Je hoort het vaak: het gaat niet om de bestemming, maar om de reis ernaartoe. Een mooie tegeltjeswijsheid. Maar wat als je eigenlijk helemaal niet weet waar je naartoe gaat? Omdat je vooral ergens heel graag níét wilt zijn. Of omdat de bestemming verandert zodra je denkt dat je haar bereikt hebt?
Popmuziek staat vol met dat soort reizen. Liedjes waarin de weg minstens zo belangrijk is als het eindpunt. Het favoriete vervoermiddel is daarbij opvallend vaak de auto, soms de benenwagen of de fiets. De reis is de ideale plek om te denken, te twijfelen, te vluchten of juist terug te verlangen. Een tussenruimte waarin alles even kan bestaan.
Niet iedereen zit daarbij op dezelfde weg. Voor sommigen maakt de bestemming nauwelijks uit, zolang de gitaar maar meegaat (Tim Knol – Wandering Heart). Anderen peddelen liever doelloos genietend rond, zolang er maar geen betonpoalties in de weg staan (Skik – Op Fietse). Er zijn reizigers die door omstandigheden de route niet zelf bepalen en maar moeten hopen dat ze heelhuids aankomen (Wilco – Passenger Side), terwijl een ander juist gedecideerd koers zet richting een glas glühwein (Chris Rea – Driving Home for Christmas).
Maar de interessantste reizen zijn zelden letterlijk. De snelweg wordt een metafoor. Voor voorstedelijke verveling en sociale onrust (Sports Team – M5). Voor flarden van herinneringen die zich als een snelweg aan gedachten aandienen (Spinvis – De Grote Zon). Of voor een zoektocht naar de ultieme verklaring van het bestaan, waarvan je eigenlijk al weet dat die nooit gevonden zal worden, al vind je het goddelijke deeltje. Niet de oplossing, maar dromen en chaos vallen je ten deel (Nick Cave – Higgs Boson Blues).
Adam Schlesinger (1967-2020) schreef met I-95 voor mij het ultieme liedje over reizen en bestemming. Geen heldenepos over vrijheid op de snelweg, maar een klein verhaal over toewijding. We ontmoeten de verteller, op weg van hemzelf naar haar, via Interstate nummer 95. Hij bevindt zich grofweg tussen de Canadese grens met Maine en het zuiden van Miami, Florida. We kunnen het gezien de prullaria in het tankstation wat beter specificeren: Virginia.
They’ve got most of the Barney DVDs
And coffee mugs and tees that say Virginia is for Lovers
But it’s not
‘Round here it’s just for truckers who forgot
To fill up on gasoline
Back up in Aberdeen
Die beroemde slogan, ‘Virginia is for Lovers’, krijgt een prachtige draai. Voor toeristen klinkt het romantisch. Voor hem is Virginia vooral een plek om te tanken, koffie te halen en weer door te rijden. De liefde bevindt zich niet op de snelweg, maar aan het einde ervan.
Toch wringt er iets. Hoe langer je luistert, hoe meer de reis een doel op zichzelf lijkt te worden. De monotonie krijgt iets hypnotiserends. Rijden. Tanken. Koffie. Radio. Nog een afrit. Nog een paar honderd kilometer. Er sluipt een bijna Kraftwerkiaans fahren, fahren, fahren in zijn bestaan. Wanneer hij zich heel even laat meevoeren door zijn gedachten, wordt hij bijna van de weg gereden door een roekeloze bejaarde in een bestelbus. Alsof het lied hem waarschuwt: niet dromen. Blijf opletten. De bestemming wacht.
Het knappe van I-95 is dat de liefde nergens groots wordt uitgesproken. Er zijn geen grootse beloften, geen dramatische ontboezemingen. Zijn liefde blijkt uit zijn gedrag. Uit de bereidheid om diezelfde lange rit steeds opnieuw te maken. Liefde als werkwoord. Kilometer na kilometer.
Misschien is daarom Michael And Heather At The Baggage Claim, van hetzelfde album Traffic And Weather, voor mij het onofficiële vervolg op I-95. Daar zijn ze eindelijk samen aangekomen. Tenminste, lichamelijk. Intussen zijn de koffers zoek. Ook wanneer je denkt dat je bestemming bereikt hebt, begint het zoeken gewoon opnieuw.
En misschien is dat uiteindelijk de enige conclusie die al die road songs delen. Anders dan bij Bob Dylans Highway 61 Revisited, waar de snelweg een surrealistisch decor wordt voor de waanzin van Amerika, is de weg in I-95 geen oplossing voor alle problemen. Hij ís het leven zelf: een eindeloze opeenvolging van tussenstops, afritten en nieuwe vertrekken.
Bestemmingen bestaan misschien helemaal niet. Alleen plaatsen waar je besluit nog één keer te tanken. En verder te rijden.
“Waar kan ik heen, ik kan niet naar Duitsland. Wil niet naar Duitsland, daar zijn ze zo streng.” Waar we deze vakantie wel naar toe gaan? Naar Leeds, Belgrado, Havana en uiteindelijk weer naar huis. Een hele maand songtitels en bandnamen met de mooiste bestemmingen. “En de USSR….dat gaat me net te ver.”
