Social
  • RSS feed
  • Twitter
  • Facebook
 

Ondergewaardeerde Liedjes


The Battle: liedjes die de zanger niet zingt

Als zanger heb je de eerste keus bij de meisjes, je foto staat prominent op de albumhoes en je hebt de meeste kans op een serieuze solo-carrière als de band uit elkaar valt.

Geen wonder dat drummers, gitaristen, bassisten en toetsenisten ook wel eens een gooi willen doen naar het zangerschap. Deze exemplaren zijn volgens ons behoorlijk goed gelukt.

Keuze Martijn Janssen: The Supremes – Buttered Popcorn (1961)

Niet zo onschuldig als de glamour wil laten geloven

Het klinkt misschien raar om voor een battle over liedjes die niet gezongen worden door de zanger(es) een nummer te kiezen van een meidengroep bestaande uit drie zangeressen. Maar als je de naam The Supremes laat vallen dan denken velen toch meteen aan Diana Ross. Zij was degene die alle aandacht opeiste – en kreeg – en op de wereldhits te horen is als zangeres. Eind jaren zestig werd de naam van de groep zelfs veranderd in Diana Ross & The Supremes om aan te geven om wie het allemaal draaide. Na Diana’s vertrek uit de groep om solo het succes voort te zetten veranderde de naam weer terug naar The Supremes. Ook met Jean Terrell en later Scherrie Payne werden nog wel hits gescoord zoals Stoned Love, Nathan Jones en Floy Joy. Maar wat tegenwoordig vooral blijft hangen zijn de wereldhits met Diana Ross zoals Where Did Our Love Go, Baby Love of You Keep Me Hanging On.

Buttered Popcorn is een nummer uit de beginperiode van The Supremes en een van de zeldzame keren dat Diana Ross niet op de voorgrond te horen is. Het wordt gezongen door Florence Ballard. Zij was de oprichtster van de groep, die eerst The Primettes heette en werd omgedoopt tot The Supremes toen het bij het Motown label kwam.
Het levensverhaal van Florence Ballard laat zien dat het verhaal van The Supremes zeker geen sprookjesverhaal is. Het was zelfs inspiratie voor een Broadway musical en film, Dreamgirls. In dat verhaal wordt uit de doeken gedaan dat, wanneer de meidengroep veel succes begint te krijgen, de interne spanningen zorgen dat een van de meiden uit de groep wordt gezet. Florence’s verhaal is echter geen Broadway of Hollywood. Ze wordt niet uit The Supremes gezet omdat ze zogenaamd te zwaar is, maar vanwege haar toenemende alcoholisme. En waar Dreamgirls eindigt met de terugkeer van de zangeres bij de groep en de suggestie dat de vriendschap terugkomt, eindigt Florence Ballard berooid, depressief en verslaafd aan alcohol. Ze overlijdt aan een hartaanval in 1976, slechts 32 jaar jong.

Die tragiek is er gelukkig nog niet ten tijde van Buttered Popcorn. Opgenomen wanneer The Supremes nog maar net bij Motown zitten klinkt het nummer heerlijk zorgeloos. Met haar krachtige stem draagt Florence het onbekommerde optimisme uit. De levensvreugde is zo duidelijk hoorbaar. Dit is geen hartbrekende soul, maar een opwindende mix van pop en rhythm & blues. Opwindend in meerdere opzichten. Want hoewel niet zo bedoeld door de componisten (onder andere Motown labelbaas Berry Gordy zelf) heeft het nummer wel een erg suggestieve tekst.

My baby likes buttered popcorn
He likes it greasy
And sticky
And gooey
And salty
I said what do you like
He says you know what I like
I like buttered popcorn

Toen aan Berry Gordy werd uitgelegd dat de songtekst voor meerdere uitleg vatbaar was promoveerde hij snel de oorspronkelijke B-kant tot het nummer dat gepromoot moest worden. Dat was Motown ‘standard’ Who’s Lovin’ You. Gezongen door Diana Ross.

