Social
  • RSS feed
  • Twitter
  • Facebook
 

Ondergewaardeerde Liedjes


I Spy – Last Dance

In april van het jaar 1986 kwamen we te wonen in Beijum, dat was toen een relatief nieuwe buitenwijk van de stad Groningen. Ik was dertien. Het zou ideaal moeten zijn geweest. Eindelijk wonen in een grote stad, alles was dichtbij. Mijn nieuwe middelbare school was slechts vijf minuutjes fietsen voor mij. Ik was namelijk heel anders gewend tot dan toe. Eerst woonden we in een dorpje in Friesland. Om naar school te gaan moest ik altijd heel vroeg opstaan, mocht ik een kwartier fietsen naar een ander dorp, vervolgens drie kwartier met de gele Fram-bus, om uiteindelijk nog met zo’n oude leren zware schooltas een tijd door Sneek te moeten gaan zeulen. Ik voel mijn pijnlijke schouders nog.

Ik miste mijn oude school echter wel, desondanks. Op mijn nieuwe school, waar ik halverwege het schooljaar terecht kwam, voelde ik me simpelweg een buitenaards wezen. Het liep niet prettig, en dat was voor een gevoelig persoon erg vervelend. Er was maar één weg om voor mij te gaan bewandelen, blijkbaar. Naar binnen toe, in mezelf gekeerd. Je was er wel, maar we vroegen ons af of je er wel was, zei mijn moeder me eens over die tijd. Ik was stil en teruggetrokken.

In het jaar 1986 gebeurde er nog iets anders. Pas nu snap ik dat de één het gevolg was het ander. Ik ging als een fanaat naar radio luisteren. Ik moest mijn focus op iets anders kunnen richten, blijkbaar. De DJ’s redden mijn leven. Voor mij was er met name een speciaal iemand die me echt bij de les wist te houden, de meester die me op de rit hield. Iemand die me iedere, iedere, iedere maandag tot en met zaterdag om 18 uur een stukje frisse lucht gaf. Ik moest en zou op tijd op mijn kamertje zijn. Het avondeten werd soms gehaast, met een half oog naar de klok, naar binnen gewerkt, want om 18 uur begon De Avondspits met Frits Spits.

Luisteren naar de radio. Het was voor mij een serieuze zaak. Nieuwe nummers nam ik op en ik luisterde alles terug. Lang leve de cassette! Bij Frits Spits was het niet erg dat er door het intro of het outro heen werd gesproken, zijn enthousiasme maakte me enthousiast en ik ging erin mee. Zo weet ik nog heel goed, op een avond liet hij een bepaald nummer horen; het leek speciaal voor mij te zijn. Het was een nummer van een band uit Groningen, en hij stak het niet onder stoelen of banken, hij vond het nummer fantastisch. Voor het eerst voelde ik me een stukje verwant met de vreemde stad waar ik nu in woonde. Voor het eerst voelde ik me iets van trots op de plek waar ik nog niet helemaal thuis was.

Gek genoeg werd het nummer geen hit. Ik realiseerde me toen ook dat ik een nummer mooi kon vinden zonder dat het de status van echte hit nodig had. Een ondergewaardeerd liedje dus. Ik heb het nummer, en met name het outro met het onmetelijke enthousiasme, nog vaak teruggeluisterd. Desondanks verbleekte het nummer in de loop der jaren tot een vage herinnering. De naam van de band raakte ik kwijt. Het TDK-cassette bandje waar het moment op stond waarschijnlijk verloren gegaan of hergebruikt. Ergens in mijn hoofd bleef het echter nog een beetje leven, en dacht ik er in de recente jaren nog regelmatig even aan terug. Hoe fijn zou het zijn als ik kon ontdekken welk nummer dat was, en welke band. Er zou vast een mooie blog over te schrijven zijn ook.

Op die avond in 1986 werd een zaadje in de grond gestopt, jaren later werd het een volwassen boom. Ik ben uiteindelijk gaan schrijven over die nummers die het verdienen meer belicht te worden. Dat niet alleen, ook is Groningen meer mijn thuis geworden. De lokale scene is het waard te ontdekken en om over te schrijven. Recent ben ik dan ook gaan schrijven voor een andere site, maar dan gericht op de lokale muziek. Stiekem in mijn achterhoofd moet het de wens zijn geweest meer te weten te komen over de lokale bands van vroeger en nu. Wellicht kwam die band uit de jaren ‘80 nog eens op mijn pad.

Als het goed is snap je nu al waar dit lange verhaal naar toe gaat. Nog even geduld voor de conclusie, eerst komen nog wat wereldsterren voorbij. Vanwege een aantal retrospectieve artikelen kwam ik in contact met enkele concertorganisatoren uit Groningen van vroeger. Eén van die personen sprak ik over het begin van zijn carrière op dat gebied. Specifiek was ik op zoek naar informatie over zijn toenmalige vriendschap met de eerste drummer van de band Dire Straits. Deze Groninger werd uiteindelijk van vele topacts in de loop der jaren de tour- en productmanager. Hij had dus wel maar te vertellen. De wereldsterren waar hij mee te maken had gehad, Van Morrison, Jerry Lee Lewis, John Denver, Robert Palmer, Everly Brothers, David Bowie, Bob Dylan: allemaal kwamen ze in duizelingwekkende vaart voorbij.

Gelukkig kwamen we terug op Aarde door het ook over de acts dichtbij huis te hebben. In het kader van een volgend artikel over de muziek uit Groningen van eind jaren ‘70, begin jaren ‘80, spraken we over de lokale topbands van toen. Vergeet dan ook niet de band I Spy, zei hij, daar was die diskjockey in Hilversum zo enthousiast over…. Goh, hoe heet hij ook alweer?

Het moet voor mijn gesprekspartner raar zijn geweest. Ondanks alle aansprekende anekdotes was dit juist de informatie waar ik zichtbaar erg gelukkig van werd. Hier was dan de naam van de band, I Spy. Ik had het gevonden. Vervolgens gaf hij mij ook nog een naam van een voormalig bandlid, en ik wist wat me te doen stond: contact opnemen, want mijn volgende stuk zou nu mede over I Spy gaan. Dat kon niet anders. Tot zover het lange intro, nu de feiten van het ondergewaardeerde liedje.

Op 11 september 1986 kwam de tweede single van de Groningse band I Spy uit. Het new wave nummer Last Dance was het eerste nummer van deze band op de Nederlandse radio. Het debuteerde heel snel in het uiterst populaire radioprogramma De Avondspits. De DJ – Frits Spits – was uitermate enthousiast. Hij kondigde het nummer af, maar zette nogmaals het intro van het nummer op om de luisteraars ervan te overtuigen dat dit toch wel echt heel bijzonder was. Het specifieke fragment is hier te beluisteren. Luister ernaar, het is gewoon poëzie.

In een studentenhuis in de Radesingel in Groningen snelden tegelijkertijd een aantal bandleden van I Spy, totaal verrast, naar een cassettedeck, om nog zoveel mogelijk van het radiomoment op tape te krijgen. Vol enthousiasme, want zou dit de doorbraak worden? Zeker had het nummer hitpotentie. In de volgende weken werd het nummer nog regelmatig gedraaid, en niet alleen in De Avondspits, ook bij programma’s van de VARA. Toch werd het niet die hit die het had kunnen zijn. Ook werd het uiteindelijk niet het nummer waar I Spy uiteindelijk het meest mee zou worden vereenzelvigd, wat dat betreft is Last Dance ook nog eens ondergewaardeerd: Het nummer The International Feel uit 1988 kreeg nog net wat meer aandacht in de loop der tijd. Recent zelfs heeft Rob Stenders dát nummer ook opgenomen in zijn NL Rock And Roll Hall Of Fame.

Je kunt dus ook niet zeggen dat I Spy echt heel onbekend is gebleven. Overige singles, zoals Welcome To The News en Guide-Line, werden ook goed ontvangen. Er waren radio en TV-optredens, en er werden twee albums uitgebracht, Crystal Fire in 1988 en Kite in 1991. Vervolgens werd het lange tijd stil, maar de band is nooit officieel gestopt.

Gaat de toekomst nog iets brengen dan? Van de ex-drummer van de band, Coos Grevelink, kreeg ik te horen dat er in gewerkt is aan een dubbelalbum: While The War Began. Het schijnt een heel bijzonder project zijn geworden. Iets om naar uit te kijken. Als man van het eerste uur van de band heeft Coos dan wel de band in 2015 verlaten, maar hij kon er nog met veel plezier over vertellen en het contact met de band is nog immer uitstekend. Ik heb genoten van een paar korte telefoongesprekken om meer te mogen horen over de historie van de band, bijvoorbeeld over de twee bands die aan I Spy zijn voorafgegaan, en over hoe het was om de eerste keer de eigen muziek op de radio te horen.

Zijn verhaal maakte me duidelijk dat het nummer Last Dance uiteindelijk dus in meerdere opzichten erg belangrijk is geweest. Mijn blog die er altijd moest komen, die wellicht gewoon 35 jaar in de maak was, kon nu eindelijk geschreven worden. Als een afsluitende dans na een lange, bijzondere avond met veel, heel veel verhalen en mooie muziek.

 
 

1 Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.