Ondergewaardeerde Liedjes


Neil Young-battle

Zelden is het woord ‘battle’ beter op haar plek dan bij Neil Young. Het aantal protestacties waaraan hij heeft deelgenomen zijn allang niet meer op de vingers van twee handen te tellen. In 2016 nog was hij aanwezig bij Standing Rock Indian Reservation, waar door de oliemaatschappij en overheden besloten was de Dakota Access Pipeline door een Sioux-reservaat te trekken en dus de rechten van de inheemsen met voeten zouden worden getreden. Het tegenhouden zou een kortstondig succes blijken te zijn; één van Donald Trump’s eerste daden was de wet aan te passen, zodat de groot-kapitalisten hun winsten verder kunnen opschroeven. Maar hij is ook bij andere acties tegen mens en milieu, en machtsmisbruik prominent aanwezig. En bijvoorbeeld Farm Aid; de lijst is ellenlang. En dan laten we de ruzies met platenmaatschappijen nog maar even buiten beschouwing.

Hij is hoogst persoonlijk verantwoordelijk voor de Lynyrd Skynyrd-hit Sweet Home Alabama. Zij schreven het lied als reactie op de opmerkingen van Young over de Zuidelijken en hun raciale scheiding. I hope Neil Young will remember, a Southern man don’t need him around anyhow.

Hij is een meester in het overbrengen van zijn ideeën en overtuigingen in zijn muziek. Met meer dan 50 albums op zijn naam behoort hij tot de allergrootsten in de popmuziek. We hebben een paar onbekende juweeltjes opgedoken.

Keuze Willem Kamps: Buffalo Springfield – Expecting To Fly (1967)

Vlucht naar het niets

Ondergewaardeerd, tja wat is ondergewaardeerd? Waardering heb je in allerlei gradaties. Net zoals ergens sterren aan geven, een film, een boek of een restaurant. Het is en blijft iets persoonlijks, een kwestie van smaak vooral, en stemming. Muziek versterkt het moment en andersom. Ook zou het wel eens leuk zijn óvergewaardeerde liedjes aan de orde te stellen. Maar goed, ik stel die vraag vanwege Expecting To Fly van Buffalo Springfield, geschreven door Neil Young. Dit prachtige nummer wordt alom gewaardeerd, maar in mijn ogen toch echt onvoldoende. En, getuige die vermaledijde Top 2000, zelfs in afnemende mate, want in de laatste twee edities komt het nummer niet eens meer voor! On- en onvoorstelbaar.

Begin jaren zeventig is dit nummer uit december ‘67 echt onder mijn huid gekropen. In die tijd luisterde je als muziekliefhebber naar Radio Veronica. In Hilversum was er nog weinig te beleven en internetradio of streamingsdiensten waren nog science fiction. Aan het eind van de dag, het laatste uurtje zendtijd – voordat Veronica tot de volgende morgen zeven uur uit de lucht ging – had je Tineke met LP-tracks. Zij sloot haar programma dagelijks af met Expecting To Fly. Stel je eens voor, dat langzame uitsterven van de orkestklanken en vervolgens de totale stilte, en dat dan in bed, in het donker met je transistorradio naast je hoofd. Enkel nog wat vage ruis die het niets, de stilte, slechts versterkte. Slik.

Elke dag wist je dat het eraan zat te komen, deze gevoelige opmaat naar dat niets. Het intro, met achtereenvolgens orkest, gitaar en dan die wonderschone openingsregel:

There you stood on the edge of your feather
Expecting to fly

Zo godvergeten mooi en dat gezongen door Neil Young met dat kenmerkende hoge, zwevende, wat wankele stemgeluid. De verwachting van het vertrek wordt vervolgens bevestigd:

While I laughed I wondered whether
I could wave goodbye
Knowin’ that you’d gone

De vlucht, wetende dat je er niet meer bent en dan die ruis van de leegheid, het grote niks, op mijn radiootje, aan het eind van de dag. Alsof je op de rand van de tijd staat. Komt er nog wel een volgende dag?