Keuze Tricky Dicky: The Doors – Tightrope Ride (1971)

Coulda, woulda, shoulda

Coulda: vlak na de opnamen van L.A. Woman (december 1970 – januari 1971) waren Ray Manzarek, Robbie Krieger en John Densmore gestart met componeren en arrangeren van nieuwe liedjes voor de opvolger. Het wachten was op Jim Morrison om deze in te zingen, alhoewel er al repetities waren geweest. Diverse liedjes zoals I’m Horny I’m Stoned, Wandering Musician en Down On The Farm waren – naar men zegt – al geschreven ten tijde van L.A. Woman. Dwars als altijd weigerde Jim I’m Horny I’m Stoned te zingen (vreemd gezien zijn dagelijkse liefhebberijen) en ook Down On The Farm werd door Jim direct naar de vuilnisbak verwezen. Hij was misschien een zuiplap en had geen afkeer van geestverruimende middelen, maar zijn beoordelingsvermogen was zo sober als een pasgeboren baby. De heren hadden moeten luisteren.

Woulda: Terwijl de wereld dacht dat Jim Morrison op vakantie was in Parijs, meldde hij de bandleden in maart dat hij besloten had te stoppen en dat zijn rock & roll-dagen voorbij waren. Dit werd met de nodige scepsis ontvangen, want los van zijn stemmingswisselingen belde hij een paar weken voor zijn dood nog nieuwsgierig op om te informeren naar de verkoop van L.A. Woman. Niet echt een vraag voor een rock & roll pensionado. Men had er dus vertrouwen in dat hij op zijn beslissing zou terugkomen. De muzikale omlijsting was grotendeels klaar en wachtte dus op de teksten en zang van Jim.

Shoulda: Na zijn onverwachte dood in juli besloten de resterende Doors-leden de plaat (Other Voices) af te maken en namen Ray en Robbie de zang voor hun rekening. Ze meenden dat iedereen een rock & roll-zanger kon zijn, maar het bleek toch (eufemistisch gezegd) iets moeilijker dan ze ingeschat hadden. In een interview uit 1973 gaf Ray aan dat hij geen goede zanger was, en de aanwezige Paul McCartney reageerde met Well, he’s alright, actually. Don’t be so humble. In deze korte zin schuilt de waarheid; het gaat wel. In datzelfde interview stelde Ray dat de Doors een betere band waren zonder Jim, omdat ze muzikaal geen grenzen meer hadden. Maar hij vertelde ook dat Jim niet te vervangen is; zonder hem miste de Doors een vitale component.

Tightrope Ride referereert aan de toen net overleden Brian Jones (Rolling Stones) en schijnbaar ook die van Jim. Het lied is een schitterende samenwerking van drie topmuzikanten; stevig drumwerk, messcherp fretwerk op de gitaar en fantastisch toetsenwerk. De LP zelf is – behoudens I’m Horny I’m down en Down On The Farm – muzikaal een hele goede schijf, maar elke keer als ik de plaat draai hoor ik in mijn gedachten de stem van Morrison, en besef dat Other Voices een geweldige plaat had moeten zijn.

You’re on a tightrope ride, we’re all by your side
But you’re all alone, and we’re going home
And we’re by your side, but you’re all alone
Like a Rolling Stone, like Brian Jones

Alhoewel de geluidskwaliteit van de clip niet optimaal is, is de intro uit 1972 een heerlijke terugkeer in de tijd van de Duitse Beatclub Televisie (Bremen).

Keuze René Albers: R.E.M. – Texarkana (1991)

Rechttoe rechtaan een R.E.M.-liedje en de zang van Mike Mills past daar perfect bij

Bij de aankondiging van deze battle moest ik meteen aan R.E.M. denken, één van mijn grote favorieten. Micheal Stipe is de officiële zanger. Bassist Mike Mills nam met grote regelmaat de achtergrondzang voor zin rekening en een enkele keer ook de leadzang. Het eerste liedje dat mij te binnen schoot was Superman, een cover van The Clique dat verscheen op het in mijn ogen beste album van R.E.M., Life’s Rich Pageant. Aangezien dit een cover was ben ik even verder gaan zoeken….

