Social
  • RSS feed
  • Twitter
  • Facebook
 

Ondergewaardeerde Liedjes


The Battle: Radiohead (revisited)

Het is gemakkelijk om als artiest je geloofwaardigheid te verliezen. Het enige wat je hoeft te doen om het te verbruien bij de snobs is eerst snob-waardige albums uitbrengen en vervolgens je ziel verkopen aan de commercie.

Er zijn weinig bands die de route andersom hebben afgelegd. Toen Creep uitkwam, leken Thom Yorke en zijn mannen de zoveelste grungy eendagsvlieg. The Bends en OK Computer bewezen dat we met een blijvertje te maken hadden – beide albums behoren inmiddels tot de classic rock-albums aller tijden.

Maar daarna werd het pas echt interessant: toen koos Radiohead helemaal zijn eigen weg met Kid A. De band had de gitaren grotendeels ingeruild voor synthesizers, en vooral een hele dominante ritme-sectie. Je kunt veel van Radiohead zeggen, maar niet dat band blijft teren op oude successen. Maar ook de nieuwe sound van Radiohead sloeg aan – misschien commercieel iets minder, maar op artistiek gebied heeft de band nog altijd enorm veel invloed.

Met zo’n uiteenlopend oeuvre krijgen we wel meer dan een battle gevuld. En dat doen we dan ook: ruim twee jaar na de eerste battle (die gewonnen werd door Dorien de Boef met Talk Show Host), gaan we vandaag voor een tweede ronde.

Keuze Freek Janssen: Killer Cars (akoestisch) (1993)

Yorkes stem is net zo grillig en dynamisch als het verkeer dat hij bezingt

Eigenlijk zijn alle Radioheads mij even lief: die uit de begindagen, uit de hoogtijdagen en die uit recente jaren. Ik heb dan ook mijn keuze pas gemaakt nadat ik de andere bijdrages zag. Eén Radiohead ontbrak daar namelijk nog: de vroege, van vóór The Bends en OK Computer.

In de eerste battle verdedigde Bas nog Thinking About You van Pablo Honey, en dat is inderdaad een verdomd fijn plaatje. Er zijn nog twee pre-Bends-liedjes waarvan ik het bijzonder spijtig vind dat ze niet wat breder bekend zijn: het vileine Pop Is Dead en Killer Cars. Het laatste liedje was een B-kantje van Anyone Can Play Guitar en verscheen in andere versies op de singles High And Dry en Just.

De studioversie van Killer Cars doet mij niet zo veel, maar de solo-akoestische opname van Thom Yorke des te meer. De dynamiek die hij in zijn stem legt (zacht – hard – heel zacht – hard) lijkt op dat grillige en onrustige verkeer waarvan hij de gevaren bezingt. Het zal vast niet met opzet zijn, maar toch.

Keuze Eric van den Kieboom: Bones (1995)

Van die live-registratie die niet geschikt is voor mensen met epilepsie

Ik voel me natuurlijk nog steeds een groentje onder de bloggers tussen de Vet’s, Janssen’s ,Van Sambeek’s en Molkenboer’s van deze wereld, sterker nog; pas net heb ik de Radiohead Battle bekeken. Gewoon om te checken wat er destijds is ingezonden en of mijn eventuele inzending al gebruikt zou zijn. Maar wat een opluchting: hij stond er niet tussen. Wel een stuk of vijf runner ups waaronder  Fake Plastic Trees, wat je als oude Marillion fan natuurlijk wel goed moest vinden – want dat was dat nummer waarvan Steve H ooit zei dat hij dat zelf geschreven zou willen hebben.

Creep mag het natuurlijk niet zijn omdat die dan weer niet Ondergewaardeerd zou zijn, wat natuurlijk weer niet eerlijk is als je dat het beste nummer vindt dat je ooit gehoord hebt. Er zijn ook voor mij twee Radioheads die van voor en na OK Computer. Ik heb het nog wel geprobeerd met Kid A en Amnesiac, maar moest duidelijk passen. Doe mij die eerste drie cd’s maar, op alle drie staan pareltjes van het zuiverste soort. Je vraagt je wel af waarom OK Computer zo bejubeld is, want er staan toch drie draken van nummers op en dat is 25 procent van het totale album!

Nee mijn keuze hoort gewoon Bones te zijn, al is het allen maar om de vaart die in het nummer zit en de bass die me om de een of andere reden aan John McVie doet denken. Bones staat ook op de Live in Astoria DVD, die fantastische live-registratie met die mooie waarschuwing op de hoes dat mensen met Epilepsie maar beter er niet naar kijken.

 

Keuze Marjolein van Elteren: Polyethylene (Parts 1 & 2) (1997)

De track zou op OK Computer ook een vreemde eend in de bijt geweest zijn

Polyethylene (Parts 1 & 2) werd net niet goed genoeg bevonden voor OK Computer, en eerlijk gezegd zou de track daar ook een vreemde eend in de bijt geweest zijn. Gelukkig kreeg het nummer een herkansing en verscheen het alsnog op de geweldige Airbag/How Am I Driving EP in 2008.

De track begint met een kort akoestisch nummer (deel 1) en daarna barst er een geweldig rocknummer los met fijne drums, gitaren en een aanstekelijke melodie. Absoluut één van mijn Radiohead-favorieten.

Keuze Ilja Edwards: Let Down (1997)

Het ultieme Radiohead-moment van OK Computer

Het is voor mij altijd een strijd geweest wat mij mijn favoriete Radiohead-album was. En ik durf nu wel met zekerheid te zeggen dat OK Computer gewonnen heeft van The Bends.

Maar op sommige momenten klinken die popsongs van The Bends echt wel lekker. Maar uiteindelijk moet ik toch bekennen dat de sfeer het van de popsongs heeft gewonnen.

Waarschijnlijk als je mij zou vragen wat mijn favoriete nummer is van deze plaat zal ik niet Let Down zeggen, maar voor mij staat op dit nummer het ultieme Radiohead-moment.

Natuurlijk heb ik het over het moment op in het 3e couplet op 3.58 waarbij de leadvocals van Thom Yorke van kanaal verwisselt met de backingvocals. Dit is voor mij het ultieme moment op deze plaat!

Ik geloof dat ik het wel vijf keer achter elkaar heb geluisterd toen ik het voor het eerst hoorde. Zoiets had ik nog nooit eerder gehoord. Verder zijn er nog wat opvallende dingen aan dit nummer.

Zo wordt (volgens mij) het tempo vertraagd bij de eerste paar noten zodra de drums erbij komen. Maar genoeg technisch gelul. Het is bovendien ook een prachtige song.

Een song die perfect in het rijtje van de overige 8 songs past wat OK Computer tot een meesterwerk maakt en bijdraagt en bewijst dat het één van de beste albums allertijden is.

Keuze Chris van der Ploeg: Cuttooth (2001)

Eigenlijk is het een klassieke Radiohead-song, maar hij had ook gerust tien minuten mogen duren

Aan het verschijnen van elk nieuw Radiohead-album gaat een periode van verwachting en anticipatie vooraf. Ik kan me het wachten op OK Computer nog goed voor de geest halen, en was bij het verschijnen van die plaat aanvankelijk teleurgesteld dat er geen nieuwe Just of Nice Dream op stond. Dat ik de plaat vervolgens maanden grijs draaide duidde erop dat deze teleurstelling al snel was omgeslagen in het besef dat deze band geheel zijn eigen gang gaat en vooraf gekoesterde verwachtingen eigenlijk per definitie de prullenbak in kunnen.

De opvolger van OK Computer kwam moeizaam tot stand. De toegenomen aandacht, het vele toeren en de vergrote status van de band leidden bij Thom Yorke tot een writer’s block. Tijdens de totstandkoming van Kid A en Amnesiac, beide albums werden in dezelfde periode opgenomen, werd deels afgeweken van de bandbenadering van de eerste 3 albums. Er werd inspiratie gezocht in knip-en-plakmethoden, met lieden als Miles Davis, Talking Heads en de krautrockers van bijvoorbeeld Can en Neu! als voorbeelden.

Krautrock dus. De invloeden van deze stroming (bekijk deze docu maar eens) op de muziek van Radiohead gaan ver terug. Over Planet Telex, de opener van The Bends, zegt Thom Yorke in 1995 tegen Melody Maker: “We nicked ‘Planet Telex’ from ‘Tago Mago’ by Can. So fuck off, we are arty us.”