Keuze Freek Janssen: Here We Are In The Years (1968)

‘Op eenvoudige, directe wijze drukt hij de emoties uit die door zijn ziel gaan’

Als het even kan, gebruik ik het liefst mijn eigen woorden om te beschrijven waarom ik een artiest zo waardeer. Dit keer moet ik echter mijn meerdere erkennen in de Franse schrijver Michel Houellebecq. In het verzamelde werk De Koude Revolutie schreef hij over Neil Young:

Je zou de muzikale weg die Neil Young heeft afgelegd (een incoherente, ongecontroleerde, maar altijd verpletterend oprechte weg) kunnen vergelijken met de levensloop van een manisch-depressieve persoon; of met de weg die atmosferische storing aflegt door een streek van bergen en dalen. Je hebt echt de indruk dat hij het dichtstbijzijnde muziekinstrument oppakt en – op eenvoudige, directe wijze – de emoties uitdrukt die door zijn ziel gaan… De perfectie bij Neil Young is fragiel, ze ontstaat midden in de chaos. 

Here We Are In The Years, dat ik dankzij dit korte essay leerde kennen, omschrijft Houellebecq als ‘vertrouwd en verontrustend, het roept de fonkelende middagen in de romans van Clifford Simak op.

Ik denk dat ik die Simak maar eens moet gaan lezen.

Bonusmateriaal: eerder schreef ik al eens op Ondergewaardeerde Liedjes over een ander favoriet liedje van ome Neil: Don’t Let It Bring You DownIt’s only castles burning.

Bonusmateriaal 2: Dankzij de Snob 2000 kwam ik op het spoor van de samenwerking die Neil Young ooit heeft gehad met R.E.M. Samen speelden ze Country Feedback. Dwars door de ziel, dames en heren.

Tenslotte, ook ontroerend: een gastoptreden bij de Amerikaanse talkshow Jimmy Fallon. I’m a lot like you are.

Keuzes Richard Rombouts: See The Sky About To Rain (1971) & Be The Rain (2003)

Een man met een geweten

Niemand kan zo mooi vals zingen als Neil Young. Soms klinkt zijn stem als vingernagels over een schoolbord, maar toch luister ik graag en vaak naar Shakey; een koosnaam gegeven door vrienden nadat ze door Young gemaakte filmpjes hadden bekeken. Het verbaast mij wel dat hij überhaupt vrienden heeft, want de man is vrij asociaal en sommigen typeren hem zelfs als schizofreen met aan de éné kant de spontane Neil en aan de andere kant de control-freak. In zijn biografie maakt hij gehakt van zijn maatjes Crosby, Stills en Nash: respectievelijk een drugsverslaafde hippie walrus met hepatitis C, een nepsoldaat die gigantische ladingen coke door zijn neusgaten heeft gezogen en zich laaft in niet bestaande Vietnam-herinneringen, en een pretentieuze muzikant.

Het is vrijwel onmogelijk om het aantal releases van Young bij te houden en in alle eerlijkheid zijn de albums daardoor niet consistent van kwaliteit. Enerzijds ben ik een fan van zijn langgerekte gitaarsoli (en dan het liefst met Crazy Horse), maar tegelijkertijd kan ik verdrinken in zijn gevoelige ballades. In de regel is hij het beste ’s avonds in een vrijwel donkere kamer te beluisteren, met een glas whiskey binnen handbereik. De zintuigen op maximaal en geen verstoring van de muziek. Natuurlijk heb ik mijn favorieten in de stapel van 25+ albums: On The Beach, Harvest, Ragged Glory, Harvest Moon, Greendale en de bootleg Born To Rock & Roll komen vaker dan gemiddeld voorbij. En daarom kan en wil ik geen keuze maken tussen zijn ballads en zijn elektrische geweld.

Ik kan zelden een glimlach onderdrukken wanneer de oude mopperpot en milieuactivist hedendaagse onderwerpen en de grootmachten op deze wereld onder de loep legt. Neem See The Sky About To Rain. De melodie en de tekst volgen het thema van milieuverontreiniging dat hij met After The Gold Rush had ingezet: zure regens als gevolg van de uitstoot van verbrandingsgassen.