Uiteindelijk ben ik uitgekomen bij Texarkana, één van de twee (!) nummers die gezongen worden door Mike Mills, de bassist, op hun succesalbum Out of Time. Het andere nummer is trouwens Near Wild Heaven, ook een pareltje.

Jarenlang heb ik Out of Time stug genegeerd, vanwege die wereldhit en dat wanstaltige Shiny Happy People. Naar aanleiding van deze battle heb ik die cd toch maar uit de kast gepakt, en heeft mij bewezen dat ik haar jarenlang onrecht heb aangedaan. Out of Time is het zevende album van R.E.M. en kwam uit in 1991, wereldwijd zijn er 18 miljoen exemplaren van verkocht en het album heeft drie Grammy’s gewonnen.

20,000 chances I’ve wasted – Waiting for the moment to turn

Ondanks dat Texarkana niet officieel als single is uitgebracht heeft het toch een vierde positie in Billboard’s Alternative Songs Chart. Voor mij persoonlijk is Texarkana één van de hoogtepunten van Out of Time, de zang van Mills past perfect bij dit liedje. Het is een in mijn ogen rechttoe rechtaan R.E.M.-liedje. Warm en prikkelend tegelijk. Ergens deep down is het een liefdesliedje, het is een zoektocht om iets te leren, waarschijnlijk om die 40.000 tranen in haar ogen te stelpen….

Catch me if I fall

Keuze Dave Thijssen: The Smashing Pumpkins – Daydream (1991)

Wat gaat er boven een lange basspelende blondine met felrode lippenstift? Tienercrush!

Het eerste liedjes dat in mij opkwam na de vraag op twitter was Daydream van The Smashing Pumpkins, de band van zanger/gitarist/alleskunner Billy Corgan. The Smashing Pumpkins was (voor mij) één van de grootste bands van de 90’s en ik leerde ze kennen vlak voor het uitkomen van Siamese Dream in 1993. Zoals een waar muzieknerd betaamt ben ik direct op zoek gegaan naar eerder werk van de band en dat was onder andere het debuutalbum Gish. The Smashing Pumpkins maakt niet alleen hele goede muziek, ze hadden ook nog eens een geweldige uitstraling en niet op de laatste plaats één van de meest sexy bandleden ooit, D’Arcy Wretzky… want zeg nou eerlijk, wat gaat er boven een lange basspelende blondine met felrode lippenstift? Tienercrush!

In die 90’s kon je niet googelen als je info over een band wilde, wellicht maakte dat het beeld van een band juist altijd mooier dan de werkelijkheid. De knappe blondine kon namelijk heel goed bas spelen en zingen, oké niet heel briljant, maar toch, want de (voor)laatste track, (voorlaatste want er staat nog een hidden track I’m Going Crazy achter) op het album Gish werd door haar gezongen. En dat deed ze ook nog eens heel cool, of niet?

Als op een gegeven moment verhalen van The Smashing Pumpkins in het openbaar komen over hoeveel ruzie er was in de band en wie nou eigenlijk precies wat deed in de band, begin ik te twijfelen aan de muzikaliteit van D’arcy Wretzky. Ze bleek op zowel Gish als Siamese Dream weinig tot geen baspartij te spelen, dat deed Billy Corgan liever allemaal zelf, en het zingen klonk op plaat dan wel cool en vooral heel ongeïnteresseerd (wat het nog veel cooler maakte in de grungetijd) maar was live echt een drama. Zelfs backup vocals wist ze totaal te verkloten tijdens live optredens.