In het dagboek dat gitarist Ed O’Brien bijhoudt van de opnamesessies van wat later Kid A en Amnesiac zouden worden noemt hij een aantal keren de song Cuttooth: “anyhow move onto a new song ‘Cuttooth’ its got a ‘neu’ thing about it – long and hypnotic….”. (meer quotes hier). Op grond hiervan ging ik er vanuit dat Cuttooth absoluut een albumtrack zou gaan worden, en tot op de dag van vandaag vraag ik me af waarom dit niet zo is. Aanvankelijk zou de song op Amnesiac komen te staan, maar uiteindelijk is hij ‘slechts’ als B-side van Knives Out uitgebracht. In goed gezelschap, dat wel, want onder deze B-sides bevinden zich wel meer pareltjes.

Cuttooth is voor de liefhebber een interessante luisterervaring. Het repetitieve drumpatroon, de hamerende ostinato piano op de afterbeat, de McCartney-esque baslijn, vele synths en gitaartexturen (er zijn meer gitaren te horen op Kid A en Amnesiac dan je denkt…), eigenlijk is het een klassieke Radioheadsong. Enkele tekstregels zijn later overigens terug te vinden in het in 2003 verschenen Myxomatosis. En wie Cuttooth hoort snapt ook waar Bodysnatchers vandaan komt.

Het is een verslavende song, en als hij tien minuten had geduurd had ik het ook prima gevonden. De jam waar de basistrack uit voortkomt was waarschijnlijk ook een stuk langer dan de uiteindelijke versie. Een song als Dollars and Cents is op dezelfde manier tot stand gekomen. Het geeft een mooi beeld van de methoden die de band in die fase is gaan toepassen, en als ik eerlijk ben vind ik post-OK Computer-Radiohead op z’n best als ze hun versie van Krautrock ten gehore brengen. Denk eens aan These are my twisted words, The National Anthem en Where I end and you begin, allemaal hebben ze die hypnotiserende ritmes, prachtige licht-minimalistische texturen en soms briljante akkoordenstructuren.

Ik zit inmiddels niet meer te wachten op een nieuwe Just of Nice Dream. maar het sentiment dat ik voel bij de muziek uit deze periode valt ook toe te schrijven aan het feit dat ik een tiener was in de periode dat deze muziek tot me kwam. Muziek uit die periode is niet te vervangen.

Het latere werk raakt me op een andere manier, herinitialiseert elke keer als ik het hoor in plaats van dat het me meeneemt naar een bepaalde plek in een bepaalde tijd. Feitelijk reist het met me mee, en rijt het als een snijtand de toekomst open.

Daarom, Cuttooth.

 

Keuze Stefan Koopmanschap: Pulk/Pull Revolving Doors (2001)

De kracht bij dit nummer schuilt overigens in de repetitie

Radiohead, de band van de experimenten. In hun hele bestaan hebben ze zo veel verschillende stijlen muziek gedaan (of misschien ook wel ontdekt) dat het bijzonder lastig is om ze in een hokje te plaatsen. En dat willen we in Nederland toch graag? Wat mij betreft is het kiezen van één nummer voor een battle als deze onmogelijk. Maar doordat Radiohead zo veel verschillende stijlen heeft gemaakt is er wel een breed scala aan dingen beschikbaar waar ik van kan aannemen dat anderen deze niet zo snel zouden kiezen.

En één ding is mij wel heel duidelijk: Er zijn te weinig bliepjes op deze site. OK, er is de battle en heel af en toe komen er nog wel eens andere dingen langs, maar te weinig. En laat Radiohead nou ook wel eens iets met electronica gedaan hebben. 😉

En zo kwam ik bij Pulk/Pull Revolving Doors. Het is een voor reguliere popliefhebbers vrij ontoegankelijk nummer. Erg repetitief, weinig verandering, en geen Thom Yorke. Of nou ja, er zit een vervormde stem in, die zou van Thom Yorke kunnen zijn, maar in ieder geval niet het zeer herkenbare stemgeluid van Yorke. De kracht bij dit nummer schuilt overigens precies in de repetitie. Die bouwt een bepaalde sfeer op, waarbinnen heel veel kleine variaties plaatsvinden, en die de vocals erg versterkt.

Prachtig.

Keuze Roel Kramer: There There (2003)

Het ideale autostuur-meedrumnummer

Ik ben nooit een geweldige luchtgitarist geweest. Misschien heb ik er niet voldoende fantasie voor. Als kind speelde ik wel gitaar op een geel plastic tennisracket, maar dat vond ik eigenlijk ook maar niks. Misschien komt het omdat ik al vroeg wist hoe het was om een échte gitaar vast te houden: mijn vader had een prachtige oude Epiphone western gitaar. Nee, luchtgitaren zijn niets voor mij.

Ik ben veel meer een luchtdrummer. Maar dan niet alleen in de lucht, maar ook op randen van tafels en mijn knieën. Kartonnen dozen ontkomen in mijn handen ook zelden aan een roffel voordat ze in de oud-papiercontainer verdwijnen. En dan is er het stuurwiel in mijn auto: de ideale ondergrond voor de luchtdrummer en de tafelroffelaar. Het stuur van de auto heeft verschillende zones met elk zijn eigen klank: het is een bassdrum, een snare en een floortom ineen. Probeer als luchtdrummer maar eens stil te staan voor een stoplicht zonder mee te drummen met wat er maar op de radio is.

Het ideale autostuur-meedrumnummer is tevens een van de beste Radioheadnummers. There There is met zijn geweldige drumpartij fantastisch om mee te beuken op het stuurwiel van mijn Renault Clio. Het ritme lijkt wel wat op dat van We Will Rock You van Queen, maar dan net iets gecompliceerder. Tijdens concerten worden steevast twee grote trommels het podium opgereden zodat het pulserende ritme door wel drie man sterk wordt aangegeven. There There rockt. En in de beslotenheid van mijn auto ben ik de beste drummer ter wereld.

 

Keuze Frans Kraaikamp: All I Need (live from The Basement) (2007)

Het is allemaal verkeerd en het is al goed: lekkere climax..

Wereldbands verdienen een tweede battle kans! Dat blijkt wel uit de hoeveelheid aanmeldingen om aan deze battle mee te doen. Ik vermoed dat het misschien wel komt doordat je in zo’n eerste battle slechts een tipje van de sluier van het omvangrijke oeuvre van zo’n band opligt. Er gaat daarachter nog heel veel moois schuil dat nu ook een kans krijgt. Radiohead is een band die zich zeer sterk heeft ontwikkeld. Je kunt natuurlijk betwisten of de muziek er beter op geworden is. Maar allesbepalend is de geweldige stem van Tom Yorke, die fantastisch is! Een geweldige zanger(es) maakt de muziek voor mij al snel interessant om te luisteren. Ik heb gekozen voor een liedje dat op album In Rainbows (2007) staat.

Laat ik maar met de deur in huis vallen. In Rainbows is niet mijn meest favoriete Radiohead album. Dat zijn toch: The Bends en OK Computer. Neemt niet weg dat ook op In Rainbows hele mooie nummers staan. Nummers, die misschien niet het allerbeste zijn wat de band heeft voortgebracht, maar desalniettemin toch zeer de moeite waard zijn! Met name Nude en All I Need vind ik twee prachtige liedjes. Ik heb voor deze bijdrage gekozen voor All I Need. En wel in een live uitvoering: Live From The Basement.

All I Need is een heel mooi uitgesponnen liedje met een lekkere muzikale climax. Aan het begin van de song hoor je de Fender Rhodes en wat aanzwellende gitaargeluiden. Dan valt de drum er droogjes in en volgt kort nadien het lekker hoekige baslijntje. Langzaam ontvouwt zich het liedje. Yorke begint te zingen:

I’m the next act
Waiting in the wings

I’m an animal
Trapped in your hot car

I am all the days
That you choose to ignore

You are all I need
You are all I need
I’m in the middle of your picture
Lying in the reeds

Langzaam wordt naar een climax toegespeeld en worden een Xylofoon en vuige distortion gitaargeluiden toegevoegd. Net als je verwacht dat het losbarst neemt de band iets gas terug, maar niet voor lang! Yorke neemt snel plaats achter de piano. En daar gaat het los! De bekkens worden flink geroerd en Tom schakelt door naar zijn kopstem en zingt:

It’s all wrong
It’s all right
It’s all wrong

 
 

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.