In 2003 pakt hij dit gegeven voor de zoveelste keer (gelukkig) op in Greendale: een rockopera over een fictief kustplaatsje, dat te maken krijgt met corruptie, de macht van de media en misdaden tegen het milieu. En regen, weer die regen. Het is dieptreurig om te moeten constateren dat er 32 jaar na See The Sky About To Rain helemaal niets veranderd is.

In Be The Rain benoemt hij de consument, de regering(en), de oliemaatschappijen en de fabrieken. Allen zijn schuldig aan het verzieken van het milieu. Niemand neemt verantwoordelijkheid, iedereen denkt slechts vanuit zijn beperkte belevingswereld. En winst….grove winsten ten koste van alles. Schijt aan de flora en fauna, schijt aan de mensen, schijt aan de toekomst. De aandeelhouders, de eigenaren, de belastinginkomsten. Nu! Alles moet wijken voor de hebberigheid en kortzichtigheid.

Zoals gebruikelijk waren de meningen van de critici verdeeld, maar ja….die zijn net zo schuldig. Er is ook een filmversie gemaakt, geregisseerd door Bernard Shakey (a.k.a Neil Young). Verreweg de meeste uitspraken zijn door de acteurs nagesynchroniseerd, maar de synergie tussen hen en Young met Crazy Horse op het podium maakt het geheel een feest om naar te kijken. Het gehele album is een statement: qua muziek en standpunt. Of zoals Neil Young het zelf stelt: You can make a difference if you really try. Be The Rain.

Be the ocean when it meets the sky
Greek freighters are dumping crap somewhere right now
Be the magic in the northern lights
the ice is melting!
Be the river as it rolls along
toxic waste dumpin’ from corporate farms
Be the rain you remember fallin’
be the rain, be the rain
Save the planet for another day

Extra keuze Willem Kamps: Neil Young & Crazy Horse – Come On Baby Let’s Go Downtown (1975)

Gezellig naar de stad

Voor zover mij bekend – ik heb de beste man nooit ontmoet – is Neil Young qua persoonlijkheid een wat nukkige, eigenzinnige man, die het liefst zijn eigen plan trekt. De bands waarin hij zat, waren geen lang leven beschoren. Buffalo Springfield en Crosby, Stills, Nash & Young, werden vrij vlot door hem verlaten en met Crazy Horse heeft ie een soort latrelatie en dan meer apart dan together.

Nee, het zonnetje in huis is Neil nooit geweest. Aan zijn stem hangt een traan en er zit iets zeurderigs in zijn dictie, waardoor al luisterend er snel een zekere weemoed over je komt. Dat wordt versterkt door de weinig optimistische teksten en melodieën. Neem bijvoorbeeld After the Goldrush, Old Man of The Needle and the Damage Done. Hij raakt die weemoed pas een beetje kwijt wanneer hij zich ergert of kwaad wordt, zoals in Keep On Rockin’ in the Free World of This Note’s For You.

Vrolijkheid is spaarzaam. Een lichte opbeurendheid hoor je terug in Come On Baby, Let’s Go Downtown, al is dit eigenlijk een pas-op-tekst: kijk uit voor de verkeerde mannen met de verkeerde bedoelingen. Het repeterende refrein met het optimistische let’s go downtown – ja, leuk toch, gezellig naar de stad – doet gelukkig anders vermoeden. Gewoon meezingen dus en trek je verder niet teveel aan van Neils tranendal.

Keuze Martijn Vet: You And Me (1992)

Het idee om naar een Neil Young-nummer van ná 1980 te moeten luisteren, viel niet in goede aarde

Onze gitaarleraar had een optreden voor ons geregeld. Niet zomaar een optreden: nee, onze eerste buitenlandse show! In een knus Duits caféetje, op tien minuten rijden van onze woonplaats, mochten we een liedje van Neil Young spelen tijdens een tribute-avond.

Wij snobjes kozen natuurlijk niet voor een standaardliedje als Rockin’ in the Free World of Heart of Gold. Nee, de keuze viel op een relatief nieuw (en voor ons veel te ingewikkeld) nummer. You And Me van de plaat Harvest Moon, een vervolg op de twintig jaar eerder verschenen klassieker Harvest.

