Een coverversie is een precair dingetje. Nogal wat artiesten durven niet al te veel af te wijken van het origineel en komen uit op een bloedeloze kopie. Of schieten hun doel voorbij, met een lafhartig aanslag op het origineel. Duran Duran met covers van Grandmaster Flash, Sly Stone, Lou Reed de Doors en Public Enemy op één album is next level: je moet maar durven. Tribute-albums zijn per definitie erop of eronder. Al is er eentje uit mijn studentenjaren niet kapot te krijgen. If I Were A Carpenter ademt pure liefde voor de easy listening van het getroebleerde broer en zus-duo.
Mijn eerste kennismaking met de Carpenters was de succesvolle televisiefilm uit 1989, over de opkomst en ondergang van Richard en Karen. Hoewel mijn vader liefhebber is van hun muziek, zat ik die bewuste avond naast mijn moeder op de bank. Vermoedelijk in een poging om huiswerk te ontduiken, bleef ik gebiologeerd hangen voor de buis. Net als bij een soortgelijk vehikel over Elvis, raakte ik steeds meer geïntrigeerd door de tragiek van muzikanten met psychische problemen. In het geval van Carpenters leken die namelijk haaks te staan op de schijnbaar-niets-aan-de-hand muziek.
Via het tribute-album kwam ik echter parels op het spoor die een heel ander facet uit hun repertoire blootlegden. Tegenover de Teenage Kicks-vibes van Top Of The World (Shonen Knife) en een briljant creepy, soft focus uitvoering van Superstar (Sonic Youth) trof ik van melancholie druipende uitvoeringen van Rainy Days And Mondays (Cracker), Goodbye To Love (American Music Club) en Solitaire (Sheryl Crow). Onbetwist hoogtepunt kwam voor rekening van onze eigen Bettie Serveert, dat rauwe, diepere lagen van verdriet aanboorde in For All We Know: huilen op je bedje, mij dunkt!
Nou hebben de Betties sowieso een gelukkige hand voor een goed gekozen cover. Behalve een bloemlezing uit het repertoire van de Velvet Underground voor de live-reeks Marlboro Flashbacks, halen hun interpretaties het beste naar boven in River (Joni Mitchel), Lover I Don’t Have To Love (Bright Eyes) en Drown Butterfly Drown (Boudewijn de Groot). Die laatste is niet te vinden op Spotify, maar kreeg een verdiende plek in onze Deep Dive over de band, waarin Carol en Peter te gast waren. For All We Know ontbrak helaas in de bijbehorende ondergewaardeerde playlist: domweg een gemiste kans, dacht ik.
Het tegendeel bleek het geval: door collegablogger Martijn werd ik erop gewezen, dat For All We Know destijds niet op de keuzelijst voorkwam vanwege de populariteit op de streamingsdiensten. Niet de slordige anderhalf miljoen luisterbeurten van de recente nummer 1 Palomine uit onze Snob 2000, maar met een half miljoen in de verste verte niet ondergewaardeerd dus (en eigenlijk wel terecht).