Was D’Arcy lid van de band vanwege haar uiterlijk dan? Nou nee, op latere albums speelde ze wel degelijk haar eigen baspartijen, dus ze kon het wel. Ze verliet de band om te gaan acteren maar raakte nog meer verslaafd aan drugs dan ze al was ten tijde van The Pumpkins. Als je nu overigens googelt op huidige foto’s van D’Arcy is ook die tienercrush heel snel over. Maar toch heeft ze destijds zoveel indruk op me gemaakt dat het eerste liedje waar ik aan dacht die niet gezongen wordt door de zanger(es) van de band, Daydream is.

Keuze Jaap Bartelds: U2 – Numb (1993)

Een raadselachtige track door een mompelzingende The Edge

Mompelzingen. Het was weer eens wat anders dan de standaard stadiongalm van U2’s Bono. U2 besloot begin jaren negentig het roer om te gooien met het album Achtung Baby, dat een stuk industriëler en elektronischer klonk dan hun voorgaande werk.

Numb was tijdens de sessies voor dat album ontstaan, maar werd in gewijzigde vorm uitgebracht als leadsingle van het album Zooropa. Op dit album stond zelfs regelrechte dance, iets wat de fans van het eerste uur maar weinig konden waarderen. Net als het gemompel van The Edge op Numb.

Numb bestaat uit een monotone, industriële beat met tandartsboorgeluiden waarvoor een act als Nine Inch Nails zich niet zou schamen. Daaroverheen mompelt gitarist allemaal dingen die niet mogen. Bono en drummer Larry Mullen Jr. voorzien de track van achtergrondvocalen en voilà: het lied was af.

De bijbehorende video werd een klassieker. The Edge is te zien in één lange close-up terwijl hij wordt gemarteld. Halverwege wordt hij uit beeld geduwd, om na een tijdje weer terug op z’n kruk te krabbelen. Al met al een raadselachtige clip, die uitstekend past bij een al even raadselachtige track uit de omvangrijke U2-catalogus.

Keuze Edgar Kruize: Pearl Jam – Mankind (1996)

Over een nerd in een korte broek

Je zal maar als übernerd in een van ’s werelds grootste bands terecht komen. Het overkwam Stone Gossard. Binnen Pearl Jam van onschatbare waarde. Maar laten we eerlijk zijn, hij is ook het bandlid dat er ogenschijnlijk altijd een beetje bij bungelt en op de bandfoto’s altijd meer als toevallige voorbijganger dan als echt bandlid oogt. Met zijn accountantsbril en keurige haartjes.

Muzikaal heeft Gossard wel de leukste bijprojecten. Het funky Brad bijvoorbeeld. En hij is ook de enige naast Eddie Vedder die ooit de leadvocalen van de band op zich heeft genomen. In 1996 op het magistrale album No Code (ja, vind ik echt) dook ineens zijn onvaste, beetje nasale stemgeluid op het nummer Mankind. Het begint een beetje hetzelfde als All The Small Things van blink182, maar dat nummer is vier jaar jonger. Daarna is het nummer nog steeds niet heel spannend, maar de boodschap is helder: “What’s got the whole world faking it!?”

In 1996 was ik toevallig bij de allereerste live-uitvoering van het nummer. Gossard oogde als een kind dat tijdens de schoolmusical een liedje moet zingen, maar het eigenlijk niet durft. Ogen naar het plafond, ogen naar de vloer, stamelend in de microfoon zingend. Pas tijdens de korte gitaarsolo kwam hij los, waarna hij in zijn korte broekie en hoog opgetrokken sokjes springend het eind van het liedje haalde. Met die herhaalde boodschap. “What’s got the whole world faking it?!” Terwijl er aan zijn act echt niks gespeeld was. Gossie!

Keuze Freek Janssen: Oasis – The Importance of Being Idle (2005)

Als ik liedjes van Oasis leuk vindt, blijken ze gezongen te worden door Noel Gallagher

Het woord ‘overgewaardeerd’ nemen we bij Ondergewaardeerde Liedjes niet graag in de mond. Maar Wonderwall van Oasis, dat is toch wel… Hoe zal ik het zeggen? Een liedje dat hoger wordt aangeschreven dan het eigenlijk verdient.

