Tot in lengte van dagen zullen mijn gezin en ik We Are Family van Sister Sledge associëren met de periode tussen Kerst en Oud & Nieuw. Drie presentatoren verder wordt het nog altijd gebruikt als intro van televisieprogramma Top 2000 à Go Go. Terwijl het nummer tegenwoordig niet eens meer terug te vinden is in de zelfverklaarde schatkamer van de Top 2000. Een geheide kandidaat voor onze terugkerende reeks Top Noch Snob, maar eigenlijk een gotspe. Zo’n vrolijk makende discokneiter kunnen we goed gebruiken tijdens de donkere dagen, die er de laatste jaren bepaald niet lichter op lijken te worden.
Bij afwezigheid in de lijst van grote broer zullen het moeten doen met Le Freak van Chic. Nile Rodgers en maatje Bernard Edwards hadden er net een dikke hit mee te pakken, toen zij gevraagd werden om een beslissende slinger te geven aan de carrière van Sister Sledge. Driemaal is scheepsrecht: met dit derde album liep het schip eindelijk binnen. En hoe: als een vliegdekschip met oplichtende discovloer, waar het dansen nooit meer op hoefde te houden. Een onverbloemde Chic-plaat, in all but name. Het trefzekere knoppenwerk van Rodgers en Edwards betekende de definitieve doorbraak van de vier getalenteerde zussen uit Philadelphia: afgezien van titelnummer bevatte de plaat He’s The Greatest Dancer, Thinking Of You en als kers op de taart het onsterfelijke Lost In Music.
Fast forward naar 1993: The Fall was niet vies van een cover meer of minder. Een garagerocker hier (Mr. Pharmacist van The Other Half), een Northern Soul-klassieker daar (R. Dean Taylor’s There’s A Ghost In My House) en zelfs voor Victoria van The Kinks draaien Mark E. Smith en consorten hun hand niet om. Sterker: voor het eerst in zijn geschiedenis belandde de band in de Britse hitlijsten. In de tweede helft van de jaren 80 kietelde de innovatiefste aller punkbands de onderste regionen, uitgerekend met covers.
In 1993 maakte de band de overstap naar het Amerikaanse label Matador. Om de Amerikanen warm te maken voor de ijzige noorderlingen en hun staccato postpunk gooiden The Fall er een cover van een onvervalste discoklassieker tegenaan: Lost In Music. Albums The Infotainment Scan noch opvolger Middle Clas Revolt verkochten er beter door, maar het leverde wel een publieksfavoriet op. In handen van Mark E. Smith klonk de sexy discoklassieker als het ultime eerbetoon aan het geluid van de Chic Organization…
…met dien verstande, dat een obscuur Nederlands bandje uit Delft ze voor was geweest. In hun korte bestaan brachten de Paradogs slechts een matig klinkend album en één single uit. Voor die laatste hadden ze schoorvoetend toestemming gekregen van de meester: zicht op royalties won het van Nile Rodger’s matige enthousiasme voor de Paradogs’ cover van Lost In Music (Hij vond er geen kut aan, aldus gitarist Jaap Deelstra). Op twee snelheden: een slepende versie werd gedelegeerd naar de B-kant, terwijl de snelle versie op de A-kant verdacht veel doet denken aan de latere uitvoering van de Fall. In een interview met Delftse pop-chroniqueur Jimmy Tigges deden Deelstra en bassist Eric Geevers hun verhaal over de even korte als heftige bandgeschiedenis en hun cover van een Philadelftse discogroep.
Dat leverde verhalen op over ongeleid projectiel van een zanger Toon van Bodegom, afgestudeerd in erotiek en lustbeleving en getuige zijn teksten volledig door seks geobsedeerd. Echt goed zingen kon hij niet, maar volgens Geevers beschikte Toon over de overredingskracht om de paus het bordeel in te lullen. Dat kwam goed van pas: in no time stonden de Paradogs in het voorprogramma van de Ramones en deelden een kleedkamer met Nirvana op het roemruchte festival Ein Abend In Wien (1991). Het was oprichter en drummer Jelle van Buuren, die tekenaar Peter Pontiac wist te strikken voor het hoesontwerp van de single. Het voerde te ver om de Paradogs een plek te geven in onze wekelijkse rubriek On-Nederlands Goed, maar alleen al om die hoes lijkt een plek in deze cover story me ruimschoots verdiend.
