Dood. Niets aan te doen, schreef de stichting Wim T. Schippers in een overlijdensbericht (en verder niks). Wim T. Schippers is niet meer. De wereld is een stukje minder leuk nu. En een stukje minder muzikaal.

Over de kunstenaar Wim T. Schippers is de laatste tijd al genoeg geschreven. Over de taalvernieuwer eveneens. Reeds. En sowieso over Bert en Ernie. Of Juliana. Maar wat minder bekend is, is dat hij als tv-regisseur Nederland kennis liet maken met allerlei nationale en internationale acts – van avantgarde tot disco. Dat begon al in het legendarische programma Hoepla (waar helaas nauwelijks opnames van bewaard zijn gebleven). We zien Frank Zappa en The Mothers of Invention voorbij zweven in allerlei psychedelische montages. Maar in dezelfde uitzending zingt jodelaarster Olga Lowina een lentelied om de koude winter te doen vergeten. Een paar jaar later volgde de complete chaos in Sjef van Oekel’s Discohoek. Ik zal niet licht vergeten hoe iemand als Donna Summer probeerde zich staande te houden tussen alles wat expres fout ging. En Captain Beefheart stond verbaasd en hulpeloos te kijken. Tegen zoveel anarchie kon zelfs hij niet op.
Dolf Brouwers alias Sjef van Oekel was ook Waldo van Dungen. Die laatste startte een sexclub en de huisband daar was niemand minder dan… Luv. You Are Welcome in Waldolala werd een grote hit.
En dan hebben we het nog niet eens gehad over Wim T. Schippers’ alter ego Harko Wind, die eind jaren zeventig begin jaren tachtig bekende hits heel letterlijk vertaalde in het Nederlands. Bijvoorbeeld die van Kiss. Het liep voor geen meter, maar het resultaat was hilarisch!
Vlak daarna leerde Wim T. Schippers muzikant en componist Clous van Mechelen kennen. In de Schippers-series speelde die het karakter Jan Vos. (Ik ben Jan Vos, ik ben Jan Vos, en als ik speel, dan gooi ik alle remmen los.) Samen met hem schreef Wim T. Schippers hon-der-den liedjes en jingles, de ene nog absurder dan de ander. Luister de über-chaotische radioshows Ronflonflon met Jacques Plafond uit de jaren tachtig nog maar eens terug. Die zitten er vol mee.
Het is ontzettend grappig, al die onzin die Schippers en Van Mechelen produceerden. Vrolijke liedjes met teksten als Een tulp al in een vaasje / een wipje in het hooi / bazinnetje boven baasje / wat is het leven mooi. Maar het ging allemaal wel ergens over, zo vertelde Wim T. Schippers mij toen wij hem begin jaren 00 opzochten op de set van het toneelstuk Zonder Titel. (Zie de foto’s van Sjef Prins.)

Hij werd filosofisch. Eerst was er niets, zo toont hij aan. Dan wordt je geboren, je loopt een tijd rond op dees’ aardkloot en vervolgens ga je dood. Dan is er weer niets. Wat heeft dat allemaal voor zin?, vroeg hij terwijl hij mij indringend aankeek. De zin van het leven boeide hem niet. Hij kwam uiteindelijk op zijn hamvraag… Waarom is er niet niets?

Die gedachten komen het mooist naar voren in het nummer Komen En Gaan, dat hij schreef voor het toneelstuk Sans Rancune. In het script staat het als volgt: Scène 1. Bilthoven en omgeving (exterieur): avondringwegen, flatgebouwen, avondverkeer. En vervolgens zingt Wim T. Schippers himself:
Ik kijk naar het komen en gaan,
naar het onophoudelijk gekrioel.
En weer bekruip mij het gevoel:
waarnaartoe, waarvandaan
en waarom doe ik mee aan het gewoel?Waarom werd ik geboren?
Waarom ga ik dood?
Daarover hoor je niks van tevoren.
Plompverloren wordt je lotgenoot.
Voordat je ’t snapt ben je al ingestapt
en moet je voor je leven rondjes rennen.
Straks word je er gewoon weer uitgetrapt,
net als het misschien wat wou wennen.
Vaarwel Wim T. Schippers. Je was een verrijking van het leven.

Foto’s: Sjef Prins
