“Als ik iets met woorden wilt, dan pakt ik wel een boek“. Of Jules Deelder dit exact zo zei, geen idee. Het zou wel kunnen zijn, Deelder had enige weerzin tegen de gezongen tekst. Voor Chet Baker maakte hij nog wel een uitzondering, maar het gros van de zangers en zangeressen kon hem gestolen worden.
Dan had Deelder misschien wel zijn hart op kunnen halen bij Kong, de hardrockband uit Amsterdam. Alhoewel, uit Amsterdam. Dat was misschien al een probleem geweest. Daarnaast, de gitaar was de koekoeksjong van de muziek. In de oren van Deelder dan. Ooit niet meer dan een ritme-instrument (en dat hoor je in ska en reggae natuurlijk nog steeds terug) maar inmiddels douwt de gitaar alle andere instrumenten het podium af. Met solo’s en aandachttrekkerij.
Laat bij Kong nou de gitaar een vrij prominent instrument zijn. Kong had in 1992 een zeer, zeer bescheiden doorbraak. In de eerste plaats met de wijze van zich presenteren: Kong stond er om bekend dat ieder instrument een eigen podium had en dat ieder podium in de hoek van de concertzaal stond. Hiermee werd een quadrafonisch effect bereikt, althans dat was de bedoeling. Ik heb het nooit in levende lijve ervaren. In die tijd woonde en studeerde ik in Tilburg. Concertzaal Noorderligt was bekend om de oplopende trappen; het was immers een oude bioscoopzaal. Voor vier afzonderlijke podia met quadrafonisch effect leek me daar geen ruimte. Kong was een graag geziene gast op Dynamo Open Air, daar hadden ze het ene festivalpodium toch ook maar naast en achter elkaar te delen. Op een festivalterrein ook geen quadrafonisch effect. Kong bereikte een groter podium overigens, in overdrachtelijke zin. De muziek bracht deze fijne band ook buiten de landsgrenzen, met een Europese tour. Rond 2000 ging Kong met onbepaald sabbatical. Na 2009 stroomde het bloed zoals het stroomde, wat Kong bracht op podia in onder meer Zwitserland, België en Duitsland.
Als die vier podia alles was, dan was Kong zeker aan aandacht ontsnapt. Het gaat om de muziek, immers. Phlegm was de buitengewoon fijne plaat die destijds toch wel enige aandacht trok. Volledig instrumentaal. Heel melodieus. En stevig. Sinds ik heb bedacht dat ik iets over Kong wilde schrijven, zit die op de streamer in de repeat. Phlegm blijkt prima werkmuziek. Hoogst origineel, goed in het gehoor liggend, virtuoos gespeeld.
En om meteen zelf een hardrock-/metal-ergernis te benoemen: de zang houdt vaak liefde voor metal tegen. Grunt of hysterische Ronny James Dio / Robert Plant-glam: ik heb er lang niet altijd zin in. Dat is net het mooie van instrumentale metal. Want als ik iets met woorden wilt, dan pakt ik wel een boek. Ja toch niettan.
On-Nederlands Goed is een vreselijke term. Misplaatst calvinisme. En daarmee typisch Nederlands. On-Nederlands Goed impliceert dat er normaal gesproken weinig soeps uit Nederland komt en dat de uitzondering die regel bevestigt. Wat een flauwekul. Er komt al decennia fantastische, schitterende, geweldige, toffe muziek uit Nederland. Aandacht voor vergeten parels en nooit ontdekte muzikale schatten. Uit Nederland.