Die uithaal van Liam Gallagher: So maybeeeeeeeeee, you’re gonna be the one that saves meeeeee…

Vre-se-lijk.

Het enige liedje waar ik in die periode geen maagkrampen van kreeg, wat Don’t Look Back in Anger. Dat wil zeggen: na die eerste paar maten, want die knipoog naar John Lennon vond ik té cheeky. Pas later kwam ik er achter dat niet Liam, maar broer Noel Gallagher dit liedje zong.

Tien jaar later kwam er weer een Oasis-track voorbij op de radio waar ik bijzonder gecharmeerd van was, en opnieuw bleek Noel de zang voor zijn rekening te hebben genomen.

The Importance of Being Idle vind ik met afstand het sterkste Oasis-nummer dat ik heb gehoord, maar omdat het buiten hun hoogtijdagen werd uitgebracht is het niet eens in de buurt van een hit gekomen. In Nederland, althans.

Jammer.

Maar dus wel ondergewaardeerd!

Keuze Eric van den Bosch: Journey – A Better Life (2005)

Voor de drummer, door de drummer

Er zijn allerlei bands met twee of zelfs drie leadzangers in de gelederen. Journey legde de lat wat hoger op het album Generations. Hoewel ze in Steve Augeri een uitstekende zanger hadden, zongen op dat album alle vijf (!) de bandleden op minstens één nummer de leadzang. Inclusief drummer Deen Castronovo, die nooit eerder als leadzanger had gefungeerd.

A Better Life was door gitarist Neal Schon en toetsenist Jonathan Cain voor Castronovo geschreven toen die een tijdje in een ontwenningskliniek zat. Een song als hart onder de riem. Toen het nummer jaren later daadwerkelijk werd opgenomen, suggereerden Schon en zanger Steve Augeri dat hij het zelf zou zingen. Het resultaat mag er zijn.

Het nummer is een aanstekelijke semi-ballad die drijft op een eenvoudig gitaarloopje dat de sfeer zet voor de smoky zangpartij van Castronovo. In niets is te merken dat hij van huis uit helemaal geen zanger is. Integendeel, het is een van de beste tracks van het album, niet in het minst door de fraaie zang.

Dat viel meer mensen op. Vorig jaar zong hij ook enkele tracks op het solo-album So U van Neal Schon en een paar dagen geleden kwam het debuutalbum van de formatie Revolution Saints uit, waarop Castronovo de meeste leadzang voor zijn rekening neemt.

En zo staat er pardoes weer een drummer achter de microfoon…

Keuze Frans Kraaikamp: Black Dub – I Believe In You (2010)

Dit liedje had zo op Acadie kunnen staan

Liedjes die de zanger(es) niet zingt: wat een tof thema! Hoe mooi is het als de leadzanger een stapje naar achteren zet en ruimte maakt voor een andere zanger(es). Soms komt het voor dat degene die de zang overneemt een grotere zanger is dan de zanger(es) zelf. Dan kan er zomaar iets heel bijzonders uit voort komen! Mijn eerste gedachte ging daarbij uit naar U2 – The Wanderer (zang: Johnny Cash) en U2 – Loves Comes To Town (zang BB King) waar ik al eens een stukje over schreef voor de bootleg-battle. Maar soms moet je het eens over een andere boeg gooien en verder zoeken. Ik kwam al zoekende uit bij Black Dub.

De band Black Dub is een samenwerking tussen Daniel Lanois, Trixie Whitley, Brian Blade (drummer van Norah Jones) en de bassist van The Neville Brothers: Daryl Johnson. Black Dub bracht in 2010 haar tot nog toe enige album Black Dub uit. Whitley neemt normaal gesproken de leadzang voor haar rekening met haar heerlijke soulstem, die een mooie mix is van de stemmen van Joss Stone en Mavis Staples. De grote Lanois zet bewust een stapje achteruit om Trixie te laten schitteren. Bij het nummer Canaan is Lanois aan zet – en zingt Whitley de backings.