We wisten ons optreden aardig te verknallen. Die moeite hadden we niet eens hoeven doen, want bij de aankondiging van onze bijdrage werd het al rumoerig in het zaaltje. We kregen nog net geen Duitse bierdouche, maar het idee om naar een Neil Young-nummer van ná 1980 te moeten luisteren, viel bepaald niet in goede aarde bij de andere fans, hoofdzakelijk langharige zestigplussers.

En zo bleef het wonderschone You And Me tot op de dag van vandaag zwaar ondergewaardeerd.

Keuze Ronald Eikelenboom: Guitar Solo, No. 4 (1996)

Meer sfeer dan muziek

Misschien wel het meest rare album in de catalogus van Neil Young is de soundtrack van Dead Man: de Jim Jarmusch film over een bange boekhouder, die op de vlucht is en een indiaan genaamd Niemand. Zes gitaar solo’s en één orgel solo, aangevuld met flarden dialoog uit de film en geluiden van een rijdende auto. Meer sfeer dan muziek, meer collage dan song. Eerder iets voor een ballet dan voor een film. Maar gek genoeg werkt het, zowel in de film als los van de soundtrack.

Keuze Danny den Boef: Razor Love (2000)

Onverslijtbaar

Wie is Neil Young zegt, denkt toch al snel aan de muziek die hij maakte in de jaren ’60 en ’70. Waanzinnige muziek, geweldige albums, en natuurlijk de schitterende samenwerking met Crosby, Stills en Nash. In het grootste deel van de jaren ’80, ging hij een beetje ‘off-road’. Die periode is, laat ik het voorzichtig uitdrukken, niet mijn favoriete periode. Maar goed, experimenteren hoort erbij. En zeker in de muziek. Hij eindigde de jaren ’80 uur geval met een behoorlijke knal in de vorm van de single Keep On Rockin’ In The Free World. Kolere, wát een plaat blijft dat zeg, zelfs vandaag de dag!

Neil Young is alles behalve de doorsnee artiest. Hij heeft maling aan wat anderen van hem denken, doet gewoon wat hij het liefste doet (muziek opvreten en uitademen) en hij is gewoon lekker zijn lekkere zelf. Een beetje shabby, wars van modehype’s, lichtelijk chagrijnig, maar altijd vol overgave. Je speelt of voluit, of niet. Dat lijkt het motto van Young. Ik hou ontzettend veel van dat alles, ik waardeer dat in een artiest. Daarom heb ik ook al vele jaren een zwak voor Neil Young. Niet dat ik een extreem grote fan ben die al zijn platen in de (digitale) kast heeft staan, maar altijd als ik het luister voelt het vertrouwd en fijn aan. Prachtig.

Toen ik dit nummer koos, Razor Love, om het digitale zwaard te trekken en ten strijde te trekken in deze battle, ging ik pas wat achtergrondinfo Googlen. Het nummer duurt relatief lang (maakt mij niet uit, ik waarschuw alleen alvast aangezien steeds meer mensen de aandachtsspanne hebben van een pot zoet-zure augurken) en is ijzingwekkend mooi. Het verbaasde me enorm dat het nummer op een album uit 2000 stond. Het klinkt namelijk enorm Neil Young uit de 70’s. Muzikaal héél klein, rustig en voorzien van de kenmerkende Young mondharmonica. Het nummer Razor Love is al een stuk ouder, kwam ik al snel achter. Hij heeft het in de jaren ’80 en ’90 met regelmaat gespeeld tijdens concerten. Pas op het album Silver & Gold, uit 2000 dus, stond het nummer voor het eerst op een album.

Ik weet niet wanneer ik het nummer voor het eerst hoorde, maar ik heb het altijd al bloedstollend mooi gevonden.

But I got faith in you,
It’s a razor love
That cuts clean through

Een jaar of twee geleden kwam het nummer ineens voorbij in de eveneens prachtige serie Transparant. En dat gaf het nummer een nieuwe dimensie die het zo mogelijk nog mooier maakte.

Neil Young is een muzikaal genie. En dan is het altijd lastig om te kiezen. Voor mij is er echter één nummer dat elke keer weer naar boven komt. Razor Love. Onverslijtbaar.

 

 
 

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *