Social
  • RSS feed
  • Twitter
  • Facebook
 

Ondergewaardeerde Liedjes


De Platenkast van de Ouders-battle

We hebben het stof van de platen uit ons ouderlijk huis afgeblazen, op zoek naar een jeugdherinnering of dat éné juweeltje. Want laten we eerlijk zijn…de smaak van onze ouders was vrijwel nooit dezelfde als die van de kinderen, maar met het slijten der jaren krijgen we nostalgische gedachten.

Helemaal achterin de platenbak en dik onder het stof hebben we iets kunnen opduikelen!

Keuze Tricky Dicky: Tommy Boyce & Bobby Hart – I Wonder What She’s Doing Tonight (1968)

Last(ig)

Ik ben gek van muziek en heb de hele dag een melodie in mijn hoofd of luister naar muziek. Mijn vader hield ook van muziek evenals mijn oma, die de hele dag de radio aan had. De platenkast thuis was weliswaar goed gevuld, maar enige nuance is wel op haar plaats. Mijn vader is in 1920 geboren en opgegroeid met onder andere Kees Pruis, Louis Davids en Bob Scholte. In die dagen had je krakend geluid uit de radio (mits je deze kon veroorloven) en bakelieten platen. Jazz, swing en crooners kon men pas in de oorlog beluisteren, mede doordat de Amerikanen naar deze muziek luisterden. Mijn vader kwam er iets eerder mee in aanraking, want wegens zijn verzetswerk moest hij in 1942 hals over kop naar Engeland vluchten toen de nazi’s aan de deur stonden en hij via het raam verdween.

Mijn moeder daar aan tegen is in (het neutrale) Zwitserland geboren en heeft van de oorlog vrijwel niets meegekregen. Na de oorlog heeft zij haar moederland verlaten en heeft ze mijn vader in het rondtrekkende circus ontmoet. Echter, mijn moeder hield niet echt van muziek, want als het aan haar lag heerste er thuis volkomen stilte. Bij hoge uitzondering en in een olijke bui wilde ze nog wel eens een Zwitserse kraker aanhoren met titels als Grüzi Wohl Frau Stirnimaa! van de Minstrels of Oh Läck Du Mir van Trio Eugster. Beiden zijn humorvolle in het Zwitserduits gezongen liedjes hetgeen verbazingwekkend is, want Zwitsers lijken het humor-DNA volledig te ontberen.

oh läck du mir,
oh läck du mir,
oh läck du mir am Tschöpli,
rutsch du mir de Buggel ab
und blas du mir id Schueh!

Een vrije vertaling is dat je zijn kont kan likken, zijn rug op kan en het heen en weer kan krijgen. Echter, mijn bloglicentie zou ter plekke ingenomen worden wanneer ik uit de platenkast van mijn ouders juist met deze aan kwam zetten. Voor degenen die hun nieuwsgierigheid niet kunnen bedwingen is hier de link, maar wees gewaarschuwd: dit lied kan ernstige hersenschade veroorzaken en was de reden waarom ik direct naar mijn kamer vluchtte.

Het enige in de platenkast van mijn ouders wat enig sinds interessant was, waren Frank Sinatra, Al Martino en Herb Alpert, maar helaas werd meestal de gulden middenweg met James Last gekozen. Bah….van die Last(pak) hadden we maar liefst 15 exemplaren van de 200 miljoen verkochte platen met verkrachte popliedjes, (semi) klassieke niemendalletjes en kabbelende deuntjes in de kast staan. Maar er stond ook een verzamelaar van A&M Records (waar Alpert de scepter zwaaide) in de kast en daar stonden ook Tommy Boyce & Bobby Hart op. De enige uitschieter op een ‘middle of the road’ elpee; een beatnummer. Je gaat van mij niet horen dat het een onbekend juweel is, maar het was wel het enige nummer dat volledig anders was dan alles wat in de kast stond.

Ik wist toen nog niet beter, maar de heren hadden al aardig wat deuntjes geschreven voor onder andere Chubby Checker, Paul Revere & the Raiders, Jay & the Americans en met name voor mijn favoriete wekelijkse sitcom The Monkees (1966-1967). Het eerste jaar van uitzending werden alle liedjes door Boyce & Hart geschreven, geproduceerd en ingezongen. Pas na het enorme succes en de publieke wens de liedjes op de plaat te kunnen kopen, hebben The Monkees alles opnieuw met hun stemmen opgenomen.