Het resulteert in een heel mooi liedje dat net wat rustiger is dan de rest van het repertoire en zo op mijn meest favoriete Daniel Lanois album Acadie had kunnen staan. Een nummer wat mij aangenaam verrast heeft en vanaf nu vaker gedraaid zal gaan worden!

Keuze Danny den Boef: Keane – Your Love (2010)

Een van de hoogtepunten op een verder vrij erbarmelijke EP – dankzij de vocoder

Keane is volgens mij een beetje de Sean Connery uit de muziekindustrie. Vanuit het vrijwel niets ineens wereldwijd MIDDEN in de spotlights en daar dan zelf heel moeilijk mee omgaan. Moeilijk in de zin van moeilijk gaan doen richting je omgeving. Echt waar. Sean Connery, de held, schijnt een draak te zijn. Nou ja, vroeger, van 007 schijnt tegenwoordig zo seniel als een draaideur te zijn.

Dat soort gevoelens krijg ik altijd een beetje bij Keane. Ze lijken het, zeker onderling nooit zo heel erg gezellig te hebben. Ook de zanger, Tom Chaplin, had het niet makkelijk. Drugs, drank en de rest van de haast gebruikelijke zooi waar elke band vroeg of laat mee te maken krijgt. En nu, al sinds 2014, is men een sabbatical aan het vieren. Wat is dat toch?

Anyway, de band maakte een meer dan indrukwekkend debuut in 2004 met het album Hopes and Fears met daarop monsterhits als Somewhere Only We Know, Everybody’s Changing, Bend and Break maar ook het ijzingwekkend mooie Bedshaped.

Na dit album ging het dus, met uitzondering van alsnog wel de nodige hits, een beetje downhill.

Het dieptepunt was toch wel de in 2010 verschenen EP Night Train, iets dat ik nogal vreemd vind voor een gevestigde band. Een EP is altijd vrij inspiratieloos voor een niet beginend artiest, toch?

Het album, EP, of hoe je het beestje ook wilt noemen, was een draak. De grootste hit waar alles omheen kleefde, was Stop For A Minute, met K’naan. U weet wel, de Somalisch-Canadese boywonder die heel de wereld ging veroveren. Weet iemand waar hij sinds 2010 is gebleven? Juist.

Een minder opvallend nummer op de EP was het nummer Your Love. Maar toch viel het me op, in positieve zin. Het is namelijk een nummer dat gezongen wordt door Tim Rice-Oxley, de toetsenist en hofleverancier qua songteksten van Keane.

Het nummer is gelijk erg catchy-80’s-retro-synthesizer. En daar moet je natuurlijk van houden. Net zoals ik (soms denk ik wel eens dat er stiekem ergens in mij een hele grote 80’s fetisjist zit, inclusief foute garderobe en hoogblond omhoog geföhnd haar. No shame).

Als je het nummer luistert is het al vrij snel duidelijk waarom Rice-Oxley niet vaker naast Tom Chaplin te horen is als vocalist. Maar dat maakt niet uit toch, gooi er een vocoder overheen en hup, daar komen we die 4,5 minuut wel mee door.

En tóch verdient het nummer het om uit zijn schaduw gerukt te worden omdat er toch wat aan vastkleeft dat het net wat bijzonderder maakt dan de rest op deze behoorlijk crappy EP die men beter Train Wreck in plaats van Night Train had kunnen noemen. Al is het alleen maar om Rice-Oxley te bedanken voor zijn schrijfkunsten.

Bij deze.

Afbeelding: D’Arcy Wretzky

 
 

1 Comment

  1. tjal

    Mijn favoriet: The Black Crowes – Oh sweet nuthin’. Broertje Rich zingt.

    https://www.youtube.com/watch?v=lf9-BCix4io

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *