweegbrengt en bij ons, de luisteraar, door de ongetwijfeld mede daardoor gecreëerde muziek.

De eerste liefde van Mark Linkous, opgegroeid in een mijnwerkersfamilie, waren Black Sabbath, Ramones en Blondie die hij als beginnend muzikant graag coverde. Na highschool trok hij naar New York en startte The Dancing Hoods, die één EP uitbrachten en het voorprogramma van Camper van Beethoven deden. In de grote stad en het clubcircuit leerde hij zijn duistere metgezel kennen, de heroïne. Het werd de bekende haat-liefdeverhouding die leidde tot grote muzikale hoogten maar uiteindelijk het diepste menselijke dal: six feet under. Het gebruik, vele depressies, chronische pijnen (overgehouden aan een bijna verlamming) en een na twintig jaar gebroken huwelijk brachten hem ertoe zichzelf door het hart te schieten. Linkous stierf op 6 maart 2010. Hij werd 47 jaar. Saillant detail: hij woonde langere tijd in een plaats genaamd Richmond.

Vivadixiesubmarinetransmissionplot is een alom gewaardeerde plaat. Thom Yorke en Jonny Greenwood vragen Sparklehorse voor het voorprogramma van Radiohead en hij komt in contact met PJ Harvey en een van zijn helden, Tom Waits. Beiden leveren later bijdragen aan opnames van Sparklehorse. Waits over Linkous’ muziek: het is als onder water je ogen openen en de bodem zien. Jezus, kijk dan, wat hier allemaal is te zien.

Noem het lo-fi indie-rock met countryinvloeden. Van breekbaar naar rafelig en explosief. Op het debuut ook Rainmaker, een Pixies-achtig nummer. Toch, een regendanser, ik zit er niet op te wachten. Zon wil ik zien, warmte op mijn huid. Niet dat sombere natte kutweer, maar als Linkous erover zingt: doordrenk me maar! Rainmaker is coming. Hij mag er dan niet meer zijn na een ongetwijfeld neerslachtig leven – de fonkeling blijft.

Keuze Carlo Deuten: Skik – De Buie (1999)

Nao regen komt weer zunneschien!

Hé jongens. Eem stil weden. Eem naor de berichten luusteren. Ik hoor het mijn opa of oma nog zeggen. Ik wist destijds heel goed wat dat betekende. Stil wezen en rap een beetje. De berichten? Hiermee werd het nieuws bedoeld maar eigenlijk ging het vooral om good old Jan Pelleboer. Het weerpraatje op de regionale omroep met het weer voor boeren, tuinders, burgers  en buitenlui. Het kenmerkende stemgeluid van Pelleboer klonk onlangs weer door de noordelijke ether toen werd teruggeblikt op de horrorwinter van 1979.

In huize Deuten kwamen ook weer foto’s tevoorschijn waarop ik als 6-jarige tussen de hoge sneeuwduinen te zien ben. Ik besef me dat meer persoonlijke herinneringen iets te maken hebben met het weer. Waarschijnlijk veroorzaakt door het feit dat je als kind het anders beleeft maar ook juist omdat sommige zaken zo uitzonderlijk waren. En misschien ook wel omdat er destijds niet voortdurend code geel, oranje of rood werd afgegeven. Om van buienradar nog maar te zwijgen. Niet van minuut tot minuut kijken hoe het weer zich ontwikkelt maar gewoon wachten op wat komen gaat.

De eerdergenoemde winter van ’79, de ijzel van ’87 en de wateroverlast in ’98. Dat waren natuurlijk uitzonderingen. Maar ook de ‘normale’ weersomstandigheden zorgen voor de nodige herinneringen. Stroomuitval als bij een beetje wind de bovengrondse elektriciteitsdraden elkaar raakten. De blikseminslagen in de buurt. Bij een onweersbui sloegen de vonken  soms uit de grijze PTT T65 telefoon die bij ons thuis in de gang aan de wand hing. En die het daarna overigens gewoon bleef doen. Onverwoestbaar!

Daar kwamen de verhalen van ’vroeger’ van mijn ouders, familie en buren ook bij. En wat te denken van de boerenwijsheden en voorspellende ‘gaven’ met betrekking tot het weer. Ik ben daar als kind volgens mij regelmatig op gewezen zonder het bewust in mij op te nemen. Kijken naar de lucht. Veranderingen in de natuur. Of het gedrag van het vee en het wild. Ik kan me nog één concreet voorbeeld herinneren. Als de  vloer van de kelder in ons oud  boerderijtje vochtig werd  dan was er slecht weer op komst . Dan wist je dat het schip met zoere appels in aantocht was.

Al löp ‘n schip met zoere appels leeg
Al is het storm en bliksem wat ze kreeg
Old, old land. Zuchtend land
Hef zölfs as ‘t regent nog ‘n blauwe lucht

Ik blijf dat een mooie uitdrukking vinden.  Een schip met zoere appels. Stel je eens voor. Een zomerse dag die begint met een strakblauwe lucht.  In de loop van de dag verschijnen er wat wolken en dan komt  het onvermijdelijke.  Een flinke regen of donderbui op komst. Een donkere onheilspellende lucht, de regen die je van een afstand aan ziet komen en dan een uitbarsting met veel regen en/of donder en bliksem. En … na een zomerse bui snel naar buiten om die heerlijke frisse geur op te snuiven. Daar schijnt zelfs een naam voor te zijn:  petrichor. Dat is de geur die ontstaat wanneer regen op droge grond valt.

Het weer. Niet voor niets een veelbesproken onderwerp. Vanzelfsprekend, net als allerlei andere zaken in het dagelijkse leven, een inspiratiebron voor muzikanten. Als ik dan toch een weer-gerelateerd liedje mag uitkiezen dan kom ik, zoals wellicht verwacht, bij Daniël Lohues terecht. Het leven, de natuur en de cultuur in zijn directe leefomgeving vormen een belangrijke inspiratiebron. Scherpe observaties die vertaald worden in prachtige liedjes. Liedjes die je in veel gevallen zowel letterlijk als figuurlijk kunt interpreteren. Op het ene moment verstand op nul en lekker meezingen. Op een ander moment aandachtig luisteren en de woorden op je in laten werken. De natuur en alle bijbehorende aspecten als metafoor voor het leven van alle dag en de prettige en minder mooie zaken.

Wat nou? vluchten of blieven hier
Ik blief hier wachten want

Die buie weijt wel over…
Die buie weijt wel weg…

Die buie weijt wel weg. Nao regen komt weer zunneschien. Dat wee’j toch zulf ok wel. Maor die Lohues wet t juust wel mooi te brengen.

P.S.: die ellendige blikseminslag van een jaar of vier geleden daar hebben we het later wel een keer over. Gevalletje Deurdonderen. Maar dat is weer een ander verhaal.

Keuze Chris Hoesen: Jane Siberry – It Can’t Rain All The Time (1999)

Rain….

Dit keer is het thema Rain. Eén van mijn favoriete nummers heeft dit woord in de titel. Ik heb het lied, als één van de DJ’s, genomineerd voor de Snob 2000: It can’t rain all the time. Het nummer staat ook op de soundtrack van de film The Crow uit 1994. Een film waarin de hoofdrolspeler Brandon Lee (ja de zoon van..) in een scene wordt beschoten. Het bizarre is dat hij wordt geraakt door een echte kogel en komt te overlijden, 28 jaar jong. Jane Siberry, een Canadese singer-songwriter, schreef het nummer samen met producer Graeme Revell. Het is in de film diverse malen te horen als achtergrondmuziek, natuurlijk in een instrumentale versie.

It Can’t Rain All The Time raakte me meteen toen ik het voor het eerst hoorde en kocht dan ook meteen de soundtrack van de film. Het nummer is net als de film, donker en mysterieus. Neem bijvoorbeeld de openingszin van het nummer: We walk the narrow path, beneath the smoking skies. The narrow path is het leven en the smoking skies is de ellende in het leven om ons heen. Het gaat over goed en kwaad en hoe het soms zo lastig is om met pijn, ellende en verdriet om te gaan. En dan natuurlijk met name als je een geliefde (partner, ouder, kind, etc) verliest. Hoe pak je de draad weer op?

Ondanks de pijn en het verdriet geeft het refrein je hoop en misschien wel kracht om door te kunnen gaan.

Oh it won’t rain all the time.
The sky won’t fall forever.
And though the night seems long,
your tears won’t fall forever

Het nummer heeft mij al meerdere malen troost en kracht gegeven op momenten dat ik dat goed kon gebruiken. Het zal dan ook altijd in mijn persoonlijke top 3 blijven staan.

Keuze Tricky Dicky: Gary Allan – Songs About Rain (2003)

Raadt het plaatje

Keuze genoeg met het thema van vandaag. Op YouTube vond ik een schitterende clip van The Beatles met Rain en heel even kwam Captain & Tenille’s beste lied Come In From The Rain in mijn gedachten, mede vanwege het overlijden van de kapitein dit jaar. Maar na ampele overwegingen (ja ja) koos ik voor Gary Allan.

Gary wie? Een totaal onbekende zanger. Althans in Nederland. In de V.S. rijgt hij gouden en platina voor zijn albums aaneen. 11 Top 10 singles, waarvan 4 de hoogste posities wisten te bereiken….in de countrylijst. Ja, onze Gary is een countryzanger met een twang in zijn stem. Gelukkig in zijn carrière, maar ongelukkig in de liefde. Sinds 1987 drie keer getrouwd; het tweede huwelijk hield welgeteld 6 maanden stand en zijn derde vrouw pleegde na drie jaar zelfmoord. Privé komt het kennelijk met bakken uit de lucht vallen.

Deze ervaringen geven hem wel inspiratie voor diep tragische liedjes over liefde, verlies en het leven. En al deze emoties komen terug in Songs About Rain. Rondrijden zonder doel en nadenkend aan die éné die hem verlaten heeft, nadat hij hoorde dat ze inmiddels getrouwd is. En zoals altijd lijken de DJ’s de muziek op de radio uitsluitend voor hem alleen te draaien. Zielige liedjes over regen.

Vergeet  even dat het country is, want eigenlijk is het een heel goede (soft)rocktrack. En terwijl je geniet van zoveel verdriet een kleine quiz….noem de vijf titels en de meest bekende uitvoerenden van de liedjes die hij opnoemt in de melodie. Ik zet ze helemaal onderaan,  maar niet stiekem kijken hè. Eerst luisteren.

Keuze Jeroen Mirck: Hawksley Workman – Rain (2006)

Metafoor

Hawksley Workman ontdekte ik rond de eeuwwisseling op het Crossing Border Festival. Een theatrale multi-instrumentalist die kan klinken als Queen of Rufus Wainwright, maar – zoals jaren later bleek – ook prima kan rocken in de bovenzaal van Paradiso. Gitarist, pianist, maar ook een prima drummer. En hij schrijft prachtige ballads. Soms met een knipoog, zoals in het melodramatische Autumn’s Here, waarin hij de luisteraar meedeelt: It’s OK if you want to cry. Tearjerker op commando.

Rain is de titel van de meest pure ballad van Workman. Een kort liedje over de regen, met – jawel – de regen zelf in de hoofdrol.

Rain, rain, falling is the only thing you ever do.
You’re getting pretty good at it now

Natuurlijk gaat Rain niet echt over de regen, maar is die regen een metafoor. Aanvankelijk lijkt het een metafoor voor alle narigheid op deze aarde (Down, down, down to where the trouble and the hurt does live), maar uiteindelijk lijkt de tekst ook te verwijzen naar de pijn van de zanger en de liefde die er niet (meer) is. Kortom: alles wat een wandeling door de regen kan verbeelden komt terug in deze ballad.

Mooi is vooral de eenvoud van de compositie en de terugkerende herhaling van woorden (zoals down-down-down en fall-fall-fall) die de melodie zo aanstekelijk maakt. Wat mij betreft een van de mooiste en zwaarst ondergewaardeerde liedjes over de regen.

Keuze Jan-Dick den Das: Melissa Etheridge – An Unexpected Rain (2007)

Zielenpijn

De regen: misschien wel de meest gebruikte metafoor in liedjes, en meestal voor verdriet of andere mindere vrolijke zaken des leven. En veel van die liedjes zijn prachtig van diep triest tot melancholiek. Melissa Etheridge maakte in 2007 het album The Awakening. Op dit album het nummer An Unexpected Rain. Een pareltje met geweldig gitaarwerk van Philip Sayce, misschien ook wel een ondergewaardeerde gitarist. En die Philip Sayce geeft de tekst van Etheridge juist dat extra wat het nummer geweldig maakt.

An Unexpected Rain is een verhalend nummer in een stijl die je ook terug kan vinden bij Springsteen. Een verhaal over verlangen, verdriet en pijn. En die pijn komt ineens om de hoek kijken, terwijl je het niet verwacht. Het is als op een mooie zomerdag waar geen vuiltje aan de lucht is, het er dan toch ineens is An Unexpected Rain. Als metafoor door Melissa in dit nummer op een prachtige manier gebruikt.

Your look was haunting an unexpected pain
I am so sorry for the unexpected rain
The sadness that you kissed
The fresh scars on you wrist

Je wilt het allemaal zo graag goed doen maar dat lukt dus niet altijd, veel mooier en beter wordt het niet. Pain en rain, het zal geen toeval zijn dat in het Engels deze woorden naadloos op elkaar aansluiten. En zoals gezegd vanuit pijn worden mooie, vaak ondergewaardeerde liedjes geschreven. Soms kan het voor mij niet genoeg regenen, de zielenpijn wordt er alleen maar groter en meeslepender van. Melissa Etheridge heeft op dit album en dit nummer persoonlijke gebeurtenissen verwerkt in haar teksten. Je levenswandel en ervaringen in tekst en muziek:

And I plug in my guitar
And I look out across the room
And I dig into my heart
And I try to sing the truth
And I know I did my best
I never meant to hurt no one

De regen: soms weet je dat het komt, soms ook niet, soms kan je zelf er tegen beschermen, soms ook niet. Regen vaak niet leuk, maar we hebben het wel nodig om te groeien en te ervaren. Daarom hoe moeilijk het soms ook is, koester de (onverwachte) regen.

Keuze Marjolein van Elteren: Fixkes – Misschien Is ‘t De Regen (2014)

… of ligt dat aan het weer?

Fixkes. Zo’n band waarvan ik niet zeker weet of een korte intro nodig of juist overbodig is. In 2007 braken ze in Vlaanderen door met hun eerste single Kvraaghetaan. Het nummer blikt terug op de kinderjaren en zit vol met nostalgie, zeker voor mensen die tijdens de jaren tachtig zijn opgegroeid. Kvraaghetaan, in het streekdialect van Stabroek gezongen, domineerde in de zomer de Ultratop 50. In Nederland deed het overduidelijk door de Beastie Boys geïnspireerde ‘vrijdagavond’ het beduidend beter.

We spoelen de band even door naar 2014, toen brachten ze hun derde album Weeral Halfacht uit. Een heerlijk album wat meer rocked dan de voorgaande albums. Minder teksten, meer gitaar, met ‘gewoon lekkere’, vrolijke en soms ietwat puberale nummers als Jodie Foster (Jodie Foster, ik dacht dat gij ging bellen. Jodie Foster, da ge mij alles ging vertellen) en mooie nostalgische nummers die terugbrengen naar de jaren ’80 zoals alleen een band als Fixkes dat kan. Tussen deze nummers hebben ze een echt pareltje verstopt. Bij shows is het de perfecte afsluiting, op het album staat het nummer ergens halverwege. Ik heb het over Misschien Is ‘t De Regen. Het nummer tikt net niet de 6 minuten aan en begint heel klein, met een simpele maar veelzeggende tekst:

Misschien is ‘t de regen
misschien zenne kik het
Misschien is den dag die maar nie begint
En misschien gaag het straks wel beter
Misschien gaag het straks wel over…

Wat volgt is een prachtige instrumentale break die geheel terecht al vaker vergeleken is met Neil Young & Crazy Horse. Een break die je doet denken aan zolderkamertjes, houten balken en de regen die op het schuine dak klettert, maar vooral aan van die dagen waarop je stemming perfect bij het regenachtige, donkere weer lijkt te passen.

En dan? Dan wordt het nummer weer kleiner gemaakt en brengt zanger Sam Valkenborgh je weer terug in het hier en nu door de tekst aan het begin te herhalen. Al lijkt het misschien gaag het straks wel over… toch een stuk minder hoopvol, maar misschien ligt dat aan mij…of ligt dat aan het weer?

Keuze Ronald Eikelenboom: Ryan Adams – Fuck The Rain (2019)

Zwanenzang?

In ene is het schrijven over Ryan Adams verworden tot manoeuvreren in een mijnenveld. Een maand geleden werd Adams in een artikel in The New York Times beschuldigd van seksueel misbruik. In ruil voor seks zou hij een aantal dames helpen met hun carrière, de seks kwam er wel, met de carrière werd het niks. Ook loopt er een onderzoek naar sexting met een minderjarige. Adams ontkent. Ondertussen is zijn nieuwe plaat voor onbepaalde tijd uitgesteld, zijn aankomende tournee afgelast en zijn sponsordeals opgezegd.

Het zou over muziek moeten gaan, ongeacht of het nu om Adams gaat of over Michael Jackson of R Kelly. Maar in het huidige tijdperk van social media is iedere uitlating nieuws, is een hashtag genoeg om een carrière te breken en is journalistiek verworden tot het verzamelen van tweets, privé meningen, om die te presenteren als feit en te promoveren als nieuws. Als artiest lig je onder een vergrootglas, nu meer dan ooit.

Ik acht mijzelf niet in staat te beoordelen wie er gelijk heeft, niet op basis van een krantenartikel en wat tweets. Ik wil ook niemand veroordelen, Adams niet maar de betrokken dames evenmin. Veroordelen is een taak van de daarvoor bevoegde instanties, niet aan de massa met hun tweets en hastags. Tot die tijd is er muziek, want het zou over muziek moeten gaan. In dit geval Fuck The Rain, met een gitaarsolo van John Mayer, van Adams voorlopig niet te verschijnen album Big Colors. Misschien wel een zwanenzang.

De antwoorden zijn:
Rainy Night In Georgia – Tony Joe White, Brook Benton of Randy Crawford
Kentucky Rain – Elvis Presley
Here Comes That Rainy Day Feeling Again – The Fortunes
Blue Eyes Crying In The Rain – Willie Nelson
Early Morning Rain – Gordon Lightfoot

 
 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.