Boyce & Hart hebben drie succesvolle albums opgenomen, schreven meer dan 300 liedjes en verkochten meer dan 42 miljoen platen. Later schreven ze muziek voor films en series.

Keuze Henk Tijdink: The Doors – When The Music Is Over (1970)

Illegale persingen

Muziek is mij met de paplepel ingegoten en in mijn ouderlijke huis stond er altijd muziek aan. Vaak de radio, in de tijd dat er alleen nog maar een analoge en zeer beperkte versie van Shazam beschikbaar was in de vorm van de lijst in de TV- en radiogids met de nummers die bij ‘Arbeidsvitaminen’ gedraaid zou worden.

Uiteraard hadden mijn ouders, als muziekliefhebbers, ook LP’s van artiesten waarvan de meeste muziek de radio niet haalde. Bob Dylan, Neil Young, Pink Floyd, Gram Parsons: dat zulk werk. Nog voor ik kon lopen trok ik af en toe al een LP uit de kast. Mike Oldfield wist ik toen al op waarde te schatten.

Platenkast Tijdink

Mijn vader had een behoorlijk grote platenverzameling. Door zijn werk op de grote vaart voer hij over de wereldzeeën en  kwam hij veelvuldig in Singapore. 5 albums voor 5 gulden. Een koopje. Vakkundig en illegaal geperst. Overdag plaatste je je bestelling en ’s avonds werd het aan boord gebracht! Uiteraard was de kwaliteit voor die prijs belabberd en na een aantal jaar niet meer om aan te horen, maar je kan niet alles hebben. Nostalgie heeft een prijs.

En van de bands die ik door mijn vader heb leren kennen is The Doors. In begin en midden jaren ’90, de tijd dat ik bands als Nirvana, Pearl Jam en The Smashing Pumpkins mijn muzikale leven binnenkwamen, ontdekte ik via de platenkast van mijn ouders ook artiesten als Neil Young, Bob Dylan en The Doors. Wat een geluk, dat ik muzikale ouders had (en heb)! Waarschijnlijk zou ik zonder de platenkast van mijn ouders deze grootheden ook wel ontdekt hebben, maar wat een geluk: 16 jaar zijn en dan twee generaties muziek hebben om uit te kiezen!

The Doors, inmiddels met 10 (!) nummers in de jaarlijkse Top 2000. Ondergewaardeerd kun je het niet echt noemen. Wel een band die live vast veel beter was dan in de studio. Een band die zonder frontman Jim Morrison nooit bekend zou zijn geworden. Een band die met Jim Morrison gedoemd was ten onder te gaan. Maar vooral één van de bands die aan de basis staat van mijn muzikale ontwikkeling.

Er gaat nu wel eens een jaar voorbij waarin ik The Doors niet draai: steeds minder tijd en steeds meer muziek. Maar zonder jaarlijkse inspectie van de fundering van mijn huis woon ik ook heerlijk, dus waarom zou ik me onnodig druk maken over mijn muzikale fundament?

Ik hoop, dat mijn zoon- of dochterlief over een jaar of 30 ook stukjes schrijft over bands als dEUS, Radiohead of Elbow. Maar mijn muzikale opvoeding is ook al geslaagd als ze van muziek gaan houden houden, ongeacht of het mijn smaak is.

Keuze Ilona de Bok: Rex Gildo – Fiesta Mexicana (1972)

KalverSchlagerliefde

Ik weet dat ik nu met een stoer verhaal zou moeten komen hoe Yellow Submarine van The Beatles mijn favoriete nummer uit de platenkast van mijn ouders was. Het was het ook. In zekere zin. Heerlijk marcheren en fonetisch meebrullen. Maar goed, stiekem staat de platenkast van mijn ouders aan de wieg van een geheime liefde voor schlagers. Dat besefte ik me op twee momenten in mijn leven. De eerste keer Oktoberfest in München. Ik voelde me thuis. Ik kon bijna alles meezingen wat de hoempapa-bandjes speelden en ik schaamde me niet. De tweede keer was toen ik als grap in Duitsland een Best of Schlager-cd kocht en die opzette waar mijn moeder bij was. Niet verwonderlijk, kon zij alles meezingen van de CD. Wel verwonderlijk wist ook ik de teksten van bijna alle liedjes terug te halen uit mijn kindergeheugen.

En geloof me, ik heb me jaren verzet. Stiekem verzet ik me nog steeds. Maar goed, het is tijd om me niet langer te schamen. Ik heb een stiekeme liefde voor schlagers ontwikkeld in mijn jeugd. En wat maakt een schlager nou zo mooi? Schlagers hebben een zekere combinatie van vrolijkheid en melancholie. Het ene moment zweef je op de toppen van een flinke verliefdheid, het andere moment drink je gezellig samen met je vrienden en vervolgens slaat de dood toe. Zoveel emoties in een genre, dat moet toch wel gouden pareltjes opleveren? Voor dit keer zal ik de favoriet van mijn broer maar mee laten dingen: Fiesta Mexicana van Rex Gildo. Maar schlagertechnisch zijn er zoveel meer mooie nummers die eigenlijk allemaal ondergewaardeerd zijn.

Pas later begreep ik hoe tragisch het leven van Rex Gildo is geweest. Kijk de documentaire De Val van een Schlagerkoning en niet alleen sommige van zijn nummers zijn bitterzoet. Zijn hele leven was een samenloop van verdrietige omstandigheden. En dan nog weet hij zo’n feestkneiter te maken als Fiesta Mexicana. Dat maakt een groot artiest.

Keuze Dimitri Lambermont: Bruce Springsteen – Lost in the Flood (1973)

Ploeteren maar nooit vooruit komen

De platenkast van je ouders – het heeft een magische klank. Hoeveel jongeren zijn niet op een bepaald spoor gezet door de muziekkeuze van hun ouders? Hoeveel blijft hangen van de muziek die dagelijks door de ruimte klinkt? Hoeveel neem je mee in je adolescente brein? En hoeveel zie je daar later van terug? Gezien mijn voorkeur voor zware metalen en de overweldigende voorkeur van mijn moeder voor Neil Diamond lijkt de invloed me beperkt gebleven. Maar toch…

Laten we het eerst eens over de platenkast hebben, want nu iedereen de hele muzikale wereld digitaal bij elkaar streamt, vraagt het begrip ‘platenkast’ toch wel om wat uitleg. Zo had de platenkast van mijn moeder wieltjes; het nut daarvan ontgaat me nog immer. Het was een donkere hoge kast van Philips met alles erin. Een donkere hardglazen deur en een donkere stofklep. Daarachter een platenspeler, cassettespeler, radio en opslagruimte voor meerdere platen. De draden voor de speakers verdwenen in een gaatje in de bordkartonnen achterkant van het zware gevaarte – een mysterie.

Terug naar de muziekkeuze. Neil Diamond. Timi Yuro. Nikis Theodorakis. Tot zover weinig mogelijkheden om rond de stereo in samenzang uit te breken. Ik was in mijn jongste jaren idolaat van Elvis. Daarna sloeg het om naar Prince en rond het vakkenvullen was daar opeens Metallica op de walkman. De basis voor een leven als metalhead was gelegd. Daar zit geen fonkelsteentje tussen.

Toch was ik recentelijk zeer blij om drie platen uit de ouderlijke platenkast te mogen ontvangen. Greetings from Ashbury Park N.J., The Wild, the Innocent and the E Street Shuffle en Darkness on the Edge of Town. Opeens was hij daar in mijn platenkast. The Boss. Bruce Springsteen. Een gewone jongen met nummers over hardwerkende mensen. Over arbeiders die ondanks al het ploeteren maar nooit vooruit komen. Van al het vinyl dat in de platenkast rondhing zijn we uiteindelijk samengekomen rond onze liefde voor The Boss.

Dan nu het ondergewaardeerde liedje. Ik kies hier voor Lost in the Flood. Het is zo’n nummer dat ergens waarschijnlijk heel veel indruk heeft gemaakt. Een duister nummer. Geen stampnummer. Heel ver van Dancing in the Dark. Het komt van Greetings from Asbury Park, N.J.; het debuutalbum dat in 1973 uitkomt. Ik ben geboren in 1974 dus van een eigen wil kunnen we nog niet spreken in deze. Het gaat vooral om het beeld dat Springsteen weet op te roepen in de volgende passage:

That pure American brother, dull-eyed and empty-faced
Races Sundays in Jersey in a Chevy stock super eight
He rides ‘er low on the hip, on the side he’s got “Bound for Glory” in red, white and blue flash paint
He leans on the hood telling racing stories, the kids call him Jimmy the Saint
Well, that blaze-and-noise boy, he’s gunnin’ that bitch loaded to blastin’ point
He rides head first into a hurricane and disappears into a point.
And there’s nothin’ left but some blood where the body fell, that is, nothin’ left that you could sell
Just junk all across the horizon, a real highwayman’s farewell
And I said, “Hey kid, you think that’s oil? Man, that ain’t oil, that’s blood”
I wonder what he was thinking when he hit that storm, or was he just lost in the flood?

Voor een jong ventje onder de rook van Rotterdam was er geen cooler beeld dan verdwijnen in een hurricane met Bound for Glory op je Chevy. Nog steeds een goede herinnering.

Keuze van Frans Kraaikamp: ZZ-Top- Tush (1975)

Uit een ander vaatje tappen

Mijn ouders zijn beide geen popmuziekliefhebbers. Ze hadden andere interesses. Mijn vader was – en is – een liefhebber van orgelmuziek. Opzich niks mis mee, maar geen muziek waar je als bijna-tiener naar wil luisteren natuurlijk. Einde verhaal voor deze battle-bijdrage zou je denken, maar nee. Gelukkig had hij ook wat Rock & Roll verzamelaars in de kast had staan, met daarop nummers van The Shadows, Elvis, Johnny and the Hurricanes, Jerry Lee Lewis, enzovoort. Een hele stap vooruit, maar om nou te zeggen dat het me echt muzikaal gevormd heeft.. nee. In de auto draaide we bandjes van Abba, Robert Long en Rob de Nijs. Vooral de liedjes van Abba zitten erg mooi in elkaar, maar niet bepaald muziek waar ik als 10-jarige naar zocht!

Dus wat doe je dan.. je gaat luisteren naar wat anderen leuk vinden. En ik luisterde soms naar Radio 3. En hallo: er was nog geen internet / Spotify. Ik moest roeien met de riemen die ik had.

Op een gegeven moment ‘leende’ ik muziek bij mijn oudere zus op zolder en nam deze mee en draaide deze – als iedereen weg was – op flink volume op de installatie in de woonkamer. Mijn oog bleef hangen achter een hoesje met onverzorgde mannen met gitaren en schaars-geklede vrouwen op de hoes: The Greatest Hits (1991) van ZZ-top! Poeh, dat was even andere koek dan ik tot dan toe gewend was. Zwaar overstuurde gitaren, alom aanwezige drums en rauwe zang! Op het verzamelalbum staat onder andere Tush van het album Fandango! Stevig opgevoerde Bluesy Rock & Roll. Ik genoot met volle teugen en daarna legde ik hem netjes terug. Hij staat nu ook in mijn eigen platenkast en ik mag hem nog steeds graag op volume draaien!

Keuze Danny den Boef: Electric Light Orchestra – Big Wheels (1977)

Onbetaalbaar

Als er één artiest is die na al die jaren vanuit de platenkast van m’n ouders rechtstreeks m’n hart in verdween tot op de dag van vandaag, is dat natuurlijk Rob de Nijs. Maar goed, daar heb ik u in een voorgaand schrijfsel alles al over uit de doeken gedaan natuurlijk.

M’n vader had minstens zo’n interessante muziekcollectie. Goed, niet alles was nou bepaald mijn stijl, maar er zat toch een hoop goede muziek tussen. Twee van de bands die goed vertegenwoordigd waren, Supertramp en Electric Light Orchestra, maakte de meeste indruk. Met name die laatste heeft een blijvende indruk achtergelaten. Zelfs op jonge leeftijd was ik klaarblijkelijk al gek op drama en bombast. En dan ben je bij ELO natuurlijk aan het juiste adres. Wat zeg ik, drama en bombast ís ELO. Simpel.

Als kind was ik allereerst gefascineerd door de CD met het grote, ronde ruimteschip en het soort van supersonische vliegtuig dat daar naar binnen vloog. Uiteraard heb ik het over Out Of The Blue. Tot op de dag van vandaag nog steeds één van m’n favoriete albums, in de collectie aanwezig op zowel vinyl als CD. Ik draai hem nog graag. Het album is destijds (1977) uitgebracht als dubbel LP en is opgedeeld in diverse delen, waaronder het inmiddels beroemde Concerto For A Rainy Day. Mensen, het is genieten hoor. Epische nummers als Turn To Stone, It’s Over, Sweet Talking Woman, Wild West Hero en de monsterhit Mr. Blue Sky. Toch zijn dit niet de beste nummers. Naar mijn bescheiden mening, met permissie uiteraard. Nee, mijn favorieten zijn Steppin’ Out en Big Wheels. Ik kan daar gewoon altijd naar luisteren.

Als ik tussen die twee een keuze moet maken, ga ik denk ik voor Big Wheels. Vraag me niet waarom, maar het nummer is zo weergaloos goed. Het heeft een rustige opbouw (die overigens prachtig naadloos voortvloeit uit het voorgaande nummer) en die langzaam opbouwt naar een Wall Of Sound, waar Trump direct een optie op zou nemen. Man. Wat een power. En dat alles inclusief meerstemmige echo’s. Kan het nog beter? Ik betwijfel het. Er zullen hele volksstammen zijn, die gaan kokhalzen van de bombast die ELO heet. En dat mag. We leven tenslotte in een vrij land. Voel u vrij zou ik zeggen.

In de loop der jaren durf ik zelf te stellen dat ik mijn vader voorbijgestreefd ben in de liefde voor ELO. Muziek is nou eenmaal een groter deel van mijn leven uit gaan maken dan in dat van hem. Toch bleef ELO ook bij hem op de radar. Op 1 mei jongstleden stond, als een soort wonder, ineens ELO weer op het podium in Nederland. In de Ziggodome. Voor het eerst sinds 1983 waren ze daar ineens.

Ok, enige nuance is wellicht op z’n plaats. Het betrof hier officieel niet ELO, maar Jeff Lynne’s ELO, een rechtenkwestie vanwege ruzie met andere bandleden. Het enige andere oorspronkelijke lid was toetsenist Richard Tandy. En de begeleidende band is normaal gesproken van Take That. No offense. Was het wel ELO dan? Daar is maar één antwoord op mogelijk; een volmondige JA.

Jeff Lynne is ELO en ELO was Jeff Lynne. Zo simpel is het.

Het was een weergaloze show waarin Lynne ongeveer alle hits de revue liet te passeren. Goed op stem, maar verder weinig bewegelijk veranderde hij langzaam maar zeker de Ziggo in een kolkende orkestrale lichtshow die bombastisch stond te trillen op haar Amsterdamse grondvesten. Ik was erbij. Samen met mijn vader. En we genoten. Allebei. Naast elkaar stonden we te kijken naar een levensgrote platenkast van een jaar of 25 geleden. En dat was onbetaalbaar.

Keuze Freek Janssen: Urbanus – Kodazuur (1982)

Ik heb zelfs nog getwijfeld over Anita Meyer, godbetert

Ok jongens, cut me some slack. Ik kon hier niet kiezen uit ZZ Top, The Doors, ELO of Bruce Springsteen. Ik moest het doen met Engelbert Humperdinck, Boney M, Paul Anka, Cliff Richards en BZN. Mijn heimelijke liefde voor Mon Amour heb ik al eens toegegeven.

Ik heb getwijfeld over The Alternative Way van Anita Meyer: zó veel fijner dan Why Tell Me Why, maar toch nog steeds iets te… Tja, heppie de peppie?

De platenkast van mijn ouders is onlangs fysiek bij mij teruggekomen toen ik een veel te dure ‘vintage’ platenspeler kocht. De elpees van Dorus en Urbanus waren vooral een feest der herkenning. Ik werd zielsgelukkig toen ik Kodazuur hoorde. Duidelijk geïnspireerd door de pretpunkbeweging van die tijd (Ça Plane Pour Moi) en misschien geen Top 2000-materiaal, maar toch een bijzonder fijne track, eigenlijk.

Kan alleen iemand mij uitleggen wat ‘rielouwisje’ betekent?

 

 
 

1 Comment

  1. Willem

    “Kan alleen iemand mij uitleggen wat ‘rielouwisje’ betekent?”
    Is dat een serieuze vraag?
    Het gaat natuurlijk om Marie-louise…

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.